Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen.
Origineel
Handgeschreven brief met ambtelijke kanttekeningen. 27 oktober 1942 (met latere afdoening op 17 november 1942). [Linksboven, stempel/schrifte:]
Nº 46 A/1/37 M. 1942 27/10
[Rechtsboven, aantekening:]
A.s. Maandag visch in comm.
Volendam 27 Oct. 1942.
[Geadresseerde:]
Weledele Heer Directeur.
[Inhoud:]
Naar aanleiding van ons onderhoud met Directeur van de Ned: Visscherij Centrale inzake het verkrijgen van mosselen voor de Volendammer vischventers die in Amsterdam venten deelen wij u het volgende mede:
Op onze vraag aan de Directeur of hij wilde bewerken dat wij mosselen konden krijgen, heeft de Directeur ons naar Amsterdam verwezen als zijnde ’n zuivere Amsterdamsche aangelegenheid. Hij was van oordeel dat Amsterdam alle pogingen in het werk moet stellen om de mosselen voor ons te verkrijgen daar deze in Amsterdam uitgevent worden.
Weledele Heer Directeur moge wij u beleefd verzoeken deze mosselen aangelegenheid voor ons ter hand te nemen en te verkrijgen dat wij op kort termijn met mosselen kunnen gaan venten in Amsterdam.
Gaarne bereid u alle inlichtingen zoonoodig mondeling te verstrekken.
Teekenen wij met Hoogachting namens de Volendammer venters.
[Ondertekening:]
J. Schilder Kathammerstraat 2 Volendam
L. Koning Bargstraat 2 Volend.
[Onleesbare handtekening]
[Kanttekening linksonder, ander handschrift:]
Kan als afgedaan worden beschouwd. Aan Koning en Tuijp medegedeeld, dat de heer Heimerichs het verzoek om de Volendammers voor hen een extra voorraad mosselen per week beschikbaar te stellen, niet kan inwilligen.
17-11-42
deBoer [?]
[Rechtsonder, administratieve krabbels:]
apl. 20/11 42 Het document is een formeel verzoekschrift van Volendammer visboeren aan een Amsterdamse directeur (vermoedelijk van de Marktwezen of Voedselvoorziening). De kern van de zaak is de distributie van mosselen. De schrijvers hebben eerst aangeklopt bij de landelijke instantie (de Nederlandsche Visscherij Centrale), maar die schoof de verantwoordelijkheid door naar de gemeente Amsterdam, omdat de verkoop daar plaatsvindt.
De brief toont de bureaucratische strijd om handelsproducten tijdens de bezettingsjaren. De afloop is negatief: uit de kanttekening van 17 november blijkt dat het verzoek door een zekere heer Heimerichs is afgewezen. Er werd geen extra voorraad mosselen beschikbaar gesteld voor de Volendammers. De datum (oktober 1942) plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de bezetting was de distributie van voedsel, waaronder vis en schelpdieren, streng gereguleerd door de overheid via verschillende 'Centrales'.
Volendam had traditioneel een grote groep 'visventers' die met karren in Amsterdam hun waar verkochten. Vanwege de oorlogsschaarste en de rantsoenering was het voor deze zelfstandige ondernemers essentieel om officiële toewijzingen te krijgen. De genoemde "Heimerichs" is waarschijnlijk L. Heimerichs, die destijds een belangrijke ambtenaar was bij de Amsterdamse Voedselvoorziening/Marktwezen. De afwijzing van het verzoek wijst op de toenemende schaarste en de strakke handhaving van de distributieregels in die periode. J. Schilder L. Heimerichs L. Koning Gemeente Amsterdam Marktwezen