Officiële kennisgeving / brief (doorslag van een besluit).
Origineel
Officiële kennisgeving / brief (doorslag van een besluit). 9 maart 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Visafslag Amsterdam). [Handgeschreven rechtsboven:] Vischmarkt
[Handgeschreven bovenaan:] Verzonden 9/3
[Rechtsboven:] HG.
[Linksboven:] 46A/21/6 M.
[Rechtsboven:]
den Heer I. Ereira,
Transvaalstraat 54 II,
Amsterdam-Oost.
[Rechts:] Wijk 20.
[Rechts:] 9 Maart 1942.
Mij is gerapporteerd, dat U zich niet hebt gehouden aan de
bepalingen van het door de Nederlandsche Visscherijcentrale uitgevaar-
digde Reglement voor de verdeeling van visch in den Gemeentelijken
afslag, alhier.
Op grond van het bepaalde in artikel 7 van voornoemd Regle-
ment sluit ik U mitsdien voor twee beurten van deze verdeeling uit.
[Rechtsonder:] De Directeur, Deze brief is een formele tuchtrechtelijke maatregel tegenover een vishandelaar of betrokkene bij de visdistributie. De heer I. Ereira wordt op de hoogte gesteld van een sanctie: hij wordt voor twee beurten uitgesloten van de visverdeling bij de Gemeentelijke afslag. De reden hiervoor is een overtreding van de regels opgesteld door de "Nederlandsche Visscherijcentrale".
De toon is zakelijk en dwingend, typerend voor een ambtelijk schrijven uit die tijd. De sanctie is gebaseerd op een specifiek artikel (artikel 7) van een reglement, wat wijst op een strakke bureaucratische controle op de voedselvoorziening. Het document dateert uit maart 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedseldistributie en economische activiteit onderworpen aan strikte regelgeving en controle door de bezetter en de gelijkgeschakelde Nederlandse instanties, zoals de Nederlandsche Visscherijcentrale.
De geadresseerde, I. Ereira, woonde in de Transvaalstraat in Amsterdam-Oost. Dit was een buurt met een grote Joodse populatie. Gezien de naam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat de heer Ereira van Joodse afkomst was. In 1942 werden de anti-Joodse maatregelen in Nederland steeds grimmiger en werden Joodse burgers systematisch uit het economische leven geweerd. Een dergelijke uitsluiting van de visverdeling, hoe klein het vergrijp ook mocht lijken, kon in deze context van schaarste en vervolging grote gevolgen hebben voor iemands levensonderhoud. I. Ereira
Samenvatting
Deze brief is een formele tuchtrechtelijke maatregel tegenover een vishandelaar of betrokkene bij de visdistributie. De heer I. Ereira wordt op de hoogte gesteld van een sanctie: hij wordt voor twee beurten uitgesloten van de visverdeling bij de Gemeentelijke afslag. De reden hiervoor is een overtreding van de regels opgesteld door de "Nederlandsche Visscherijcentrale".
De toon is zakelijk en dwingend, typerend voor een ambtelijk schrijven uit die tijd. De sanctie is gebaseerd op een specifiek artikel (artikel 7) van een reglement, wat wijst op een strakke bureaucratische controle op de voedselvoorziening.
Historische Context
Het document dateert uit maart 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedseldistributie en economische activiteit onderworpen aan strikte regelgeving en controle door de bezetter en de gelijkgeschakelde Nederlandse instanties, zoals de Nederlandsche Visscherijcentrale.
De geadresseerde, I. Ereira, woonde in de Transvaalstraat in Amsterdam-Oost. Dit was een buurt met een grote Joodse populatie. Gezien de naam en de locatie is het zeer waarschijnlijk dat de heer Ereira van Joodse afkomst was. In 1942 werden de anti-Joodse maatregelen in Nederland steeds grimmiger en werden Joodse burgers systematisch uit het economische leven geweerd. Een dergelijke uitsluiting van de visverdeling, hoe klein het vergrijp ook mocht lijken, kon in deze context van schaarste en vervolging grote gevolgen hebben voor iemands levensonderhoud.