Archiefdocument
Origineel
- 3 -
Bij het inkuilen werd het netto gewicht van de aardappelen perkuil vastgesteld, in kuil I kwam netto 1480.4 kg
in kuil II " " 1478.9 "
Op den bodem van den kuil was tevoren een stroobed aangebracht.
Teneinde in beide kuilen een geregelde temperatuur-contrôle te kunnen
uitvoeren, werden er in elk twee weerstandselementen behoorende bij
een Siemens meetkofferx), aangebracht en met snoeren verbonden naar
een waarnemingshuisje, dat wij ter plaatse hadden opgesteld. De ele-
menten No. E III en E VI werden in den ontmetten kuil No. I aange-
bracht, E III midden op den bodem van den kuil, op het stroobed,
E VI midden in de nok van den kuil onder het dek. Daarenboven legden
wij het gevoelig lichaam van een thermograaf tegen het element E III.
Deze thermograaf heeft echter reeds spoedig zijn diensten geweigerd.
De elementen V en IV werden op geheel overeenkomstige wijze aan-
gebracht in den kuil II (contrôle), E V op den bodem, E IV in de nok.
In den Westelijken kop werd in elken kuil een kwikthermometer
met lange insteek aangebracht, met de bol nog nét in de aardappelen.
In kuil I duidden wij deze thermometer aan met de letter E, in kuil
II met F.
Thermometer E is op 14 Februari gebroken.
Wij waren van plan in de kuilen metingen van de relatieve vochtigheid
uit te voeren met behulp van afstand-hyrografen, of in ieder geval
met afstandshygrometers. Deze apparaten konden wij echter niet be-
machtigen, waarop besloten werd te trachten in de kuilen de R.V. te
bepalen met behulp van de natte en droge thermometer. Daartoe brach-
ten wij in elken kuil twee thermometers met langen draad aan, waar-
van de bollen plm. 15 cm onder den kop van den kuil kwamen te zitten.
Om den bol van een der thermometers was kous bevestigd, welke afhing
in een flesch water met nauwen hals, welke plm. 2 à 3 cm onder den
bol was aangebracht. Wij zijn er ons van bewust, dat deze methode
met fouten behept is.
Uit de verschillen in temperatuur stelden wij de R.V. vast, met
behulp van de tabellen voor stilstaande lucht. In elken kuil werd
x) De temperatuur-meting berust op het meten met behulp van een zeer
gevoelige galvanometer in brugschakeling, op de verandering van
den weerstand van het weerstandselement onder invloed van de
temperatuur-verandering.
--- * Toon en Stijl: Het document is geschreven in een zakelijke, objectieve en wetenschappelijke rapportagestijl. Het beschrijft nauwgezet de opzet van een experiment, inclusief de gebruikte instrumentatie en de exacte plaatsing daarvan.
* Inhoud: De tekst doet verslag van een experiment waarbij aardappelen in twee verschillende kuilen (Kuil I en Kuil II, waarbij de laatste als 'contrôle' dient) worden bewaard. Men tracht de omgevingsfactoren (temperatuur en relatieve vochtigheid) nauwkeurig te monitoren.
* Instrumentatie: Er wordt gebruikgemaakt van geavanceerde (voor die tijd) elektrische weerstandssensoren van Siemens, gekoppeld aan een galvanometer in brugschakeling (Wheatstone-brug). Daarnaast worden traditionele kwikthermometers en een thermograaf gebruikt.
* Methodologische Aanpassingen: De onderzoekers tonen pragmatisme; wanneer de geplande hygrografen niet beschikbaar zijn, stappen ze over op de methode van de "natte en droge thermometer" (psychrometer-principe), hoewel ze erkennen dat dit foutgevoelig is bij stilstaande lucht.
* Opvallende Details: De spelling vertoont typische kenmerken van vóór de spellinghervorming van 1947 (bijv. "den bodem", "behoorende"). Er staan enkele typefouten in het origineel, zoals "ontmetten" (waarschijnlijk bedoeld als 'ontsmetten') en "hyrografen" (zonder 'g').
--- Dit document is een representatief voorbeeld van landbouwkundig onderzoek naar bewaartechnieken in de 20e eeuw. Het inkuilen van aardappelen was een standaardmethode voor winteropslag, maar was onderhevig aan risico's zoals rotting en gewichtsverlies door verkeerde temperatuur of vochtigheid.
Wetenschappelijke instituten probeerden deze traditionele methoden te optimaliseren door objectieve metingen. Het gebruik van apparatuur van een merk als Siemens wijst op een goed gefaciliteerd onderzoek. De vermelding van 14 februari als datum waarop een thermometer brak, suggereert dat de proef gedurende de wintermaanden plaatsvond, de kritieke periode voor aardappelopslag. Het document biedt inzicht in de overgangsfase van puur empirische landbouw naar een meer technologisch gestuurde sector. F.