Handgeschreven brief of verzoekschrift (slotfragment).
Origineel
Handgeschreven brief of verzoekschrift (slotfragment). J. F. H. Venter, wonende aan de Van Linschotenstraat 4, drie hoog, te Amsterdam. meer heb en die strook toch
braak licht zou ik daar graag
voor in aanmerking willen komen
Teken ik J. F. H. Venter
van Linschotenstraat 4 III A'dam * Afzender: J. F. H. Venter, wonende aan de Van Linschotenstraat 4, drie hoog, te Amsterdam.
* Inhoud: Het betreft het slot van een verzoek waarin de schrijver zijn interesse uitspreekt voor een specifiek stuk grond (een "strook") dat momenteel ongebruikt ("braak") ligt. De schrijver vraagt formeel om hiervoor in aanmerking te komen.
* Opvallende kenmerken: De schrijver hanteert een beleefde, formele afsluiting ("Teken ik"). De spelling "licht" (in plaats van het huidige "ligt") was in die periode een vaker voorkomende schrijfwijze in informele of semi-formele correspondentie. Gezien het handschrift en de vraag naar braakliggende grond, stamt dit document waarschijnlijk uit het midden van de 20e eeuw. In Amsterdam (specifiek in buurten zoals De Baarsjes, waar de Van Linschotenstraat ligt) was er in de naoorlogse jaren of tijdens periodes van stadsuitbreiding vaak sprake van onbenutte stukjes grond. Buurtbewoners dienden regelmatig verzoeken in bij de gemeente of woningbouwverenigingen om dergelijke stroken te mogen gebruiken voor het houden van een moestuin of als uitbreiding van hun leefruimte. H. Venter
Samenvatting
- Afzender: J. F. H. Venter, wonende aan de Van Linschotenstraat 4, drie hoog, te Amsterdam.
- Inhoud: Het betreft het slot van een verzoek waarin de schrijver zijn interesse uitspreekt voor een specifiek stuk grond (een "strook") dat momenteel ongebruikt ("braak") ligt. De schrijver vraagt formeel om hiervoor in aanmerking te komen.
- Opvallende kenmerken: De schrijver hanteert een beleefde, formele afsluiting ("Teken ik"). De spelling "licht" (in plaats van het huidige "ligt") was in die periode een vaker voorkomende schrijfwijze in informele of semi-formele correspondentie.
Historische Context
Gezien het handschrift en de vraag naar braakliggende grond, stamt dit document waarschijnlijk uit het midden van de 20e eeuw. In Amsterdam (specifiek in buurten zoals De Baarsjes, waar de Van Linschotenstraat ligt) was er in de naoorlogse jaren of tijdens periodes van stadsuitbreiding vaak sprake van onbenutte stukjes grond. Buurtbewoners dienden regelmatig verzoeken in bij de gemeente of woningbouwverenigingen om dergelijke stroken te mogen gebruiken voor het houden van een moestuin of als uitbreiding van hun leefruimte.