Dienstmededeling / circulaire.
Origineel
Dienstmededeling / circulaire. 26 juni 1941. M A R K T W E Z E N A M S T E R D A M .
K.M.No.108. Amsterdam, 26 Juni 1941.
Aan de ambtenaren
en werklieden.
Hiermede breng ik te Uwer kennis, dat ik van den Regeerings-commissaris voor Amsterdam bericht heb ontvangen, dat het voorkomt, dat geldinzamelingen worden gehouden ter gelegenheid van den verjaardag van ambtenaren, die door Joodsche afstamming of deelneming aan de staking werden ontslagen, teneinde bloemen te kunnen sturen.
Dergelijke gedragingen in diensttijd, welke uiting geven aan een solidariteit met ontslagen Joodsch of gestaakt hebbend personeel worden ontoelaatbaar geacht.
U dient zich van gedragingen en handelingen als bovenomschreven, die wijzen op een zich verbonden gevoelen met vorengenoemd ontslagen personeel, te onthouden. Overtredingen zullen door den Regeeringscommissaris voor Amsterdam streng worden gestraft.
De Directeur,
[Handtekening]
WND. Dit document is een officiële waarschuwing aan het personeel van het Amsterdamse Marktwezen tijdens de Duitse bezetting. De kern van de boodschap is een strikt verbod op het inzamelen van geld voor bloemen voor collega’s die ontslagen zijn vanwege hun Joodse afkomst of hun deelname aan de Februaristaking.
De toon is dwingend en dreigend ("ontoelaatbaar", "streng worden gestraft"). Het taalgebruik weerspiegelt de nationaalsocialistische terminologie en de bureaucratische controle onder het bewind van de door de bezetter aangestelde Regeringscommissaris van Amsterdam (Edward Voûte). Het document toont aan hoe zelfs kleine, menselijke gebaren van solidariteit (het sturen van bloemen voor een verjaardag) als politiek verzet werden gezien en actief werden onderdrukt. * Februaristaking: De genoemde "staking" verwijst naar de Februaristaking van 25 en 26 februari 1941, het eerste grootschalige openlijke verzet tegen de Jodenvervolging in bezet Europa. Veel ambtenaren die hieraan deelnamen, werden nadien ontslagen.
* Anti-Joodse maatregelen: In november 1940 moesten alle ambtenaren de 'Ariërverklaring' tekenen. Kort daarna werden Joodse ambtenaren geschorst en vervolgens ontslagen.
* Regeringscommissaris: In maart 1941 werd de Amsterdamse gemeenteraad ontbonden en de burgemeester vervangen door Regeringscommissaris Edward Voûte, die direct onder bevel van de Duitse bezetter stond.
* Solidariteit als verzet: In een tijd waarin openlijk protest levensgevaarlijk was, werden acties zoals het inzamelen van geld voor bloemen belangrijke symbolen van medemenselijkheid en passief verzet. De bezetter en collaborerende instanties probeerden deze uitingen van verbondenheid met de vervolgde Joodse gemeenschap en ontslagen stakers de kop in te drukken.