Officieel extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.
Origineel
Officieel extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 23 januari 1942. [Linksboven, stempel en handschrift:]
№ 77/2/29 M. 1942 6/2
[Paraaf]
No.54/7 L.M.1942.
[In een cirkel, handgeschreven:] Aant. J.H. 14/2 '42
[Rechtsboven, getypt en handgeschreven:]
Marktw.
Straf Fruithandel op de Cen-
trale Markt.
[Handschrift:] v.d. Zee
H. Broese
[Midden, getypte tekst:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam.
Vrijdag, 23 Januari 1942.
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen d.d. 19 Januari 1942, No. 77/2/13 M;
Gelet op art.35 van het Reglement op de Centrale Markt;
B e s l u i t :
den termijn van veertien dagen, gedurende welken de Directeur van het Marktwezen den toegang tot de Centrale Markt heeft ontnomen aan de N.V. Keizer's Fruithandel gevestigd op de Centrale Markt, tot en met 21 Mei 1942 te verlengen, aangezien die firma den goeden gang van zaken op de Centrale Markt in gevaar heeft gebracht en aldaar de orde heeft verstoord door het overschrijden van de maximumprijzen, waarvoor genoemde firma door de Inspectie voor de Prijsbeheersching alhier o.a. is veroordeeld tot sluiting van haar zaak voor den tijd van zes maanden, ingaande 22 November 1941.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Sociale Zaken (2 stuks).
Sh.
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN
[Linksonder, handgeschreven getallen:]
3
=
11
12
13
24 Dit document is een ambtelijk besluit van de burgemeester van Amsterdam (destijds Edward Voûte, aangesteld tijdens de bezetting). Het betreft een strafmaatregel tegen N.V. Keizer's Fruithandel, gevestigd op de Centrale Markt.
De kern van de zaak is een overtreding van de maximumprijzen, wat in de oorlogstijd werd gezien als een ernstig vergrijp tegen de economische orde. De firma was door de Inspectie voor de Prijsbeheersching al veroordeeld tot een gedwongen sluiting van zes maanden. Met dit specifieke besluit verlengt de burgemeester ook de ontzegging van de toegang tot het marktterrein zelf, uitgevaardigd door de Directeur van het Marktwezen, om aan te sluiten bij de duur van de sluiting (tot mei 1942). Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Om inflatie en zwarte handel tegen te gaan, stelde de bezetter strikte maximumprijzen vast. De Inspectie voor de Prijsbeheersching hield hier streng toezicht op.
Bedrijven die zich niet aan de regels hielden, werden hard aangepakt; niet alleen met boetes, maar vaak met de directe sluiting van de zaak ("stilleggen"). De Centrale Markt in Amsterdam (nu het Food Center Amsterdam) speelde een vitale rol in de voedselstroom van de stad. Ordeverstoringen of prijsopdrijving op deze plek werden door de autoriteiten als sabotage van de openbare orde beschouwd. De handtekening onder het extract is van J.F. Franken, die destijds de gemeentesecretaris van Amsterdam was.