Getypte conceptbrief met handgeschreven correcties en annotaties.
Origineel
Getypte conceptbrief met handgeschreven correcties en annotaties. 25 oktober 1942. (Opmerking: Doorgehaalde tekst staat tussen [ ]. Handgeschreven toevoegingen zijn cursief weergegeven waar mogelijk.)
[Linksboven, handgeschreven/stempel:]
CONCEPT. 77/2/77
20/10/42
H(?)R
[Rechtsboven, handgeschreven:]
A’dam, 25/10 42.
Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Ondergeteekenden verzoeken beleefd voor het
volgende Uw aandacht.
Als gevolg van het besluit der Prijsbeheer-
sching, waarbij het aan een tiental grossiers gevestigd op
de Centrale Markt voor een bepaalden tijd verboden is hun
zaken in groenten en fruit te drijven, kunnen de hier be-
doelde grossiers van de door hen gehuurde pakhuizen geen
gebruik maken.
Aan den heer Broerse, Gemeentelijk Gevolmach-
tigde in grossierszaken voor groente en fruit zijn een
viertal van deze pakhuizen verhuurd.
Door eenige op de Centrale Markt gevestigde
grossiers is gevraagd om in de gelegenheid te worden ge-
steld eenige pakhuisruimte te huren voor het opslaan van
fruit, dat zij zoolang in bewaring moeten houden tot het
tijdstip, waarop de groente en fruitcentrale machtiging
tot verkoop verleent.
De vraag is of eventueel ook de pakhuisruimten
welke tijdelijk buiten gebruik is als gevolg van de opge-
legde straffen ook in aanmerking komen tot dezen verhuur.
Principieel is [met] het verhuren aan den heer
Broerse van eenige van deze pakhuizen feitelijk reeds in
bevestigenden zin beslist. Men zou daarbij kunnen laten
gelden, dat het algemeen belang dit eischte. Wij zouden
hetzelfde argument willen laten gelden voor alle aanvragen
tot het huren van deze pakhuisruimten, indien deze worden
gevraagd voor de groenten- en fruitvoorziening van de
stad en er overigens geen enkele andere ruimte of gelegen-
heid op de Centrale Markt beschikbaar is. Dat de uitge-
sloten grossiers bij eventueel verhuur van hun pakhuis
finantieel voordeel zullen hebben moet als een niet bedoel
doch onvermijdelijk gevolg worden gezien. Het eventueel
verhuren laten om dit gevolg schijnt [ons] niet verantwoord
met het oog op het doel, waarvoor de verhuur wordt ge-
vraagd.
Wij verzoeken U daarom beleefd toestemming te
willen verleenen [om onder de voorwaarden/hierboven genoemd]
[Handgeschreven toevoeging onderaan:]
gene [?] ... in de welke van ...
[Handgeschreven in linker marge:]
Ingestelde
met [?] Dit document is een ambtelijk concept voor een brief aan de Amsterdamse wethouder voor de Levensmiddelen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het beschrijft een logistiek en juridisch probleem op de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam).
Kernpunten:
1. Straffen: Tien grossiers zijn door de 'Prijsbeheersching' (een instantie die toezag op prijzen en distributieregels) geschorst wegens overtredingen. Hun pakhuizen staan daardoor leeg.
2. Schaarste: Er is een groot tekort aan opslagruimte voor fruit dat moet wachten op officiële verkoopmachtigingen.
3. Dilemma: De gemeente wil deze leegstaande pakhuizen onderverhuren aan andere handelaren. Het bezwaar is echter dat de gestrafte grossiers hierdoor huurinkomsten ontvangen, wat hun straf de facto verlicht.
4. Conclusie: De opstellers adviseren de wethouder om het "algemeen belang" (de voedselvoorziening van de stad) voorrang te geven boven het principe dat gestrafte handelaren geen financieel voordeel mogen genieten.
De vele doorhalingen en handgeschreven correcties tonen aan dat de ambtelijke formulering zeer nauw luisterde, waarschijnlijk vanwege de politiek gevoelige aard van de voedseldistributie en economische strafmaatregelen tijdens de bezetting. Het document dateert van oktober 1942, een periode van toenemende schaarste in bezet Nederland. De Centrale Markt was het kloppend hart van de voedselstroom naar de Amsterdamse bevolking. De 'Prijsbeheersching' trad in deze jaren hard op tegen zwarte handel en prijsopdrijving om de inflatie binnen de perken te houden.
De genoemde "Heer Broerse" fungeerde als een soort rijks- of gemeentelijk curator over de handelszaken. Hoewel de brief spreekt over strafmaatregelen, vonden in deze periode op de Centrale Markt ook grootschalige onteigeningen plaats van Joodse ondernemers; hoewel dit document specifiek over economische delicten lijkt te gaan, past de bureaucratische herschikking van vastgoed en handelscapaciteit in het bredere beeld van de oorlogseconomie.