Brief of memorandum met getypte tekst en een handgeschreven kanttekening/instructie.
Origineel
Brief of memorandum met getypte tekst en een handgeschreven kanttekening/instructie. December 1943 (handgeschreven) en 15 januari 1944 (stempel). [Getypte tekst]
leefd verzoek de daarop gemaakte aanteekeningen te doen con-
trôleeren en zoo noodig te rectificeeren, waarna ik het formu-
lier gaarne spoedig van U terug verwacht.
Het aan U verschuldigde bedrag wordt heden aan U
overgemaakt.
De Directeur,
[Handgeschreven tekst]
Het is niet gewenscht dat het personeel
der Brandweer goederen op de markt ontvangt
ook al zou dit privé eigendom van een schipper
zijn die in familieverhouding staat t.o.v. een
personeelslid brandweer. Ten dezen is aan
Commandant Brandweer medegedeeld die zaak
zal onderzoeken
December '43
[Rood stempel/aanteekening]
Repr 15/1 '44 * Inhoud: De getypte tekst betreft een administratieve afhandeling van een formulier en een betaling. De handgeschreven toevoeging is echter een beleidsmatige of disciplinaire opmerking. Er wordt gesteld dat het ongewenst is dat brandweerpersoneel goederen aanneemt op de markt, zelfs als er sprake is van een familieband met de leverancier (een schipper). Dit wijst op een streng toezicht op mogelijke belangenverstrengeling of ongeoorloofde handel.
* Stijl en Spelling: Het document hanteert de oude spelling (aanteekeningen, con-trôleeren, zoo noodig, gewenscht). De handgeschreven tekst is vlot maar formeel opgesteld.
* Administratief spoor: De rode aantekening "Repr 15/1 '44" duidt waarschijnlijk op een reproductie of rapportage die op die datum heeft plaatsgevonden, kort na de opmerking in december 1943. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (december 1943 - januari 1944). In deze periode was er sprake van schaarste en een streng gecontroleerde markt (distributiestelsel). Ambtenaren en personeel in openbare dienst, zoals de brandweer, stonden onder strikt toezicht om corruptie of "zwarte handel" te voorkomen. Het verbod op het aannemen van goederen op de markt, zelfs van familieleden, was bedoeld om elke schijn van partijdigheid of illegale bevoorrechting te vermijden. De vermelding van een "schipper" suggereert een locatie nabij water of een havenstad waar de aanvoer van goederen vaak via de binnenvaart verliep.