Archiefdocument
Origineel
19 maart 1940. De Stadsingenieur. De Heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam W. [Briefhoofd links]
DIENST DER PUBLIEKE WERKEN
AMSTERDAM
RAADHUIS, KAMER 198.
Bureau Stadsingenieur.
Betreft:
luchtbescherming.
[Briefhoofd rechts]
S.I. 265/47/35.
№ 90/4/1 M. 1940 20/3 [paars stempel, datum handgeschreven]
AMSTERDAM, 19 Maart 1940. [jaar handmatig gecorrigeerd]
[Adres]
Aan den Heer Directeur van het Marktwezen.
Jan van Galenstraat 14.
Amsterdam W.
[Handgeschreven aantekening in de marge]
zie dir. W.E.
Hr. Sixma.
[Inhoud]
In aansluiting aan de plaats gehad hebbende bespreking tusschen den heer G.F.Sixma van Uwen Dienst eenerzijds en de heeren K.van der Wilk, Architect van Publieke Werken en Mr.A.le Cosquino de Bussy, Gemeente Archivaris, anderzijds, verzoek ik U, ten behoeve van het gedurende de mobilisatie opbergen van kisten met kostbare boekwerken en archiefstukken, afkomstig van het Gemeente Archief, de Gemeente Universiteit en het Kunst Historisch Instituut, tien kantoorruimten op de tweede etage van de Markthal kosteloos beschikbaar te willen stellen.
Waar het in het voornemen ligt, om met het vervoer der boeken en archiefstukken nog in de tweede helft van Maart een aanvang te maken, zal ik een spoedige beslissing zeer op prijs stellen.
Vn.
De Stadsingenieur,
[Handtekening: W. Heemstra] Het document is een officiële correspondentie van de Amsterdamse Stadsingenieur aan de directeur van het Marktwezen. Het doel van de brief is het formeel aanvragen van tien kantoorruimtes op de tweede verdieping van de Centrale Markthal aan de Jan van Galenstraat.
Deze ruimtes zijn nodig voor de veilige opslag van "kostbare boekwerken en archiefstukken" van drie belangrijke Amsterdamse instellingen: het Gemeente-archief, de Universiteit van Amsterdam en het Kunsthistorisch Instituut. De urgentie is hoog: men wil binnen twee weken (nog in maart 1940) beginnen met de verhuizing.
De handgeschreven notitie "Hr. Sixma" verwijst naar de ambtenaar van het Marktwezen die al bij het voortraject betrokken was, zoals in de eerste alinea vermeld. De datum van de brief, 19 maart 1940, is cruciaal. Nederland bevond zich op dat moment in de periode van de Mobilisatie, die begon in augustus 1939. Hoewel Nederland nog neutraal was, hield men serieus rekening met een oorlog en de bijbehorende dreiging van bombardementen vanuit de lucht (Luchtbescherming).
Om de culturele schatten van de stad te beschermen tegen brand en vernietiging bij een eventuele luchtaanval op het centrum, werden collecties geëvacueerd naar locaties die veiliger werden geacht. De Markthal, destijds een relatief nieuw en solide betongebouw aan de rand van de toenmalige stad, werd als geschikt beschouwd voor tijdelijke opslag.
Minder dan twee maanden na deze brief, op 10 mei 1940, viel nazi-Duitsland Nederland binnen, wat de noodzaak van deze preventieve maatregelen onderstreepte. Mr. A. le Cosquino de Bussy, de in de brief genoemde gemeentearchivaris, speelde een sleutelrol in het veiligstellen van het Amsterdamse erfgoed tijdens deze crisisjaren.