Dienstbrief van de Inspectie voor de Prijsbeheersching.
Origineel
Dienstbrief van de Inspectie voor de Prijsbeheersching. 11 mei 1943. Inspectie voor de Prijsbeheersching te Amsterdam (Emmastraat 35). De Heer Directeur van de Centrale Markt te Amsterdam. INSPECTIE voor de PRIJSBEHEERSCHING te Amsterdam
AMSTERDAM Z., 11 Mei 194 3
EMMASTRAAT 35
TELEFOON 21433
POSTGIRO 408874
No. 4190
Typ.: Hö/S
Dossier no. 32978/80
Betreft: Antonie Jansen te Amsterdam.
Uw schrijven van:
Bijlagen: 1
Gelieve in Uw antwoord: nummer, datum en dossiernummer volledig te vermelden.
No. 77/1/7 M. 1943 12/5
Ik verzoek U ten spoedigste zoodanige maatregelen te nemen, dat de bepaling tot sluiting van het bedrijf en stillegging der bedrijfsmiddelen van Antonie Jansen, wonende Maasstraat 34 huis alhier, voorkomende in de hem uitgereikte tuchtbeschikking van 3 Maart 1943, (waarvan bijgaand een afschrift) wordt nagekomen, niet alleen wat betreft het perceel Rijnstraat 84, doch ook het bedrijf, door Jansen uitgeoefend in de Maasstraat 34 en alle andere bedrijven, waarin verdachte nog mocht handelen.
Verdachte moet dus alsnog geheel uitgesloten worden van de Groentemarkt, en wel met ingang van heden.
De politie zal harerzijds maatregelen in verband hiermede nemen.
DE INSPECTEUR VOOR DE PRIJSBEHEERSCHING,
voor dezen:
[Handtekening]
AAN
den Heer Directeur van de Centrale Markt te AMSTERDAM. -
[Handgeschreven in rood:]
A Jansen
toegang CM ontzeggen
77/1/7 a Deze brief is een dwingende opdracht van de Inspectie voor de Prijsbeheersching aan de directeur van de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is de handhaving van een eerdere tuchtbeschikking tegen Antonie Jansen. Hoewel Jansen op 3 maart 1943 al gesanctioneerd was, blijkt uit de tekst dat hij zijn bedrijfsactiviteiten simpelweg elders (of onder een andere vorm) heeft voortgezet.
De inspecteur eist dat Jansen volledig wordt uitgesloten van de Groentemarkt. Dit is een zware economische sanctie. De betrokkenheid van zowel de Inspectie als de politie onderstreept de ernst waarmee overtredingen van de distributie- en prijsregels werden aangepakt. De handgeschreven rode krabbel onderaan bevestigt dat de opdracht is verwerkt: Jansen wordt de toegang tot de Centrale Markt (CM) ontzegd. Het document dateert uit mei 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan goederen groot en heerste er een streng regime van prijsbeheersing en distributie om de zwarte handel te bestrijden en de Duitse oorlogsindustrie en bevolking van middelen te voorzien.
De Inspectie voor de Prijsbeheersching was een overheidsorgaan dat toezag op de naleving van de maximumprijzen. Handelaren die zich hier niet aan hielden, kregen te maken met tuchtrechtspraak. De Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center lokatie in West) was het vitale zenuwcentrum voor de voedselvoorziening van de stad. Iemand de toegang ontzeggen tot deze markt was effectief een beroepsverbod in de levensmiddelenhandel. Dit document illustreert de bureaucratische precisie en de harde repressie waarmee het economische leven tijdens de oorlogsjaren werd gecontroleerd. Politie