Getypte officiële brief (doorslag).
Origineel
Getypte officiële brief (doorslag). 16 september 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markthallen te Amsterdam). [Handgeschreven in paars potlood, bovenaan]:
Verzonden 16/9 Bestelchef SV
[Getypt]:
77/1/14a M.
16 September 1943.
Hierbij deel ik U mede, dat mij
thans door den Inspecteur voor de Prijsbe-
heersching is bericht, dat U wegens over-
treding van de maximumprijzen is gestraft
met sluiting van Uw bedrijf voor den tijd
van 2 jaren, ingaande 3 October 1943.
Op grond van het bepaalde in
artikel 35 lid 3 van het Reglement op de
Centrale Markt wordt U gedurende die slui-
ting geen toegang tot de Centrale Markt ver-
leend.
De Directeur,
Gezonden aan:
J.M.Nienhuis, Hendrik Jacobszstraat 8
H.W.Ojevaar, Pieter Aertszstraat 91 III.
[Handgeschreven paraaf linksonder]:
Jib [onzeker]
[Verticaal getypt rechtsonder]:
AS/SV Dit document is een officiële kennisgeving van een zware administratieve sanctie tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de brief is de mededeling dat de geadresseerden (Nienhuis en Ojevaar) schuldig zijn bevonden aan het overtreden van de prijsvoorschriften ("maximumprijzen").
Als straf wordt hun bedrijf voor de duur van twee jaar gesloten, ingaande op 3 oktober 1943. Daarbij wordt hen expliciet de toegang tot de Centrale Markt ontzegd op basis van het marktreglement. De strafmaat is aanzienlijk, wat duidt op een ernstige overtreding in de ogen van de toenmalige autoriteiten. De brief is zakelijk en dwingend van toon. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in Nederland sprake van grote schaarste aan goederen en levensmiddelen. Om prijsopdrijving en zwarte handel tegen te gaan, stelde de bezetter via de 'Prijsbeheersing' strikte maximumprijzen vast. De 'Inspecteur voor de Prijsbeheersing' hield hier toezicht op.
De genoemde adressen (Hendrik Jacobszstraat en Pieter Aertszstraat) bevinden zich in Amsterdam. Dit bevestigt dat het hier gaat om de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, destijds het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening van de stad. Handelaren die zich niet aan de regels hielden, liepen het risico hun vergunning en toegang tot de markt te verliezen, wat in feite een beroepsverbod betekende. Dergelijke maatregelen werden vaak breed uitgemeten in de kranten als waarschuwing voor anderen. H.W. Ojevaar J.M. Nienhuis
Samenvatting
Dit document is een officiële kennisgeving van een zware administratieve sanctie tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De essentie van de brief is de mededeling dat de geadresseerden (Nienhuis en Ojevaar) schuldig zijn bevonden aan het overtreden van de prijsvoorschriften ("maximumprijzen").
Als straf wordt hun bedrijf voor de duur van twee jaar gesloten, ingaande op 3 oktober 1943. Daarbij wordt hen expliciet de toegang tot de Centrale Markt ontzegd op basis van het marktreglement. De strafmaat is aanzienlijk, wat duidt op een ernstige overtreding in de ogen van de toenmalige autoriteiten. De brief is zakelijk en dwingend van toon.
Historische Context
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in Nederland sprake van grote schaarste aan goederen en levensmiddelen. Om prijsopdrijving en zwarte handel tegen te gaan, stelde de bezetter via de 'Prijsbeheersing' strikte maximumprijzen vast. De 'Inspecteur voor de Prijsbeheersing' hield hier toezicht op.
De genoemde adressen (Hendrik Jacobszstraat en Pieter Aertszstraat) bevinden zich in Amsterdam. Dit bevestigt dat het hier gaat om de Centrale Markthallen in Amsterdam-West, destijds het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening van de stad. Handelaren die zich niet aan de regels hielden, liepen het risico hun vergunning en toegang tot de markt te verliezen, wat in feite een beroepsverbod betekende. Dergelijke maatregelen werden vaak breed uitgemeten in de kranten als waarschuwing voor anderen.