Strafbeschikking (proces-verbaal wegens prijsopdrijving).
Origineel
Strafbeschikking (proces-verbaal wegens prijsopdrijving). 18 oktober 1943 (datum proces-verbaal). Gerechtelijk schrijven No. 22394 \hfill Dossier No. 52007
K/EB. \hfill STRAFBESCHIKKING
in de zaak van: David Feyen
geboren te Amsterdam, 12 October 1898
van beroep Groentenhandelaar
wonende / gevestigd te Amsterdam, 1e v.d. Helststraat 82
De Inspecteur voor de Prijsbeheersching te Amsterdam
Gelet op het Prijsbeheerschingsbesluit en art. 1 der Prijzenbeschikking 1941 Groenten, Fruit en vroege Aardappelen;
Gezien het proces-verbaal van den 18 October 1943 van D. Valkenburgh opsp.ambt. als bedoeld in art. 24 van het Prijsbeheerschingsbesluit
bevattende de door den verdachte tegenover ~~den opsporingsambtenaar~~ / ~~de opsporingsambtenaren~~ afgelegde verantwoording;
\hfill den opsporingsambtenaar
~~Gezien de schriftelijke verantwoording van den verdachte;~~
Gehoord de mondelinge verantwoording van den verdachte, ~~die daarbij werd~~ vertegenwoordigd ~~bijgestaan~~ ~~door~~
Overwegende:
dat verdachte, detaillist in groenten en fruit in of omstreeks het tijdvak van 29 September tot 13 October 1943 aan consumenten heeft verkocht:
bloemkool I A voor f 0.60 en bloemkool II voor f 0.35 per stuk, spercieboonen voor f 1.20 per kg., uien voor f 0.20 en roode peen voor f 0.40 per kg., hoewel voor die waren ingevolge gemelde Prijzenbeschikking (bekendmaking no. 76) ten hoogste resp. f 0.24 en f 0.15 per stuk, f 0.49, f 0.14 en f 0.14 per kg. had mogen worden berekend;
[Stempel rechtsonder:]
BIJLAGE No 644
449 - 9 - '43 (A) 22076 - K 1049 Deze strafbeschikking betreft een overtreding van de prijsvoorschriften door groentenhandelaar David Feyen uit Amsterdam in het najaar van 1943. Uit de details blijkt dat de handelaar aanzienlijke marges boven de vastgestelde maximumprijzen berekende. Zo werd bloemkool (kwaliteit I A) verkocht voor 60 cent, terwijl de maximumprijs 24 cent was (een overschrijding van 150%). Ook bij sperziebonen, uien en wortelen (rode peen) zijn de gevraagde prijzen meer dan het dubbele van wat wettelijk was toegestaan.
Het document is een standaardformulier waarbij niet-relevante passages met de schrijfmachine (X-tekens) zijn doorgehaald. De zaak is gebaseerd op een proces-verbaal van opsporingsambtenaar D. Valkenburgh. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) heerste er grote schaarste aan voedsel en goederen. Om inflatie en woekerprijzen op de zwarte markt tegen te gaan, stelde de bezetter strikte prijsbeheersingsregels in, zoals de 'Prijzenbeschikking 1941'. De Inspecteur voor de Prijsbeheersching was verantwoordelijk voor de handhaving hiervan. Handelaren die zich niet aan de maximumprijzen hielden, riskeerden zware boetes, inbeslagname van goederen of sluiting van hun zaak. Dit document illustreert de economische spanningen van de oorlogstijd, waarbij winkeliers probeerden te overleven of te profiteren van de schaarste, terwijl de overheid met een streng apparaat van inspecteurs en strafbeschikkingen de controle probeerde te behouden. D. Valkenburgh