Politierapport / Bewakingsrapport van de Centrale Markt Amsterdam.
Origineel
Politierapport / Bewakingsrapport van de Centrale Markt Amsterdam. No.77/s/1 M. 1943¹⁵
R A P P O R T
Op Dinsdag 12 Juauari 1942,omstreeks 7.30 uur v,m,constateer-
de de chefin van cantine Noord van Marcantie,dat uit genoemde
cantine ongeveer 100 gevulde koeken verdwenen waren.Naar aan-
leiding hiervan heb ik,rapporteur,op aanwijzing van A.Geus,perso
neel bij de N.V.Ned:Veiling op genoemde datum omstreeks 2.35 uur
n.m op de Centrale Markt staande gehouden drie jongens die res-
pectievelijk genaamd bleken te zijn Tonny van der Aa,oud 11 jaar
wonende Bestevaerstraat 160/11, Lambertus Hubregtse,oud 14 jaar,
wonende Bestevaertsraat 197 en Willem Peter Heppener,oud 12 jaar
wonende Bestevaerstraat 193.Desgevraagd bekenden deze jongens
op Maandag 11 Januari 1942 omstreeks 3.30 uur n,m de koeken uit
genoemde cantine te hebben gestelen.Bij onderzoek is mij rappor-
teur,gebleken,dat zij zich toegang hebben verschaft tot deze can
tine door inklimming.Van een der toegangsdeuren van deze cantine
ontbrak namelijk een ruit en zijn zij door de opening geklauterd.
De koeken hadden zij voor het grootste gedeelte op-gegeten en
het restant mee genomen naar huis.Van dit geval heb ik den
heer Postema van Marcantie en de ouders van deze jongens in ken-
nis gesteld.Postema wil van dit geval beslist geen aangifte doen
temeer waar de ouders van deze jongens zich direct bereid ver-
klaarde de schade,zijde ƒ 15.25,te vergoeden.
Amsterdam 13 Januari 1943
Controleur,
Den Heer Bedrijfschef
van de Centrale Markt [Handgeschreven handtekening: F. Elthing?]
[Handgeschreven aantekeningen]:
(Links midden): v16
(Midden, in potlood en rode inkt): Hoe waren [deze] jongens op het terrein gekomen? [Onleesbare krabbels]
(Onderzijde, in inkt):
De betrokken jongens verklaarden mij dat
ze met een wagen de markt opgereden waren.
Gezien dit naar waarheid is moet een
en ander aan de aandacht der portiers
zijn ontgaan. De portiers verklaarden aan
de jongens geen toegang te hebben verleend.
Ook na dit geval heb ik de jongens al eenige
malen na de poort verwijderd. 1/2 '43. [Handtekening: F. v/] * De Inhoud: Het rapport beschrijft de diefstal van ongeveer 100 gevulde koeken door drie jonge jongens (tussen 11 en 14 jaar oud) bij de kantine van "Marcantie" op de Centrale Markt in Amsterdam. De diefstal vond plaats door via een gat van een ontbrekende ruit naar binnen te klimmen. De jongens werden de volgende dag aangehouden. De eigenaar van de kantine (Postema) zag af van aangifte omdat de ouders de schade van ƒ 15,25 direct vergoedden.
* Schrijffout in jaartal: Hoewel het document gedateerd is op 13 januari 1943, spreekt de getypte tekst over januari 1942. Dit is vrijwel zeker een typefout van de rapporteur, aangezien de handgeschreven toevoeging onderaan ook "1/2 '43" (1 februari 1943) vermeldt.
* Administratieve context: Het document is gericht aan de bedrijfschef van de Centrale Markt. Het toont de interne beveiligingsstructuur van het marktterrein. De handgeschreven opmerking onderaan werpt vragen op over de toegangscontrole door de portiers; de jongens beweerden met een wagen het terrein op te zijn gereden zonder te worden opgemerkt. De controleur merkt op dat hij de jongens ook na het incident nog meerdere malen van het terrein heeft moeten verwijderen. * Tijdsgeest (1943): Het document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting. In januari 1943 was er in Nederland al sprake van toenemende schaarste en distributie van voedsel.
* De Centrale Markt: De Centrale Markthallen in Amsterdam-West (nu het Food Center) waren het kloppende hart van de voedselvoorziening voor de stad. Vanwege de schaarste was diefstal van voedsel (zoals 100 gevulde koeken, wat toen een enorme traktatie was) een serieus vergrijp.
* Sociale omstandigheden: De jongens kwamen uit de Bestevaerstraat in de nabijgelegen Landlustbuurt. De diefstal lijkt ingegeven door honger of de zucht naar iets lekkers dat in die tijd nauwelijks meer te krijgen was voor gewone burgers. Het feit dat de ouders direct de schade betaalden (een aanzienlijk bedrag voor die tijd) geeft aan dat zij escalatie naar de politie wilden voorkomen, wat in oorlogstijd riskant kon zijn.