Officieel politierapport / onderzoeksverslag.
Origineel
Officieel politierapport / onderzoeksverslag. Februari 1943 (betreft gebeurtenissen van 11 t/m 18 februari 1943). No. 77/B/2 M. 1943 3/3
R a p p o r t
In verband met een rapport van den Chef-marktopzichter jegens d.d. 16 Feb. 1943 inzake vervalsching van een stempel op emballage van de N.V. Ned. Veiling, heb ik een nader onderzoek ingesteld.
Op 16 Februari 1943 heeft de kooper G. Oudhof, wonende 3e. Schinkelstraat 48 II, alhier, een handkar met ledige kisten en kratten bij den grossier Ooms op pier No. 20 ingeleverd. In totaal waren er 71 stuks. Ooms heeft aan Oudhof het statiegeld, zynde 71 x F. 2.- uitbetaald. Toen Ooms de kar met ledig fust bij de Ned. Veiling inleverde, weigerde de Heer Kriebel, emballagemeester van de Ned. Veiling 18 kratten en 9 pootebakken van deze party in ontvangst te nemen, aangezien men volgens den Heer Kriebel voor de stempeling van deze kratten en bakken een soortgelyk stempel had aangewend als by de Ned. Veiling in gebruik is, doch waar van duidelyk te zien is, dat het van het officieele stempel afwykt. Onmiddellyk is door my een onderzoek ingesteld. Nog denzelfden dag heb ik by voornoemden Oudhof een huiszoeking gedaan, doch niets gevonden. Daarna heb ik zyn pakhuis Overtoom 519 een onderzoek ingesteld, echter eveneens zonder resultaat. Vervolgens heb ik Oudhof in zyn wyk opgezocht en hem gehoord. Hy verklaarde als volgt:
"Hedenmorgen (16 Feb. 1943) heb ik by den grossier Ooms op pier No. 20 een handkar met ledig fust ingeleverd. Gedeeltelyk was dit fust van Ooms afkomstig, doch er waren ook kisten en kratten by, die niet van Ooms afkomstig waren. Myn collega P. Blom en ik koopen namelyk van den expediteur Lagen-dyk wel eens clandestiene groente, die Lagendyk dan in het pakhuis Overtoom 519, waar Blom en ik onze stalling hebben, bezorgt. Onder de party ledig fust, die ik vanmorgen by Ooms heb ingeleverd bevond zich ook een aantal kisten, waarin wy clandestiene groente hebben ontvangen. Blom rekent gewoonlyk met Lagendyk af en door hem worden eveneens de kisten en kratten verrekend."
Om het verdere onderzoek zoo weinig mogelyk te belemmeren heb ik tegen Oudhof niets uitgelaten over de vervalschte stempels, doch hem in de waan gelaten, dat ik zocht naar clandestiene handel.
Later bleek nog, dat Oudhof eveneens op 16 Febr. 1943, by den grossier T. Wiggeman sen, Hal nis 3., ook nog drie ledige kratten van de Ned. Veiling heeft ingeleverd. Toen de knecht van Wiggemansen later zyn ledig fust by de Ned. Veiling inleverde, weiger de de Heer Kriebel deze drie kratten in ontvangst te nemen, aangezien voor de stempeling hiervan eveneens een afwykend stempel was gebruikt. Zelfs zouden er van dit soort kratten nog geen enkele voorzien van het stempel 1943 in circulatie zyn gebracht. De statiegeldbon, die door Wiggemansen aan Oudhof is afgegeven, heb ik voorloopig in beslag genomen.
Op 17 Februari 1943 heeft de controleur B. Felthuis den kooper P. Blom gehoord. Deze verklaarde volgens de aan my overhandigde gegevens, dat hy de kratten aan Oudhof heeft overgedaan voor F. 2.-- per stuk, welk bedrag hy ook aan Lagendyk had betaald. Op 18 Febr. 1943 hoorde Controleur B. Felthuis de expediteur Aart Lagendyk, geboren 18.2.1881 te Haarl.meer en wonende Akerdyk Nr. 217 te Haarl.meer. Hy verklaarde als volgt:
"Meerdere malen heb ik groente gebracht by den kooper P. Blom. Deze groente werd dan door my afgeleverd op de werf van perceel Overtoom 519 by een de Jong, alwaar Blom zoowel als Oudhof een opslagplaats hebben. Op 11 Feb. 1943 heb ik ongeveer... * Taal en Spelling: Het document is geschreven in de destijds gangbare spelling (vóór de hervorming van 1947), gekenmerkt door woorden als vervalsching, officieele, lyke en het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij'.
* Inhoudelijke Kern: De kern van de zaak is fraude met emballage. Kratten en 'pootebakken' werden voorzien van valse stempels van de N.V. Nederlandse Veiling om zo onterecht statiegeld (F. 2.- per stuk) te incasseren.
* Onderzoeksmethode: De rapporteur beschrijft een actieve opsporingsmethode waarbij de verdachte (Oudhof) bewust in de waan wordt gelaten dat het onderzoek enkel om illegale handel gaat, om de bewijsvoering rond de stempelvervalsing niet in gevaar te brengen.
* Handgeschreven correcties: Er zijn diverse kleine handgeschreven correcties zichtbaar (zoals de 'd' bij 'ingesteld' en correcties bij 'No. 20' en 'ontvangst'), wat duidt op een zorgvuldige nalezing door de opsteller. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (1943). De context van schaarste en distributie is cruciaal voor het begrijpen van de ernst van de zaak:
1. Clandestiene Handel: Er wordt expliciet gesproken over "clandestiene groente". Vanwege de rantsoenering was er een levendige zwarte markt.
2. Schaarste van Materialen: Hout en verpakkingsmateriaal waren schaars. Statiegeld op kratten was relatief hoog (2 gulden was in 1943 een aanzienlijk bedrag), wat fraude met vervalste stempels aantrekkelijk maakte.
3. Toezicht: Het rapport toont aan dat er ondanks de oorlog een strikte controle bleef bestaan op de economische stromen via instituten zoals de N.V. Nederlandse Veiling en de marktopzichters. De Jan van Galenstraat (Centrale Markthallen) was hierbij het logistieke hart van Amsterdam.