Getypte doorslag of kopie van een ambtelijk rapport/brief (pagina 2).
Origineel
Getypte doorslag of kopie van een ambtelijk rapport/brief (pagina 2). 17 maart 1943. - 2 -
Kloosterman maar voor f. 22,96 is ingeleverd, het overige bedrag dat aan Nederend is uitbetaald is grootendeels afkomstig van ledigefust, dat zij bij de Fust.Centr. hadden gestolen. Tegen Nederend zal P.V.B. worden opgemaakt wegens diefstal.
Amsterdam, 17 Maart 1943.
Contrôleur,
w.g.
J.P.N. Boon.
Voor eensluidend afschrift:
De Directeur van het Marktwezen, Dit document is de tweede pagina van een officieel verslag of een brief, opgesteld door een controleur genaamd J.P.N. Boon. Het is een "eensluidend afschrift", wat betekent dat het een gecertificeerde kopie is van het origineel, in dit geval uitgegeven door de Directeur van het Marktwezen in Amsterdam.
De kern van de tekst betreft een fraudezaak of diefstal. Er wordt melding gemaakt van een bedrag van 22,96 gulden dat door een zekere Kloosterman is ingeleverd. Het resterende bedrag dat aan een persoon of firma genaamd Nederend was uitgekeerd, bleek echter verkregen door de verkoop van gestolen "ledigefust" (lege kratten, vaten of flessen). Dit fust was ontvreemd bij de Fustcentrale. De controleur kondigt aan dat er tegen Nederend een P.V.B. (Proces-Verbaal van Bevindingen) zal worden opgesteld wegens diefstal. Het document dateert van maart 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was er sprake van grote schaarste aan grondstoffen en goederen. Hierdoor was de controle op distributie en hergebruik van materialen, zoals fust (emballage), uiterst streng.
De Dienst van het Marktwezen in Amsterdam was verantwoordelijk voor het toezicht op de handel en de markten in de stad. In oorlogstijd was de rol van deze dienst cruciaal voor het handhaven van de distributieregels en het bestrijden van de zwarte handel. De diefstal van fust bij een centrale instelling als de Fustcentrale werd in deze context gezien als een ernstig economisch vergrijp. De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat op het originele document de handtekening van Boon stond.
Samenvatting
Dit document is de tweede pagina van een officieel verslag of een brief, opgesteld door een controleur genaamd J.P.N. Boon. Het is een "eensluidend afschrift", wat betekent dat het een gecertificeerde kopie is van het origineel, in dit geval uitgegeven door de Directeur van het Marktwezen in Amsterdam.
De kern van de tekst betreft een fraudezaak of diefstal. Er wordt melding gemaakt van een bedrag van 22,96 gulden dat door een zekere Kloosterman is ingeleverd. Het resterende bedrag dat aan een persoon of firma genaamd Nederend was uitgekeerd, bleek echter verkregen door de verkoop van gestolen "ledigefust" (lege kratten, vaten of flessen). Dit fust was ontvreemd bij de Fustcentrale. De controleur kondigt aan dat er tegen Nederend een P.V.B. (Proces-Verbaal van Bevindingen) zal worden opgesteld wegens diefstal.
Historische Context
Het document dateert van maart 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland was er sprake van grote schaarste aan grondstoffen en goederen. Hierdoor was de controle op distributie en hergebruik van materialen, zoals fust (emballage), uiterst streng.
De Dienst van het Marktwezen in Amsterdam was verantwoordelijk voor het toezicht op de handel en de markten in de stad. In oorlogstijd was de rol van deze dienst cruciaal voor het handhaven van de distributieregels en het bestrijden van de zwarte handel. De diefstal van fust bij een centrale instelling als de Fustcentrale werd in deze context gezien als een ernstig economisch vergrijp. De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat op het originele document de handtekening van Boon stond.