Administratieve notitie op een systeemkaart.
Origineel
Administratieve notitie op een systeemkaart. (Linksboven, schuin geschreven:)
Zie
doss. controle
7-2-44
alhier
(Rechtsboven:)
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
alhier.
(Hoofdtekst:)
Op Zaterdag 5 Februari 1944
is door G.J. Goossen 40 pond blei
aangevoerd. Door mij zijn 19 Voor-
rangskaarten afgetekend. Die zijn aanver-
kocht. Daar er geen andere aanvoer was,
is er niemand uit de opgestelde verdeling voor
visch in aanmerking gekomen.
2 pond heeft hij voor zich zelf gehouden. H. Verhoeff De tekst is een ambtelijk verslag over een beperkte partij vis die is binnengekomen. De controleur meldt dat er 40 pond 'blei' (kolblei, een zoetwatervis) is aangevoerd door G.J. Goossen. De kern van de rapportage is dat de volledige partij is opgegaan aan houders van 'voorrangskaarten'. Er waren 19 van deze kaarten, en nadat deze verzilverd waren, was de vis op ("aanverkocht").
Hierdoor bleven burgers die op de reguliere distributielijst ('de opgestelde verdeling') stonden die dag zonder vis. Ook wordt plichtsgetrouw vermeld dat de visser 2 pond voor eigen consumptie heeft achtergehouden, wat binnen de regels viel maar nauwkeurig genoteerd moest worden. Het rode vinkje in het midden van de kaart duidt op een voltooide controle door de inspecteur. Dit document stamt uit de late periode van de Duitse bezetting van Nederland. In 1944 was de voedselsituatie zeer precair en stond nagenoeg alles op de bon. Het 'Marktwezen' was de instantie die toezag op de eerlijke (en door de bezetter gereguleerde) verdeling van marktgoederen.
'Voorrangskaarten' werden in deze tijd uitgegeven aan specifieke groepen, zoals mensen met zware beroepen, zieken, of soms als gunst aan collaborateurs. Het feit dat een relatief kleine hoeveelheid van 40 pond (ca. 20 kg) zo gedetailleerd wordt geadministreerd, illustreert de extreme schaarste en de verstikkende bureaucratie van de distributieketen tijdens de oorlogsjaren. De spelling 'visch' is de destijds gebruikelijke schrijfwijze (vóór de spellinghervorming van 1947).
Samenvatting
De tekst is een ambtelijk verslag over een beperkte partij vis die is binnengekomen. De controleur meldt dat er 40 pond 'blei' (kolblei, een zoetwatervis) is aangevoerd door G.J. Goossen. De kern van de rapportage is dat de volledige partij is opgegaan aan houders van 'voorrangskaarten'. Er waren 19 van deze kaarten, en nadat deze verzilverd waren, was de vis op ("aanverkocht").
Hierdoor bleven burgers die op de reguliere distributielijst ('de opgestelde verdeling') stonden die dag zonder vis. Ook wordt plichtsgetrouw vermeld dat de visser 2 pond voor eigen consumptie heeft achtergehouden, wat binnen de regels viel maar nauwkeurig genoteerd moest worden. Het rode vinkje in het midden van de kaart duidt op een voltooide controle door de inspecteur.
Historische Context
Dit document stamt uit de late periode van de Duitse bezetting van Nederland. In 1944 was de voedselsituatie zeer precair en stond nagenoeg alles op de bon. Het 'Marktwezen' was de instantie die toezag op de eerlijke (en door de bezetter gereguleerde) verdeling van marktgoederen.
'Voorrangskaarten' werden in deze tijd uitgegeven aan specifieke groepen, zoals mensen met zware beroepen, zieken, of soms als gunst aan collaborateurs. Het feit dat een relatief kleine hoeveelheid van 40 pond (ca. 20 kg) zo gedetailleerd wordt geadministreerd, illustreert de extreme schaarste en de verstikkende bureaucratie van de distributieketen tijdens de oorlogsjaren. De spelling 'visch' is de destijds gebruikelijke schrijfwijze (vóór de spellinghervorming van 1947).