Bestelbon voor groentendistributie.
Origineel
Bestelbon voor groentendistributie. [Linkerkolom]
XXX
Gemeentelijke Distributie van Groenten
Bestelbon A № 057856
GEZINSKAART No. ....................................................
Het nevenstaande wordt slechts afgeleverd tegen
afgifte van dezen bon en van de desbetreffende
strook der gezinskaart. De groenten kunnen op
de daarvoor aangewezen uren worden afgehaald
aan distributieplaats .................................................... .
Zoek geraakte bonnen worden niet vergoed.
Deze bon is slechts geldig in de week
volgende op die waarin besteld is.
Datum bestelling ...........................................................
[Rechterkolom]
.......... pond roode kool
.......... ,, savoye kool
.......... ,, uien
.......... ,, wortelen
.......... ,, koolrapen
.......... ,, bieten (rauw)
.......... ,, zuurkool
Totaal ............ pond à 3 cent per kg = f..................
Bovenstaand bedrag door mij ontvangen.
(Handteekening) Deze bestelbon diende als officieel bewijsstuk voor het verkrijgen van groenten via een gemeentelijk distributiesysteem. De belangrijkste kenmerken zijn:
- Controlesysteem: De bon was gekoppeld aan een 'gezinskaart'. Om misbruik te voorkomen, moest zowel deze bon als een specifieke strook van de gezinskaart worden ingeleverd bij afhaal.
- Assortiment: Het formulier somt basisgroenten op (verschillende kolen, uien, wortelen, koolrapen, bieten en zuurkool), wat duidt op een periode waarin verse importgroenten schaars waren.
- Logistiek: De bon benadrukt dat afhalen alleen op vastgestelde uren en locaties kon. De geldigheid was beperkt tot de week na bestelling.
- Financieel: Er wordt een vaste prijs gehanteerd (3 cent per kg), waarbij de totale som in guldens (f) moest worden afgerekend bij ontvangst. Dit document stamt uit een periode van schaarste en rantsoenering in Nederland, zeer waarschijnlijk tijdens de Eerste of Tweede Wereldoorlog. De spelling (zoals "roode", "dezen" en "Handteekening") wijst op het begin van de 20e eeuw (vóór de spellingshervormingen van 1947).
Tijdens oorlogsjaren nam de overheid de controle over de voedselvoorziening over om eerlijke verdeling te garanderen en woekerprijzen te voorkomen. Gemeenten speelden hierin een centrale rol via de 'Gemeentelijke Distributie'. De "gezinskaart" was het centrale document waarop een huishouden recht had op bepaalde hoeveelheden voedsel. Dergelijke bonnen zijn tastbare herinneringen aan de bureaucratische precisie waarmee de dagelijkse overleving van de bevolking destijds werd gereguleerd.
Samenvatting
Deze bestelbon diende als officieel bewijsstuk voor het verkrijgen van groenten via een gemeentelijk distributiesysteem. De belangrijkste kenmerken zijn:
- Controlesysteem: De bon was gekoppeld aan een 'gezinskaart'. Om misbruik te voorkomen, moest zowel deze bon als een specifieke strook van de gezinskaart worden ingeleverd bij afhaal.
- Assortiment: Het formulier somt basisgroenten op (verschillende kolen, uien, wortelen, koolrapen, bieten en zuurkool), wat duidt op een periode waarin verse importgroenten schaars waren.
- Logistiek: De bon benadrukt dat afhalen alleen op vastgestelde uren en locaties kon. De geldigheid was beperkt tot de week na bestelling.
- Financieel: Er wordt een vaste prijs gehanteerd (3 cent per kg), waarbij de totale som in guldens (f) moest worden afgerekend bij ontvangst.
Historische Context
Dit document stamt uit een periode van schaarste en rantsoenering in Nederland, zeer waarschijnlijk tijdens de Eerste of Tweede Wereldoorlog. De spelling (zoals "roode", "dezen" en "Handteekening") wijst op het begin van de 20e eeuw (vóór de spellingshervormingen van 1947).
Tijdens oorlogsjaren nam de overheid de controle over de voedselvoorziening over om eerlijke verdeling te garanderen en woekerprijzen te voorkomen. Gemeenten speelden hierin een centrale rol via de 'Gemeentelijke Distributie'. De "gezinskaart" was het centrale document waarop een huishouden recht had op bepaalde hoeveelheden voedsel. Dergelijke bonnen zijn tastbare herinneringen aan de bureaucratische precisie waarmee de dagelijkse overleving van de bevolking destijds werd gereguleerd.