Handgeschreven verzoekschrift aan een overheidsinstantie.
Origineel
Handgeschreven verzoekschrift aan een overheidsinstantie. 22 maart 1944. Mevr. B. Snip-Büssinger (namens A. Snip). № 20/23/1 M. 1944 25/3
905
Amsterdam 22-3-’44
Weled. Heer
Beleufd verzoek ik U welwillende aandacht.
Ondergeteekende echtgenoote van A. Snip vraagt
Uw medewerking tot het verkrijgen van een
vergunning voor de verkoop van 2de hands-
goederen in een winkelhuis
Ten eerste moet ik U mededeelen dat mijn man een
vaste standplaats heeft gehad op de Vlooienmarkt
nu is deze plaats opgeheven omdat mijn man steeds
ziek is geweest en door andere omstandigheden.
Door die omstandigheden is mijn man terecht gekomen
in ’t huis van bewaring en nu sta ik helemaal
zonder verdienste. Nu komt mijn man 27 Juni
weer thuis, maar zijn gezondheid laat het niet toe
om weer op de markt te staan. Nu zou ik graag
willen dat alvast een vergunning aan mij werd
verleend om te trachten mijn brood te verdienen
Hopende dat U aan mijn verzoek zult voldoen
en bij voorbaat mijn dank.
Hoogachtend
B. Snip Büssinger
Opbergen
verwezen naar Kamer van Koophandel 12-4-44
[paraaf]
Spuistraat 195 II
Amsterdam * Inhoud: Mevrouw Snip-Büssinger verzoekt om een vergunning om een tweedehands winkel te openen. Haar man, A. Snip, had voorheen een kraam op de Vlooienmarkt (Waterlooplein), maar deze is hij kwijtgeraakt.
* Motivering: De schrijfster voert twee redenen aan: de slechte gezondheid van haar man en het feit dat hij in het 'Huis van Bewaring' heeft gezeten (waardoor het gezin nu geen inkomen heeft). Het is opvallend dat zij anticipeert op zijn vrijlating op 27 juni.
* Taalgebruik: Het schrijven is opgesteld in een beleefde, enigszins formele maar ook dwingende toon ("Beleufd", "Hopende dat U... zult voldoen"). Spelling zoals "beleufd" wijst op een meer fonetische schrijfwijze die destijds vaker voorkwam bij minder geschoolde burgers.
* Administratieve afhandeling: Onderaan is te zien dat het verzoek op 12 april 1944 is doorverwezen naar de Kamer van Koophandel, wat de standaard procedure was voor handelsvergunningen. * Tijdsgeest (Bezettingstijd): De brief is geschreven in het voorjaar van 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er grote schaarste en was handel in tweedehands goederen voor velen een noodzakelijke manier om te overleven.
* Huis van Bewaring: De reden van de gevangenschap van de echtgenoot wordt niet expliciet vermeld. Gezien de context van 1944 kan dit variëren van economische vergrijpen (zwarte handel) tot politieke redenen of andere overtredingen van de bezettingswetten.
* Locatie: De Spuistraat 195 in Amsterdam bevindt zich in het centrum. De referentie naar de Vlooienmarkt wijst op een nauwe verbondenheid met de destijds levendige handelscultuur rond het Waterlooplein.
* Vrouwelijke zelfstandigheid: Het document illustreert hoe vrouwen tijdens de oorlog gedwongen werden het voortouw te nemen in het levensonderhoud van het gezin wanneer de man afwezig of ziek was.