Getypte brief (doorslag).
Origineel
Getypte brief (doorslag). 10 mei 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen). 20/26/2M. 10 Mei 1944.
J.F.Zwager Den Heer Wethouder
plaats op voor de Levensmiddelen,
dagmarkten.
A l h i e r.
============
Onder terugzending van het met Uw kant-
brief d.d. 28 Maart jl. om advies ontvangen
stuk no. 23/4 L.M. 1944 heb ik de eer U te be-
richten, dat adressant dezerzijds eenige malen
is gehoord; hij is grondwerker van beroep, doch
beweert voor den oorlog losse plaatsen op de
dagmarkten te hebben ingenomen.
Voor zoover dezerzijds aan de hand van
oude kwitantieboeken kon worden nagegaan heeft
Zwager op de markten te Amsterdam echter nimmer
een plaats bezet.
Voor den handel in bloemen is momenteel
een erkenning noodig van den Vakgroep Detail-
handel Bloemen en Planten. Zwager is niet in
het bezit van een dergelijke erkenning.
Op grond van het bovenstaande geef ik U
in overweging op het onderhavige verzoek af-
wijzend te beschikken.
De Directeur, De brief is een ambtelijk advies over een aanvraag voor een marktvergunning. De heer J.F. Zwager heeft verzocht om een standplaats op de Amsterdamse dagmarkten, vermoedelijk om in bloemen te gaan handelen.
De directeur die het advies uitbrengt, voert drie redenen aan om het verzoek af te wijzen:
1. Beroepsachtergrond: Zwager is van oorsprong grondwerker en geen professionele marktkoopman.
2. Onjuiste beweringen: Hoewel Zwager beweert voor de oorlog als losse plaatshouder op de markt te hebben gestaan, blijkt uit onderzoek in de administratie (de kwitantieboeken) dat hier geen bewijs voor is.
3. Ontbrekende papieren: Voor de handel in bloemen is in 1944 een officiële erkenning van de specifieke 'Vakgroep' vereist, die Zwager niet bezit.
De conclusie van het schrijven is dan ook een negatief advies aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. Dit document dateert van mei 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de distributie van goederen en de toegang tot de handel strikt gereguleerd door de overheid.
De genoemde "Vakgroep Detailhandel Bloemen en Planten" maakte deel uit van de nationaalsocialistische ordening van het bedrijfsleven (de Organisatiecommissie voor het Bedrijfsleven). Zonder lidmaatschap of erkenning van zo'n vakgroep was het nagenoeg onmogelijk om legaal een bedrijf te voeren of handel te drijven. De schaarste aan middelen en voedsel zorgde ervoor dat de Wethouder voor de Levensmiddelen een cruciale rol speelde in het toewijzen van de schaarse marktplaatsen. De bureaucratische controle was, zoals blijkt uit het controleren van oude kwitantieboeken, zelfs in oorlogstijd zeer accuraat.