Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 27 april 1944 (ontvangststempel 28 april 1944). J.P.K. Schoots, Westergasthuisstraat 43 II, Amsterdam-W. No 20/34/1 M. 1944 28/4 [stempel]
Den Heer Directeur van den Gem. Dienst
van het Marktwezen
te Amsterdam.
A’dam 27-4-’44
WelEd. Geb. Heer!
Op de aankondiging van de nieuwe dagmarktplaatsen
aan de Gemeente visch afslag heb ik gelezen, dat ik
aangewezen ben in ’t vervolg mijn visch te verkopen op de
markt Pretoriusplein.
Daar ik sedert het treinongeluk, dat mij in 1942
getroffen heeft, lijdende ben aan epilepsie — zie
bijgaand medisch attest — ben ik niet in staat,
een kar met visch zó ver te rijden. [In rood geschreven:] Hoe ver dan wel?
Tot nu toe stond ik op de Noordermarkt, en daarheen
kon ik alleen nog komen, doordat mijn vader — die ook
in de Gemeentelijke Vischverdeling is opgenomen —
de kar reed.
In verband met het bovenstaande richt ik dan ook
het beleefde verzoek tot U, mij ook voor de toekomst
te willen toestaan, mijn visch op de Noordermarkt te
verkopen. Bij voorbaat beleefd dankend, hoogachtend.
J. P. K. Schoots
Westergasthuisstraat 43 II
Amsterdam-W.
[Handtekening:] J P K Schoots.
[Ambtelijke krabbel rechtsonder:] Is niets over bekend [onleesbaar]. Afwijzen 31-5-44 [geinitialiseerd] In deze brief verzoekt J.P.K. Schoots, een visverkoper uit Amsterdam-West, om herziening van zijn standplaatstoewijzing. De gemeente heeft hem een plek toegewezen op het Pretoriusplein (Amsterdam-Oost). Schoots voert aan dat hij vanwege een treinongeluk in 1942 aan epilepsie lijdt, waardoor hij fysiek niet in staat is om de zware viskar over een grote afstand te duwen.
Hij verzoekt om op de Noordermarkt (Jordaan) te mogen blijven staan. Deze locatie is voor hem bereikbaar omdat zijn vader, die eveneens werkzaam is in de visverdeling, hem helpt door de kar daarheen te rijden. De brief is een direct gevolg van de herstructurering van de Amsterdamse dagmarkten tijdens de bezettingsjaren.
De ambtelijke reactie in de kantlijn is zakelijk en wijst op een afwijzing van het verzoek op 31 mei 1944, ondanks de medische onderbouwing. Het document dateert van april 1944, een periode van schaarste en strikte regulering in bezet Amsterdam. De distributie van levensmiddelen, waaronder vis via de "Gemeentelijke Vischverdeling", was strak georganiseerd door de overheid. Marktkooplieden waren gebonden aan strikte vergunningen en toegewezen locaties.
De geografische context is hier van belang: de afzender woont in de Westergasthuisstraat (nabij het huidige Westerpark). De afstand naar de Noordermarkt is relatief kort. De afstand naar het Pretoriusplein in Amsterdam-Oost is echter aanzienlijk (ca. 5-6 kilometer), wat met een zwaarbeladen handkar voor iemand met een medische aandoening een vrijwel onmogelijke opgave was. Het document illustreert de bureaucratische omgang met individuele noodsituaties tijdens de oorlogsjaren. J.P.K. Schoots K. Schoots Marktwezen