Doorslag/afschrift van een officiële brief (Abschrift).
Origineel
Doorslag/afschrift van een officiële brief (Abschrift). 6 december 1943. A B S C H R I F T .
Der Reichskommissar
für die besetzten Niederländischen Gebiete
Der Generalkommissar
für Finanz und Wirtschaft Arnhem, den 6.Dezember 1943
Wirtschaftsprüfstelle Amsterdamscheweg 133
AZ.Nr. 2629/HE 100/43
Dr.Th./Schw.
An
Frl. Betty Dora I z a a k s, Amsterdam-Zuid., Maasstraat 118
Frl. Dora I z a a k s, Amsterdam-Zuid, Maasstraat 118
Auf Grund von par. 2 Abs. I Ziffer 1 u.3 in Verbindung mit
par. 5 der Verordnung Nr. 48/1941 des Reichskommissars für
die besetzten niederländischen Gebiete genehmige ich die
durch Vertrag vom 15.Oktober 1943 vorgenommene schenkungsweise
Übertragung des unetr der Firma
Wed. D. Izaaks-Wessels
Amsterdam-Z., Maasstraat 118
betriebenen Unternehmens auf die aus einer Mischehe stammen-
den Kinder Betty , Dora und Dora Izaaks.
Ich gehe dabei von der Voraussetzung aus, dass Juden in dem
Unternehmen weder personell noch kapitalmassig Einfluss haben.
Damit ist das Unternehmen nicht mehr anmeldepflichtig im Sinne
der Verordnung Nr. 189/1940.
I.V.
w.g.
Dr. Theussen. Dit document is een officiële goedkeuring van de Duitse bezettingsautoriteit voor de schenking van een bedrijf. De kern van de zaak is de overdracht van de firma van de weduwe D. Izaaks-Wessels aan haar kinderen Betty en Dora Izaaks.
De tekst bevat een opvallende typefout ("unetr" in plaats van "unter"), die in deze getrouwe transcriptie is behouden. De juridische rechtvaardiging rust op het feit dat de kinderen voortkomen uit een zogenaamd "gemengd huwelijk" (Mischehe). De autoriteiten stellen als harde voorwaarde dat "Joden" geen enkele personele of financiële invloed meer mogen hebben op de onderneming. Door deze overdracht wordt het bedrijf officieel niet langer aangemerkt als een "Joodse onderneming", waardoor de verplichte registratie (volgens Verordening 189/1940) vervalt. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland werden Joodse ondernemingen stelselmatig onteigend, geliquideerd of onder beheer van een Verwalter gesteld ("arisering"). Dit document illustreert de bureaucratische processen die hiermee gepaard gingen.
De genoemde Verordening 189/1940 verplichtte de registratie van alle bedrijven met Joodse eigenaren of invloeden. Verordening 48/1941 breidde de economische uitsluiting van Joden verder uit. Voor families van gemengde afkomst bood de status van "Mischling" soms een juridische ontsnappingsroute om bezit binnen de familie te houden, mits men kon aantonen dat de Joodse invloed (volgens de nazi-definities) volledig was verdwenen.
De ondertekenaar "Dr. Theussen" werkte bij de Wirtschaftsprüfstelle, de instantie die verantwoordelijk was voor het toezicht op en de controle van Joodse vermogens en bedrijven in bezet Nederland. De Maasstraat in de Rivierenbuurt (Amsterdam-Zuid) was een wijk waar tijdens de bezetting veel Joodse gezinnen woonden. Dit document toont een wanhopige poging om een familiebedrijf te redden door middel van juridische herclassificatie onder het toeziend oog van de bezetter.