Archief 745
Inventaris 745-432
Pagina 202
Dossier 106
Jaar 1944
Stadsarchief

Ambtelijke notitie/memo op een voorgedrukt formulier ("Bijblad").

7 februari 1944 (onderaan vermeld). Dossier: 46

Origineel

Ambtelijke notitie/memo op een voorgedrukt formulier ("Bijblad"). 7 februari 1944 (onderaan vermeld). [Marginale notitie rechtsboven:]
Oorsp. [?]
nader
advies v-
Dijkema,
die zich
zou hebben
uitgelaten,
dat hij
zijn rapport
wenscht
terug te
nemen of
te wijzigen.
de Haan

[Hoofdtekst:]
Dijkema denkt er niet ^aan^ zijn
rapport te wijzigen. Hij heeft zich
in geen geval uitgelaten, dat hij
zijn rapport terug zou nemen
indien hij geweten had dat de
Gebr. Brandenburg voor 4 maand
zouden worden geschorst.
Wel heeft Dijkema tegen de
Gebr. Brandenburg gezegd, dat
hij voor de gepleegde overtre-
ding een straf van 4 maand-
veel te zwaar vindt.
Een en ander heeft hij bij de
Directeur van het Marktwezen in een
onderhoud kenbaar gemaakt. 7-2-44
de Haan Dit document is een interne ambtelijke verduidelijking betreffende een lopende tuchtzaak. Het kernpunt is een misverstand over de intenties van de heer Dijkema ten aanzien van een door hem opgesteld rapport over de gebroeders Brandenburg.

Er bestond blijkbaar de indruk dat Dijkema zijn rapport wilde intrekken of wijzigen omdat de daaruit voortvloeiende straf (een schorsing van vier maanden) hem te zwaar toescheen. De notitie stelt echter vast dat Dijkema bij de feiten in zijn rapport blijft en geen intentie heeft dit te veranderen. Desalniettemin wordt bevestigd dat hij de uiteindelijke sanctie van vier maanden schorsing voor de gepleegde overtreding persoonlijk als te streng beschouwt. Hij heeft dit morele bezwaar ook kenbaar gemaakt aan de Directeur van het Marktwezen. De notitie dient dus om de ambtelijke integriteit van de rapportage te scheiden van de persoonlijke mening van de rapporteur over de strafmaat. De datum, 7 februari 1944, plaatst dit document in het hart van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het "Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die verantwoordelijk was voor de orde en regelgeving op de markten. In een tijd van schaarste, rantsoenering en zwarte handel waren de regels voor marktkooplieden uiterst streng.

Een schorsing van vier maanden betekende in 1944 voor de gebroeders Brandenburg vrijwel zeker het verlies van hun volledige inkomen en legale toegang tot handelswaar. De notitie geeft een inkijkje in de ambtelijke molen van die tijd, waarin zelfs onder de druk van de bezetting nog gediscussieerd werd over de proportionaliteit van straffen. Het gebruik van een formulier dat in 1942 is gedrukt (zie code linksonder), is kenbaar voor de papierbeperkingen uit de oorlogsjaren. M. No Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een interne ambtelijke verduidelijking betreffende een lopende tuchtzaak. Het kernpunt is een misverstand over de intenties van de heer Dijkema ten aanzien van een door hem opgesteld rapport over de gebroeders Brandenburg.

Er bestond blijkbaar de indruk dat Dijkema zijn rapport wilde intrekken of wijzigen omdat de daaruit voortvloeiende straf (een schorsing van vier maanden) hem te zwaar toescheen. De notitie stelt echter vast dat Dijkema bij de feiten in zijn rapport blijft en geen intentie heeft dit te veranderen. Desalniettemin wordt bevestigd dat hij de uiteindelijke sanctie van vier maanden schorsing voor de gepleegde overtreding persoonlijk als te streng beschouwt. Hij heeft dit morele bezwaar ook kenbaar gemaakt aan de Directeur van het Marktwezen. De notitie dient dus om de ambtelijke integriteit van de rapportage te scheiden van de persoonlijke mening van de rapporteur over de strafmaat.

Historische Context

De datum, 7 februari 1944, plaatst dit document in het hart van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het "Marktwezen" was de gemeentelijke instantie die verantwoordelijk was voor de orde en regelgeving op de markten. In een tijd van schaarste, rantsoenering en zwarte handel waren de regels voor marktkooplieden uiterst streng.

Een schorsing van vier maanden betekende in 1944 voor de gebroeders Brandenburg vrijwel zeker het verlies van hun volledige inkomen en legale toegang tot handelswaar. De notitie geeft een inkijkje in de ambtelijke molen van die tijd, waarin zelfs onder de druk van de bezetting nog gediscussieerd werd over de proportionaliteit van straffen. Het gebruik van een formulier dat in 1942 is gedrukt (zie code linksonder), is kenbaar voor de papierbeperkingen uit de oorlogsjaren.

Genoemde Personen 1

M. No

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 100

A.V. de Jong Waterlooplein - 1 87
A. Koning Waterlooplein " 9-9-1893
A. Koning Waterlooplein Geb. 12-7-1886
A. Sier Waterlooplein " 21-10-1897
A. Merens Waterlooplein
A. Harte Waterlooplein - 3 11
B.C.v.Es Waterlooplein - 5 83
B.C.v.Es Waterlooplein **F 17608 37** (rood)
C. Bras Waterlooplein - 1.65
C. de Jong Waterlooplein - 43
C. de Jong Waterlooplein
C. Dekker Waterlooplein - 1 20
C. Dienst Waterlooplein - 5 24
C. Dienst Waterlooplein - 5.38
C. Dienst Waterlooplein - 7 41
C. Voedselvoorz Waterlooplein - 3 60
C. Voedselvoorz Waterlooplein - 1 27
C.M. Voorstel Waterlooplein - 4.49
C.H. Heerding Waterlooplein - 2 14
C.H. Heerding Waterlooplein
C H Herwig Waterlooplein - 500.00
C. Kooy Waterlooplein
C. Koning Waterlooplein " 4-4-1903
C. Schilder Waterlooplein " 13-12-1918
S. Israels Waterlooplein
D. Bakker Waterlooplein - 3 37
D. Visser Waterlooplein " 3-4-1894
Gebr.Kooy Waterlooplein
G.G.D. Amsterdam Waterlooplein fl 7732.13
G.G.D. Amsterdam Waterlooplein f 17553 67
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3