Afschrift of doorslag van een zakelijke brief/sommatie.
Origineel
Afschrift of doorslag van een zakelijke brief/sommatie. 3 augustus 1939. Mr. P.H.F. van Vloten (advocaat/procureur). [Bovenaan, licht zichtbaar:]
DEVENTER, 3 Augustus 1939.
v.V./M. van Vloten.
[Hoofdtekst:]
taald, dan moet ik tot dagvaarden overgaan.
Hoogachtend,
w.g. Mr. P.H.F. van Vloten.
[Rechterzijde, verticaal getypt:]
Aan den Heer Dit blad bevat het slot van een formele juridische brief. De tekst "taald, dan moet ik tot dagvaarden overgaan" is het restant van een zin die waarschijnlijk luidde: "Indien niet tijdig wordt betaald, dan moet ik tot dagvaarden overgaan." Dit duidt op een laatste sommatie alvorens een gerechtelijke procedure wordt gestart.
De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat dit een kopie of doorslag is voor het archief, terwijl het origineel door Mr. P.H.F. van Vloten persoonlijk is ondertekend.
Hoewel de tekst op deze zijde beperkt is, is de tekst van de voorzijde in spiegelbeeld leesbaar door het dunne papier. Hieruit valt op te maken dat de correspondentie betrekking heeft op een geschil over schade aan een auto ("auto", "remmen", "schade") en een hiermee gemoeid bedrag van 30 gulden. Er wordt gerefereerd aan personeel en de aansprakelijkheid van de geadresseerde. Mr. P.H.F. van Vloten was een bekende advocaat en procureur in Deventer in de eerste helft van de 20e eeuw. De brief dateert van 3 augustus 1939, minder dan een maand voordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak met de inval in Polen. Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse juridische praktijk van die tijd, waarin zelfs kleine schadeclaims (30 gulden was destijds echter een aanzienlijk bedrag, vergelijkbaar met circa 300 euro nu) via formele sommaties werden afgehandeld. De verticale tekst "Aan den Heer" suggereert dat het document mogelijk zo gevouwen was dat de adressering via een vensterenvelop of als buitenkant zichtbaar was, of dat het een specifieke archiefnotitie betreft. M. van Vloten P.H.F. van Vloten
Samenvatting
Dit blad bevat het slot van een formele juridische brief. De tekst "taald, dan moet ik tot dagvaarden overgaan" is het restant van een zin die waarschijnlijk luidde: "Indien niet tijdig wordt betaald, dan moet ik tot dagvaarden overgaan." Dit duidt op een laatste sommatie alvorens een gerechtelijke procedure wordt gestart.
De afkorting "w.g." staat voor "was getekend", wat aangeeft dat dit een kopie of doorslag is voor het archief, terwijl het origineel door Mr. P.H.F. van Vloten persoonlijk is ondertekend.
Hoewel de tekst op deze zijde beperkt is, is de tekst van de voorzijde in spiegelbeeld leesbaar door het dunne papier. Hieruit valt op te maken dat de correspondentie betrekking heeft op een geschil over schade aan een auto ("auto", "remmen", "schade") en een hiermee gemoeid bedrag van 30 gulden. Er wordt gerefereerd aan personeel en de aansprakelijkheid van de geadresseerde.
Historische Context
Mr. P.H.F. van Vloten was een bekende advocaat en procureur in Deventer in de eerste helft van de 20e eeuw. De brief dateert van 3 augustus 1939, minder dan een maand voordat de Tweede Wereldoorlog uitbrak met de inval in Polen. Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse juridische praktijk van die tijd, waarin zelfs kleine schadeclaims (30 gulden was destijds echter een aanzienlijk bedrag, vergelijkbaar met circa 300 euro nu) via formele sommaties werden afgehandeld. De verticale tekst "Aan den Heer" suggereert dat het document mogelijk zo gevouwen was dat de adressering via een vensterenvelop of als buitenkant zichtbaar was, of dat het een specifieke archiefnotitie betreft.