Officiële brief / schriftelijke waarschuwing.
Origineel
Officiële brief / schriftelijke waarschuwing. 30 augustus 1939. De Directeur (van een niet nader genoemde instantie, vermoedelijk de Centrale Markt of een controlerend orgaan voor de voedselvoorziening). HG.
[handgeschreven: extra]
37/174/4 M.
30 Augustus 1939.
den Heer D.Boer,
No.430,
B E N S C H O P .
Mij is gerapporteerd, dat U op 26 Augustus jl. ten tweede male een statistiekbon betreffende aanvoer ter Centrale Markt, niet naar behooren heeft ingevuld. Inmiddels werd U reeds op 26 Augustus jl. voor een soortgelijk feit schriftelijk gewaarschuwd. Ik neem aan, dat U deze waarschuwing zult ter harte nemen.
De Directeur, De brief betreft een officiële berisping aan het adres van een leverancier (de heer D. Boer) uit Benschop. De kern van de klacht is administratieve slordigheid: het onjuist invullen van zogenaamde 'statistiekbonnen' voor de aanvoer van goederen naar de Centrale Markt.
Opvallend is de korte tijdspanne tussen de overtredingen en de waarschuwingen. Op 26 augustus vonden blijkbaar twee incidenten plaats, waarvoor reeds op diezelfde dag of kort daarna een eerste schriftelijke waarschuwing was verzonden. Deze brief van 30 augustus dient als een tweede, strengere waarschuwing. De toon is formeel en autoritair, kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit die periode. De datum van de brief—30 augustus 1939—is zeer relevant. Dit is slechts twee dagen voor de Duitse inval in Polen en het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In Nederland was de algemene mobilisatie reeds uitgeroepen (28 augustus 1939).
In tijden van internationale spanning en dreigende schaarste was de controle op de voedselvoorziening en de logistiek (de 'aanvoer') van cruciaal belang voor de overheid. De "Centrale Markt" (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam) speelde hierin een spilfunctie. Statistiekbonnen waren noodzakelijk voor de overheid om exact inzicht te houden in de beschikbare voorraden en de distributie van levensmiddelen. Administratieve fouten door boeren of handelaren werden in deze context gezien als een risico voor de nationale voedselzekerheid, wat de snelle en formele reactie van "De Directeur" verklaart. Benschop was destijds een belangrijke agrarische gemeenschap (voornamelijk veeteelt) die de stedelijke gebieden bevoorraadde. D. Boer