Archiefdocument
Origineel
37/213/2 M
Verzonden 3/11 - 39
VP/G
2 November 1939
N.V.v/h H.G.Ruhe,
Land- en Tuinbouwproducten,
Centrale Markt B 1,
Amsterdam-West.
Naar aanleiding van de in Uw brief d.d. 2 dezer vervatte mededeeling, dat Uw vrachtauto op 3 November a.s. ter vordering moet worden aangeboden, bevestig ik hierby, dat Uw onderneming belangryke grossierszaken op de Centrale Markt uitoefent. Zoo is my bekend, dat U als leverancier optreedt voor de Gemeentelyke Kindervoeding en de Gemeente-lyke Ziekenhuizen, alhier, waartoe U ongetwyfeld over een vrachtauto moet kunnen beschikken. Door het feit, dat Uw directeur en Uw boekhouder zyn gemobiliseerd worden Uw za-ken bereids ernstig bemoeilykt, weshalve requisitie van Uw eenige vrachtauto U thans wel byzonder zwaar zou treffen.
De Directeur, Deze brief is een officiële verklaring ter ondersteuning van de firma N.V. v/h H.G. Ruhe, een groothandel in land- en tuinbouwproducten gevestigd op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de brief is een pleidooi tegen de vordering (inbeslagname voor militaire doeleinden) van de enige vrachtwagen van het bedrijf.
De schrijver voert drie belangrijke argumenten aan waarom het voertuig behouden moet blijven:
1. Cruciale Voedselvoorziening: Het bedrijf is een belangrijke groothandelaar die essentiële diensten levert aan de stad, met name de Gemeentelijke Kindervoeding en de Gemeentelijke Ziekenhuizen. Zonder vrachtwagen kan deze levering niet gegarandeerd worden.
2. Personeelstekort door Mobilisatie: Het bedrijf kampt al met ernstige problemen omdat zowel de directeur als de boekhouder zijn opgeroepen voor militaire dienst (gemobiliseerd).
3. Bedrijfsvoering: Het betreft de enige vrachtauto van de firma. Verlies hiervan zou, bovenop het personeelstekort, de bedrijfsvoering nagenoeg onmogelijk maken. De brief is gedateerd op 2 november 1939, twee maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog door de Duitse inval in Polen. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er een staat van paraatheid. In augustus 1939 was de algemene mobilisatie van het Nederlandse leger afgekondigd.
Tijdens deze mobilisatieperiode had de krijgsmacht grote behoefte aan materieel, waaronder vrachtwagens. Hiervoor werden voertuigen van private ondernemingen 'gevorderd'. Dit leidde vaak tot conflicten met de civiele economie en de voedselvoorziening. De Centrale Markt in Amsterdam was het zenuwcentrum voor de voedseldistributie in de stad. De brief illustreert de directe impact van de oorlogsdreiging op het dagelijks leven en de lokale economie, nog vóór de daadwerkelijke invasie van Nederland in mei 1940. De "Gemeentelijke Kindervoeding" was een sociaal programma dat zorgde voor maaltijden voor kinderen uit minvermogende gezinnen, wat het belang van de leveringen door Ruhe extra onderstreept. H.G. Ruhe