Afschrift van een brief.
Origineel
Afschrift van een brief. 30 januari 1939. Mr. K. Jansma, Advocaat en Procureur te Amsterdam (Weteringschans 93). Den EdelAchtbare Heer F. van Meurs, p/a Stadhuis, Amsterdam. No.46A/7/1 M.1939 6/2.
No.150 L.M.1939 3/2. AFSCHRIFT,-
Mr.K. Jansma
Advocaat en Procureur. Amsterdam-C., 30 Januari 1939.
Weteringschans 93.
Den E.A. Heer F. VAN MEURS,
p/a Stadhuis,
A L H I E R .
EdelAchtbare Heer,
De heer P. Polderman alhier acht zich verongelykt,
omdat hem nimmer het leveren wordt gegund van haring, welke als
handelsgeld wordt gegeven, alhoewel zyn offerte naar zyn oordeel,
in aanmerking genomen de aangeboden kwaliteit, concurreerend moet
zyn. De heer Polderman meent te weten, dat de leverantie steeds
gegund wordt aan een bepaald persoon, ofschoon deze wachtgelder
van de Gemeente is.
Ik zou U zeer verplicht zyn, indien Gy my hieromtrent
zoudt willen inlichten.
Hoogachtend,
Uw dv.
w.g. K. Jansma. De brief is een formeel beklag namens een cliënt, de heer P. Polderman, gericht aan een functionaris op het Amsterdamse stadhuis. Polderman, vermoedelijk een haringhandelaar, beklaagt zich over het gunningsbeleid van de gemeente met betrekking tot de levering van haring.
De kern van de klacht is tweeledig:
1. Concurrentiepositie: Polderman stelt dat zijn offertes op basis van prijs en kwaliteit concurrerend zijn, maar desondanks nooit worden geaccepteerd.
2. Vermoeden van vriendjespolitiek: Er wordt expliciet gesuggereerd dat de opdrachten stelselmatig naar één specifiek persoon gaan die een "wachtgelder" (iemand met een gemeentelijke uitkering of wachtgeldregeling) van de gemeente is. Dit impliceert een mogelijke belangenverstrengeling of oneerlijke bevoordeling.
De advocaat verzoekt om opheldering over deze gang van zaken. De afkorting "w.g." bij de ondertekening staat voor "was getekend", wat gebruikelijk is bij een afschrift. "Uw dv." staat voor "Uw dienstwillige". De brief dateert van januari 1939, een periode vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog waarin de economische omstandigheden nog moeizaam waren. Het concept "haring welke als handelsgeld wordt gegeven" verwijst waarschijnlijk naar haring die door de gemeente werd ingekocht voor distributie in het kader van de armenzorg of sociale steun.
Mr. Karst Jansma (1876-1961) was een bekende Amsterdamse advocaat en procureur, tevens bekend als auteur en deskundige op het gebied van waterrecht. De geadresseerde, F. van Meurs, was hoogstwaarschijnlijk een ambtenaar of wethouder belast met inkoop of sociale zaken. De klacht raakt aan de integriteit van het gemeentelijk inkoopbeleid in de vooroorlogse jaren. E.A. Heer F. van Meurs K. Jansma P. Polderman Polderman meent (De heer) Stadhuis