Th. de Haan.
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Administratief voorblad of dossierkaart (bijblad).
Dit document fungeert als een administratief volgblad voor een dossier. De opeenvolgende data en handtekeningen tonen de circulatie van een stuk binnen een ambtelijke afdeling (waarschijnlijk de politie of gemeentesecretarie van Amsterdam): 1. **Dossierkenmerk:** Het betreft bijblad "M. No. 30", gestart op 19 januari 1940 en bijgewerkt op 16 februari 1940. 2. **Locatie-indicatie:** De adressen Zwanenburgwal 23 en Waterlooplein wijzen naar de Amsterdamse Jodenbuurt. 3. **Behandeling:** Op 19 februari 1940 is het dossier ter kennisneming voorgelegd aan ene Th. Renz. De naam Renz is in Amsterdam historisch verbonden aan de beroemde circusfamilie, maar hier betreft het vermoedelijk een betrokkene bij een lokale administratieve kwestie (zoals een vergunning of melding). 4. **Afsluiting:** Op 23 februari 1940 geeft ambtenaar De Haan de instructie "opbergen", wat betekent dat de zaak op dat moment was afgedaan of gearchiveerd.
Administratieve notitie / incassodossier.
Dit document is een ambtelijke notitie betreffende de invordering van marktgeld of huur voor marktkramen in Amsterdam. Er worden drie specifieke gevallen genoemd: 1. **M. v. Gelder:** Loopt structureel achter met betalingen ("betaalt nog steeds achteruit"). 2. **L. m. Geuting:** Heeft een relatief hoge schuld die oploopt ondanks een eerdere betaling in april. 3. **I. Schelvis:** Heeft een kleine betaling gedaan die de lopende schuld niet dekt, waardoor de schuld toeneemt. De auteur van de notitie spreekt zijn frustratie uit over de laksheid van de "kraam-verhuurders" en pleit voor strengere maatregelen. De latere toevoeging van 21 mei 1940 geeft aan dat er een nieuw overzicht wordt opgesteld van de "schuld stallingen" (mogelijk de opslag van kramen of de staangeldrechten).
Administratieve notitie/memorandum betreffende marktzaken.
Het document is een ambtelijke correspondentie over een betalingsachterstand van marktgeld door een marktkoopvrouw, mevrouw M. Sterkenburg-Schuunemann. Zij bezat standplaats 99 op de markt in de Dapperstraat (Amsterdam). Uit de tekst blijkt het volgende proces: 1. **9 april 1941:** De vrouw krijgt een officiële waarschuwing om haar achterstallige betalingen vóór 12 april te voldoen. 2. **18 april 1941:** Een functionaris (Hr. Remz) adviseert om haar standplaats voorlopig nog niet in te nemen (af te pakken) tot 10 mei. 3. **25 april 1941:** De functionaris De Haan neemt een definitief besluit: mevrouw Sterkenburg moet de schuld per omgaande (direct) betalen. Gebeurt dit niet, dan wordt haar standplaats definitief ingetrokken wegens wanbetaling.
Intern memo / ambtelijk bijblad van een dossier.
Dit document is een ambtelijk "bijblad", een verzamelvel voor interne opmerkingen en adviezen binnen een overheidsinstantie of controle-orgaan tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het centrale onderwerp is een verzoek van (waarschijnlijk) de visser Jan Vlasbloem (en mogelijk zijn familielid Pieter) voor toestemming om vis te verhandelen of aan te voeren. De opeenvolgende aantekeningen tonen een proces van besluitvorming en ambtelijke verwarring: 1. **Aanvankelijke houding:** Er lijkt eerst geen bezwaar tegen het opslaan van aal, mits het niet in Amsterdam wordt uitgeleverd. 2. **Onderzoek:** Er wordt geconstateerd dat Jan Vlasbloem onbekend is op de Amsterdamse vismarkt. 3. **Tegenstrijdigheid:** Een andere ambtenaar (Th. de Haan) merkt op dat Pieter Vlasbloem wel degelijk geregistreerd stond voor visaflevering per 3 juni 1942. 4. **Advies:** Meerdere opmerkingen adviseren om het verzoek af te wijzen ("m.i. afwijzen"). 5. **Hulpvraag:** De laatste aantekening van 26 juni 1942 is een dringende vraag aan een inspecteur over welk advies er nu aan de N.V.C. (Nederlandsche Visch Centrale) moet worden gegeven, aangezien de visser toegang wil tot de afslag in Monnikendam.
Administratieve kaart/notitie, waarschijnlijk van de Amsterdamse politie of een aanverwante overheidsinstantie tijdens de bezetting.
* **Identificatie:** "I. Mosconitser" verwijst naar Isaac Mosconitser. Het adres "pl 139 W. plein" is Waterlooplein 139 in Amsterdam, destijds gelegen in de Joodse wijk. * **Functionarissen:** Th. Renz was een beruchte inspecteur van het Bureau Joodsche Zaken van de Amsterdamse politie. De naam "de Haan" verwijst waarschijnlijk naar een hogere ambtenaar die akkoord ("acc.") gaf op de voorgestelde actie. * **Terminologie:** * **"moet rapport amb."**: Waarschijnlijk "moet rapporteren aan ambtenaar" of een verwijzing naar een ambtshalve rapport. * **"Naar Inr."**: "Inr." staat zeer waarschijnlijk voor "Inrekenen" (arresteren). * **"m.i. verbergen"**: Dit kan gelezen worden als "mijns inziens verbergen", wat erop duidt dat de persoon ervan verdacht werd ondergedoken te zijn. Een alternatieve lezing in deze context is "verhoren", maar de spelling wijst sterker naar verbergen. * **Proces:** Het document toont een administratief proces van opsporing en arrestatie. Op 25 augustus wordt het dossier doorgezonden, op 26 augustus volgt het advies tot inrekenen door Renz, en op 2 september wordt dit door De Haan geaccordeerd.
Administratief bijblad of dossiernotitie (Alg. Zaken-Model No. 14).
Dit document is een intern ambtelijk stuk betreffende een verzoek van de heer I. van Praag (waarschijnlijk wonend in de Joubertstraat 23 te Amsterdam) voor de teruggave (restitutie) van betaald marktgeld. Het dossier doorloopt verschillende stadia: 1. **7-8 mei 1942:** Het verzoek wordt binnengebracht en ter advisering voorgelegd aan de heer H. Renz (marktcommissaris). Er is initieel onduidelijkheid over de precieze bedoeling van het verzoek. 2. **Eind mei 1942:** Een ambtenaar noteert "m.i. [mijns inziens] Tegen inwilliging verzoek geen bezwaren", wat duidt op een positief advies. 3. **3 juni 1942:** De definitieve beslissing van ene 'de Haan' is echter resoluut afwijzend. De bewering dat de restitutie "onzin" is omdat de f 2,00 "natuurlijk" betaald moest worden, sluit het dossier af.
Ambtelijke notitie of mutatieblad uit een administratief dossier (waarschijnlijk politie of marktwezen).
Het document bevat een reeks ambtelijke aantekeningen betreffende de heer H. Bliss, werkzaam als 'vischjager' (een handelaar die vis op de afslag kocht om door te verkopen). Het betreft standplaats ("pl.") nummer 45 op de Garenmarkt. De chronologie van de aantekeningen laat een bureaucratisch proces zien: 1. **11 januari 1943:** Er wordt door ambtenaar Smits geadviseerd dat er "mijns inziens" (m.i.) geen bezwaar is tegen 14 dagen uitstel (mogelijk voor betaling van precariorechten of marktgelden). 2. **Dezelfde dag:** Er wordt gemeld dat de plaats per direct is ingetrokken. Het dossier gaat ter kennisneming langs Van Mourik en De Haan. 3. **25 januari 1943:** De instructie aan de inspecteur is duidelijk: de intrekking moet worden gehandhaafd. Er is sprake van een rapportnummer (uitrap. 431). 4. **Eind januari 1943:** De Haan geeft opdracht Bliss op te roepen (27-1) en het dossier daarna op te bergen (29-1).
Ambtelijke notitie/adviesbrief met betrekking tot een distributieaanvraag.
Het document toont een ambtelijke discussie over een aanvraag voor "vervanging". Tijdens de Tweede Wereldoorlog konden burgers bij de Distributiedienst een vergunning (bonnen) aanvragen om versleten essentiële goederen, zoals textiel of schoeisel, te mogen vervangen. 1. **Het primaire advies:** Inspecteur Renz adviseert op 15 november om het verzoek af te wijzen. Hij beschouwt het als een "gewone" vervanging, wat suggereert dat hij de noodzaak niet dringend genoeg vindt of de aanvragers niet kwalificeert voor een uitzondering. 2. **Het secundaire advies:** G. Moerman (mogelijk een ambtenaar voor thuisbezoek, zie "Ambt. Th.") plaatst op 1 december een kanttekening. Hij merkt op dat de aanvragers ongehuwd samenwonen ("concubinaat"). Volgens hem worden dergelijke gevallen in de distributieregels gelijkgesteld aan echtparen. Hij stelt dat als zij inderdaad als een gezamenlijke huishouding functioneren, er géén bezwaar is tegen het toekennen van de aanvraag. 3. **Procesgang:** De aantekeningen in de marge laten zien dat de betrokkenen op 8 december 1943 zijn opgeroepen voor een gesprek, vermoedelijk om de feitelijke woon- en leefsituatie te toetsen.
Handgeschreven memo/notitie op papier.
Het document is geschreven in twee verschillende fasen en mogelijk door twee verschillende personen, wat blijkt uit het verschil in inkt en handschrift: 1. **Deel 1 (Bovenaan, donkere inkt):** Gedateerd 19 november 1943. Dit deel stelt vast dat de aanvoer voor de distributie ("verdeeling") groot is, gebaseerd op een opgave van P. de Ruiter. 2. **Deel 2 (Onderaan, lichtere inkt/potlood):** Gedateerd 17 december 1943. Dit deel fungeert als een officiële machtiging. Het bevestigt dat P. de Ruiter en ten Voort Sr. zowel kleinhandelaren als aanvoerders zijn. Belangrijker is de expliciete toestemming dat zij hun vis door een "genoemde persoon" (waarschijnlijk de eerder genoemde P. de Ruiter in zijn rol als aanvoerder voor de groep) in ontvangst mogen laten nemen en verkopen. Onderaan staat een referentiecode "vpb 8" en een handtekening, die gelezen kan worden als "de Haan".
Inspectierapport / dagrapport van een controleur (mogelijk van de CCD - Crisis Controle Dienst of een lokale Amsterdamse marktopzichter).
Dit document is een dagelijks verslag van handhavingsactiviteiten in Amsterdam tijdens de laatste winter van de Tweede Wereldoorlog. Het geeft een gedetailleerd beeld van de repressieve maatregelen tegen de zwarte handel en prijsopdrijving. * **Handhaving op straathandel:** De waarschuwingen voor de verkoop van "stroopballen" (snoepgoed) en "shag" (tabak) tonen aan dat zelfs kleine hoeveelheden schaarse goederen strikt gecontroleerd werden. * **Prijsbeheersing:** Op 25 november is er sprake van een gedwongen verkoop ("uit laten verkoopen") van groenten (prei en wortelen). Dit gebeurde wanneer handelaren hun goederen boven de vastgestelde maximumprijzen aanboden ("te hooge prijs"). In plaats van inbeslagname werden de goederen vaak ter plekke voor de officiële prijs aan het publiek verkocht. * **Winkelcontroles:** De controle bij de winkelier Van Nijkerk in de Van Ostadestraat laat zien dat ook reguliere winkels systematisch werden gecontroleerd op hun administratie en prijzen.
Handgeschreven administratief memo of briefonderdeel met diverse kanttekeningen.
Het document is een sprekend voorbeeld van ambtelijke correspondentie tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederland. * **Gelaagdheid:** Het document bevat minstens drie verschillende handschriften en stadia van verwerking. Het begint met de beleefdheidsformule van de aanvrager (Goethals). Daarna volgt een advies van een lagere ambtenaar (de Haan, 15 maart) die "geen bezwaar" ziet. Vervolgens is er een inspectie-notitie in rode inkt (20/22 maart) waarin een reden voor afwijzing wordt geformuleerd. * **Inhoud:** Het verzoek heeft betrekking op de "verdeling" van "artikelen". Gezien de datum (1944) wijst dit onmiskenbaar op het distributiesysteem van schaarse goederen tijdens de bezetting. De aanvrager had waarschijnlijk een vergunning of extra toewijzing nodig. * **Besluitvorming:** Ondanks het aanvankelijke positieve advies ("geen bezwaar"), wordt het verzoek uiteindelijk afgewezen omdat de aanvrager persoonlijk aanwezig had moeten zijn en de reden voor afwijzing te maken heeft met de algemene verdeling van goederen.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE Th: de Haan. [onderstreept]
# TRANSCRIPTIE Den Heer. Directeur v/h. Marktwezen Jan van Galenstraat Amsterdam (W.)
Div. bylagen (w.o. teek).
# TRANSCRIPTIE af H.A.W. Sieburgh De Haan v. Duinkerken voor gezamenlijk onderzoek en uitvoeringsrapport 2-11-43 [rode paraaf / vink]