Archief 745
Inventaris 745-292
Pagina 102
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Brief / Ambtelijke correspondentie

2 december 1939 Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, Amsterdam)

Origineel

Brief / Ambtelijke correspondentie 2 december 1939 De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst, Amsterdam) VP/DV.

48/17/4 M.
1

Bouw van koel- of
vrieshuis door N.V.
Nederlandsche Veem.

2 December 1939.

Handgeschreven: Verzonden 2/12-'39

den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
Raadhuis,
A l h i e r .

Ten vervolge op mijn rapport d.d. 11 October jl.
(No.48/17/2 M) heb ik de eer U in bijlage dezes een afschrift
te doen toekomen van een op 29 November jl. door de Directie
der N.V. Nederlandsche Veem aan mij gerichten brief. Uit de-
zen brief blijkt, dat de plannen dezer N.V. om een koel- of
vrieshuis te bouwen nog niet zijn voltooid. Bij de bespreking,
die ik terzake met den directeur der voornoemde onderneming
voerde, gaf hij te kennen, dat hij niet over nieuwe relaties
beschikt, die belangrijke nieuwe aanvoeren in de Amsterdamsche
haven zouden kunnen brengen. Hij gaf toe, dat het eventueel
te bouwen koelhuis in vele opzichten een doublure van dat op
de Centrale Markt zou worden. Hij verklaarde zich daarom tot
verdere onderhandelingen met mij in principe bereid, indien
door zijn onderneming tot den bouw zou worden besloten. Dit
achtte hij echter vooralsnog niet waarschijnlijk, in verband met
hetgeen ik hem omtrent de hooge exploitatie-kosten van een
koelhuis meedeelde, (hij was zelfs daarvan niet op de hoogte),
alsook in verband met de tijdsomstandigheden.

De in bijlage overgelegde brief sluit de desbetref-
fende onderhandelingen voorlopig af. Ik geef U beleefd in
overweging, Uw Ambtgenoot voor de Handelsinrichtingen van een
en ander mededeeling te doen en hem voor te stellen deze aan-
gelegenheid, althans voorlopig, als afgedaan te beschouwen.

De Directeur, De kern van dit document is een advies van een directeur aan de Amsterdamse Wethouder voor de Levensmiddelen om de plannen voor een nieuw koelhuis door de N.V. Nederlandsche Veem stop te zetten. De argumentatie hiervoor is drieledig:
1. Economische redundantie: Het nieuwe koelhuis zou een "doublure" (dubbelop) zijn van de reeds bestaande faciliteiten op de Centrale Markt.
2. Gebrek aan nieuwe marktwaarde: De N.V. kon geen nieuwe handelsrelaties garanderen die extra goederenstroom naar de haven van Amsterdam zouden trekken.
3. Onzekerheid en kosten: De exploitatiekosten bleken hoger dan de onderneming had ingeschat, en de "tijdsomstandigheden" maakten een dergelijke grote investering op dat moment onwaarschijnlijk.

De toon is formeel-ambtelijk en de directeur adviseert de wethouder om ook de wethouder van Handelsinrichtingen te informeren dat de zaak "als afgedaan" kan worden beschouwd. De brief dateert van december 1939. Dit is een cruciale periode in de Nederlandse geschiedenis: de Tweede Wereldoorlog was drie maanden eerder uitgebroken. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er grote economische onzekerheid en was de mobilisatie in volle gang. De term "tijdsomstandigheden" in de tekst verwijst vrijwel zeker naar deze dreigende oorlogssituatie, die grote bouwprojecten en internationale handel risicovol maakte. De N.V. Nederlandsche Veem was indertijd een van de grootste logistieke dienstverleners in de Amsterdamse haven, gespecialiseerd in opslag en overslag. Het feit dat zij aarzelden over een grote investering in een koelhuis weerspiegelt de algemene economische behoedzaamheid aan de vooravond van de Duitse inval in 1940.

Samenvatting

De kern van dit document is een advies van een directeur aan de Amsterdamse Wethouder voor de Levensmiddelen om de plannen voor een nieuw koelhuis door de N.V. Nederlandsche Veem stop te zetten. De argumentatie hiervoor is drieledig:
1. Economische redundantie: Het nieuwe koelhuis zou een "doublure" (dubbelop) zijn van de reeds bestaande faciliteiten op de Centrale Markt.
2. Gebrek aan nieuwe marktwaarde: De N.V. kon geen nieuwe handelsrelaties garanderen die extra goederenstroom naar de haven van Amsterdam zouden trekken.
3. Onzekerheid en kosten: De exploitatiekosten bleken hoger dan de onderneming had ingeschat, en de "tijdsomstandigheden" maakten een dergelijke grote investering op dat moment onwaarschijnlijk.

De toon is formeel-ambtelijk en de directeur adviseert de wethouder om ook de wethouder van Handelsinrichtingen te informeren dat de zaak "als afgedaan" kan worden beschouwd.

Historische Context

De brief dateert van december 1939. Dit is een cruciale periode in de Nederlandse geschiedenis: de Tweede Wereldoorlog was drie maanden eerder uitgebroken. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, heerste er grote economische onzekerheid en was de mobilisatie in volle gang. De term "tijdsomstandigheden" in de tekst verwijst vrijwel zeker naar deze dreigende oorlogssituatie, die grote bouwprojecten en internationale handel risicovol maakte. De N.V. Nederlandsche Veem was indertijd een van de grootste logistieke dienstverleners in de Amsterdamse haven, gespecialiseerd in opslag en overslag. Het feit dat zij aarzelden over een grote investering in een koelhuis weerspiegelt de algemene economische behoedzaamheid aan de vooravond van de Duitse inval in 1940.

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. 0.90
A. Cosman 21.77
A. Cosman 84.83
J. Renz. 1.800.000
A. Jansen 289.88 [rode streep]
A. Jansen 81.78
A. Jansen 2.63
A. Harten Waterlooplein 0.19
A.V.I.M. 1.05
A.V.I.M. 0.63
A.V.I.M. 7.--
A.V.I.M.
A.V.I.M. 2.77
Blijvende belegg. 29.455.338
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6