Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 24 februari 1939. J. Brouwer, Rentmeesterlaan 46, Amsterdam-Zuid. Nº 53 / 25 / M. 1939 25/2 [stempel/notitie linksboven]
24. 2. 1939 [rechtsboven]
ni. HrBrouwer [notitie rechtsboven]
hr. Lefebvre [notitie rechtsboven]
WelEdelen Heer.
Beleefd vestig ik Uw aandacht
er op, dat ik van af Maandag 27 Febr.
wederom bij mijn Vader in het
autobedrijf werkzaam ben.
Daar ik in het bezit ben van
een jaarkaart, zou ik gaarne van U
vernemen of het mogelijk is dat de
resterende maanden terug betaald
worden.
Legimitatienummer 2074
Jaarkaartnummer K 5817
Met verschuldigde
hoogachting J. Brouwer
Rentmeesterlaan 46
Post Amsterdam Zuid
[Handtekening/Paraaf] De schrijver, J. Brouwer, verzoekt om een restitutie van de resterende termijn van zijn jaarkaart voor het openbaar vervoer. De reden voor dit verzoek is een wijziging in zijn werksituatie: vanaf maandag 27 februari 1939 gaat hij weer werken in het autobedrijf van zijn vader. Hierdoor heeft hij de jaarkaart waarschijnlijk niet meer nodig voor zijn dagelijkse woon-werkverkeer. Ter identificatie verstrekt hij zowel zijn legitimatienummer als het nummer van de betreffende jaarkaart. De brief is formeel en beleefd van toon. De brief dateert uit de late jaren dertig, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was het gebruikelijk om dergelijke administratieve zaken via handgeschreven correspondentie af te handelen. De vermelding van het "autobedrijf" van zijn vader suggereert een familiebedrijf, wat in die periode zeer gangbaar was. De administratieve stempels en namen in de kantlijn (waarschijnlijk van ambtenaren of loketmedewerkers) wijzen erop dat de brief is opgenomen in het archief van een vervoersbedrijf of een gemeentelijke instantie in Amsterdam (mogelijk de voorganger van het GVB of de NS). De Rentmeesterlaan in Amsterdam-Zuid was en is een gegoede woonbuurt. J. Brouwer
Samenvatting
De schrijver, J. Brouwer, verzoekt om een restitutie van de resterende termijn van zijn jaarkaart voor het openbaar vervoer. De reden voor dit verzoek is een wijziging in zijn werksituatie: vanaf maandag 27 februari 1939 gaat hij weer werken in het autobedrijf van zijn vader. Hierdoor heeft hij de jaarkaart waarschijnlijk niet meer nodig voor zijn dagelijkse woon-werkverkeer. Ter identificatie verstrekt hij zowel zijn legitimatienummer als het nummer van de betreffende jaarkaart. De brief is formeel en beleefd van toon.
Historische Context
De brief dateert uit de late jaren dertig, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was het gebruikelijk om dergelijke administratieve zaken via handgeschreven correspondentie af te handelen. De vermelding van het "autobedrijf" van zijn vader suggereert een familiebedrijf, wat in die periode zeer gangbaar was. De administratieve stempels en namen in de kantlijn (waarschijnlijk van ambtenaren of loketmedewerkers) wijzen erop dat de brief is opgenomen in het archief van een vervoersbedrijf of een gemeentelijke instantie in Amsterdam (mogelijk de voorganger van het GVB of de NS). De Rentmeesterlaan in Amsterdam-Zuid was en is een gegoede woonbuurt.