Archief 745
Inventaris 745-292
Pagina 311
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtsbrief/Memorandum.

26 juli 1939.

Origineel

Ambtsbrief/Memorandum. 26 juli 1939. 53/46/2 M
1

Extra [handgeschreven]

VP/G.

26 Juli 1939.

Verzoek van M. Looy om
toegang tot Centrale Markt
en om vaste plaats op dag-
markten.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
27 Mei jl. om advies ontvangen stuk no.442 L.M.1939 heb ik
de eer U te berichten, dat het adressant's bedoeling is om
te zyner tyd een vaste plaats op de markt Albert Cuypstraat
te verkrygen. Hy is daartoe op de sollicitantenlyst voor de
bedoelde markt ingeschreven. Bovendien is hem, overeenkom-
stig zyn verzoek, toegang als kooper verleend tot de Cen-
trale Markt. Ik heb de eer U te adviseeren deze aangelegen-
heid als afgedaan te beschouwen.

De Directeur, Dit document is een ambtelijke correspondentie gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De afzender (de Directeur, vermoedelijk van het Marktwezen) reageert op een adviesaanvraag van 27 mei 1939 betreffende een verzoek van een burger genaamd M. Looy.

De kern van de boodschap is dat aan de wensen van de heer Looy gedeeltelijk is voldaan of dat de nodige stappen zijn ondernomen:
1. Hij staat op de wachtlijst ("sollicitantenlyst") voor een vaste staanplaats op de Albert Cuypmarkt.
2. Hem is reeds toegang verleend tot de Centrale Markt in de hoedanigheid van koper.

De toon is uiterst formeel en hoffelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse ambtelijke taal ("heb ik de eer U te berichten", "te zyner tyd"). De spelling hanteert de 'y' waar we nu 'ij' zouden gebruiken (zyner, verkrygen, lyst, zyn), wat destijds gebruikelijk was in officiële stukken. De directeur adviseert de wethouder om het dossier als afgehandeld te beschouwen. De brief dateert van juli 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel op markten in Amsterdam strikt gereguleerd door de gemeente. De Albert Cuypmarkt was toen al een van de belangrijkste dagmarkten van de stad. De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat, die destijds de centrale plek was voor de groothandel in levensmiddelen.

Het feit dat men een verzoek moest indienen bij de wethouder voor een standplaats en dat hierover formeel advies werd ingewonnen, toont de bureaucratische controle aan die de gemeente uitoefende op de marktsector. De term "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept het belang dat de gemeente hechtte aan de distributie en controle van voedselvoorziening in de stad.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijke correspondentie gericht aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De afzender (de Directeur, vermoedelijk van het Marktwezen) reageert op een adviesaanvraag van 27 mei 1939 betreffende een verzoek van een burger genaamd M. Looy.

De kern van de boodschap is dat aan de wensen van de heer Looy gedeeltelijk is voldaan of dat de nodige stappen zijn ondernomen:
1. Hij staat op de wachtlijst ("sollicitantenlyst") voor een vaste staanplaats op de Albert Cuypmarkt.
2. Hem is reeds toegang verleend tot de Centrale Markt in de hoedanigheid van koper.

De toon is uiterst formeel en hoffelijk, kenmerkend voor de vooroorlogse ambtelijke taal ("heb ik de eer U te berichten", "te zyner tyd"). De spelling hanteert de 'y' waar we nu 'ij' zouden gebruiken (zyner, verkrygen, lyst, zyn), wat destijds gebruikelijk was in officiële stukken. De directeur adviseert de wethouder om het dossier als afgehandeld te beschouwen.

Historische Context

De brief dateert van juli 1939, slechts enkele maanden voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de handel op markten in Amsterdam strikt gereguleerd door de gemeente. De Albert Cuypmarkt was toen al een van de belangrijkste dagmarkten van de stad. De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat, die destijds de centrale plek was voor de groothandel in levensmiddelen.

Het feit dat men een verzoek moest indienen bij de wethouder voor een standplaats en dat hierover formeel advies werd ingewonnen, toont de bureaucratische controle aan die de gemeente uitoefende op de marktsector. De term "Wethouder voor de Levensmiddelen" onderstreept het belang dat de gemeente hechtte aan de distributie en controle van voedselvoorziening in de stad.

Locaties

Waarschijnlijk Amsterdam (gezien de verwijzing naar de Albert Cuypstraat).

Kooplieden in dit dossier 100

A.C. 0.90
A. Cosman 21.77
A. Cosman 84.83
J. Renz. 1.800.000
A. Jansen 289.88 [rode streep]
A. Jansen 81.78
A. Jansen 2.63
A. Harten Waterlooplein 0.19
A.V.I.M. 1.05
A.V.I.M. 0.63
A.V.I.M. 7.--
A.V.I.M.
A.V.I.M. 2.77
Blijvende belegg. 29.455.338
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6