Ambtsbericht / Adviesnota
Origineel
Ambtsbericht / Adviesnota 15 maart 1939 M. Burg (vermoedelijke naam op basis van signatuur) Advies op brief
№ 90/13/1 M 39.
Amsterdam 15 Maart 1939.
Den Heer Inspecteur.
In verband met het verzoek van
H. J. Hofman plaats № 128 Mosplein, om zijn
zoon deze plaats toe te wijzen, kan m. i. niet
worden ingewilligd, daar dit in strijd is met
Art. 7 Regt. op de Markten.
Wel zou deze plaats door den zoon kunnen
worden bezet als ingeschreven op de solicitantenlijst
om hem dan als vaste plaats te worden toegewezen
wanneer H. J. Hofman zijn plaats opzegt, daar er
momenteel voor deze plaats geen gegadigden zijn.
[Handtekening: M Burg.]
[In de linker kantlijn, verticaal geschreven:]
zoon is niet
ingeschreven!
[Linksonder:]
Cyclamenstraat 3
--- Dit document is een ambtelijk advies aan een inspecteur (waarschijnlijk de Inspecteur der Markten in Amsterdam). De kern van de zaak is een verzoek van een heer H.J. Hofman, die zijn marktplaats (nummer 128 op het Mosplein) wil overdragen aan zijn zoon.
De adviseur stelt vast dat dit verzoek op basis van de geldende regels (Artikel 7 van het Reglement op de Markten) niet direct ingewilligd kan worden. Er mag blijkbaar geen sprake zijn van een directe onderhandse overdracht of bevoordeling van familieleden buiten de officiële wachtlijst om.
Er wordt echter een "geitenpaadje" gesuggereerd: als de zoon zich inschrijft op de sollicitantenlijst, kan hij de plaats bezetten zodra de vader deze officieel opzegt. Omdat er op dat moment geen andere gegadigden voor die specifieke plek zijn, zou de zoon dan alsnog de vaste plek toegewezen kunnen krijgen.
Een kritische kanttekening is later in de marge toegevoegd: "zoon is niet ingeschreven!". Dit duidt erop dat de voorgestelde oplossing op dat moment nog niet uitvoerbaar was omdat de zoon niet aan de basisvoorwaarde (inschrijving op de sollicitantenlijst) voldeed.
--- Het document dateert van maart 1939, een periode van economische spanning vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Amsterdamse markten waren in die tijd streng gereguleerd om eerlijke kansen te bieden aan marktkooplieden en wildgroei te voorkomen.
Het Mosplein is een bekend plein in Amsterdam-Noord. De markt aldaar was (en is) een belangrijk economisch centrum voor de wijk. De vermelding van Cyclamenstraat 3 onderaan het document is zeer waarschijnlijk het woonadres van de verzoeker, H.J. Hofman; deze straat ligt in de nabijgelegen Bloemenbuurt in Amsterdam-Noord, op loopafstand van het Mosplein.
Dit stukje micro-geschiedenis illustreert de bureaucratische omgang met marktvergunningen en de strikte handhaving van reglementen in het vooroorlogse Amsterdamse ambtenarenapparaat. H.J. Hofman J. Hofman M. Burg
Samenvatting
Dit document is een ambtelijk advies aan een inspecteur (waarschijnlijk de Inspecteur der Markten in Amsterdam). De kern van de zaak is een verzoek van een heer H.J. Hofman, die zijn marktplaats (nummer 128 op het Mosplein) wil overdragen aan zijn zoon.
De adviseur stelt vast dat dit verzoek op basis van de geldende regels (Artikel 7 van het Reglement op de Markten) niet direct ingewilligd kan worden. Er mag blijkbaar geen sprake zijn van een directe onderhandse overdracht of bevoordeling van familieleden buiten de officiële wachtlijst om.
Er wordt echter een "geitenpaadje" gesuggereerd: als de zoon zich inschrijft op de sollicitantenlijst, kan hij de plaats bezetten zodra de vader deze officieel opzegt. Omdat er op dat moment geen andere gegadigden voor die specifieke plek zijn, zou de zoon dan alsnog de vaste plek toegewezen kunnen krijgen.
Een kritische kanttekening is later in de marge toegevoegd: "zoon is niet ingeschreven!". Dit duidt erop dat de voorgestelde oplossing op dat moment nog niet uitvoerbaar was omdat de zoon niet aan de basisvoorwaarde (inschrijving op de sollicitantenlijst) voldeed.
Historische Context
Het document dateert van maart 1939, een periode van economische spanning vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Amsterdamse markten waren in die tijd streng gereguleerd om eerlijke kansen te bieden aan marktkooplieden en wildgroei te voorkomen.
Het Mosplein is een bekend plein in Amsterdam-Noord. De markt aldaar was (en is) een belangrijk economisch centrum voor de wijk. De vermelding van Cyclamenstraat 3 onderaan het document is zeer waarschijnlijk het woonadres van de verzoeker, H.J. Hofman; deze straat ligt in de nabijgelegen Bloemenbuurt in Amsterdam-Noord, op loopafstand van het Mosplein.
Dit stukje micro-geschiedenis illustreert de bureaucratische omgang met marktvergunningen en de strikte handhaving van reglementen in het vooroorlogse Amsterdamse ambtenarenapparaat.