Officieel rapport / Proces-verbaal van een tuchtrechtelijke overtreding.
Origineel
Officieel rapport / Proces-verbaal van een tuchtrechtelijke overtreding. 10 november 1939 (met administratieve verwerking tot 22 november 1939). [Stempels bovenaan:]
2e afd
Nº 90/66/1
M. 1939 20/11
[Rechtsboven in rood potlood:]
90/66/2 M
[Titel, handgeschreven:]
Rapport
[Tekst:]
J. Ferraas, vasteplaats-
houder nº 35 „Marktplein”
laat zich op zijn plaats
helpen door zijn zoon
zonder toestemming van
Directeur van het Marktwezen
[Kantlijn links, schuin geschreven:]
voorwaardelijke
een dag
straffen.
[Ondertekening rapporteur:]
Amsterdam
10. 11. 1939
S. Dijksma [handtekening]
[Administratieve afhandeling onderaan:]
s. v. / o.
20-11-39
de Boer [handtekening]
[In rood omcirkeld met pijl:]
<- Accoord.
21-11-39
v.R. mp.
[Onderaan:]
Binnenhofstr 67.
9/11/39. 90/60/2/
[Rechterkantlijn, verticaal:]
22/11/39 MP Het document is een ambtelijk verslag van een overtreding van de marktreglementen in Amsterdam in 1939. De kern van de zaak is dat de heer J. Ferraas, een houder van een vaste standplaats (nummer 35 op het "Marktplein"), hulp heeft aanvaard van zijn zoon zonder de hiervoor vereiste officiële toestemming van de Directeur van het Marktwezen.
In de jaren '30 en '40 was het marktwezen in Amsterdam strikt gereguleerd. Elke vorm van personele bezetting op een kraam moest goedgekeurd zijn om wildgroei of illegale onderverhuur te voorkomen.
De voorgestelde straf, die in de kantlijn is genoteerd, betreft een "voorwaardelijke een dag straffen". Dit houdt in dat de marktkoopman bij een volgende overtreding zijn standplaats voor één dag zou moeten ontruimen. De afhandeling van het rapport laat een duidelijke hiërarchie zien: de rapporteur (Dijksma) stelt het op, een controleur (De Boer) ziet het in, en een leidinggevende (v.R.) geeft het uiteindelijke "Accoord" op 21 november 1939. Dit document stamt uit november 1939, de periode van de mobilisatie in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog op Nederlands grondgebied. Ondanks de dreigende internationale situatie draaide de gemeentelijke bureaucratie op volle toeren en werden lokale verordeningen streng gehandhaafd.
Dergelijke rapporten zijn waardevol voor sociaal-economisch historisch onderzoek naar de dagelijkse praktijk op de Amsterdamse markten. Het geeft inzicht in de strikte controle die de gemeente uitoefende op de kleine zelfstandigen. De naam J. Ferraas en het adres Binnenhofstraat 67 bieden aanknopingspunten voor genealogisch onderzoek of onderzoek naar de specifieke bewoningsgeschiedenis van Amsterdam-Oost of -Zuid in die tijd. J. Ferraas S. Dijksma Marktwezen
Samenvatting
Het document is een ambtelijk verslag van een overtreding van de marktreglementen in Amsterdam in 1939. De kern van de zaak is dat de heer J. Ferraas, een houder van een vaste standplaats (nummer 35 op het "Marktplein"), hulp heeft aanvaard van zijn zoon zonder de hiervoor vereiste officiële toestemming van de Directeur van het Marktwezen.
In de jaren '30 en '40 was het marktwezen in Amsterdam strikt gereguleerd. Elke vorm van personele bezetting op een kraam moest goedgekeurd zijn om wildgroei of illegale onderverhuur te voorkomen.
De voorgestelde straf, die in de kantlijn is genoteerd, betreft een "voorwaardelijke een dag straffen". Dit houdt in dat de marktkoopman bij een volgende overtreding zijn standplaats voor één dag zou moeten ontruimen. De afhandeling van het rapport laat een duidelijke hiërarchie zien: de rapporteur (Dijksma) stelt het op, een controleur (De Boer) ziet het in, en een leidinggevende (v.R.) geeft het uiteindelijke "Accoord" op 21 november 1939.
Historische Context
Dit document stamt uit november 1939, de periode van de mobilisatie in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog op Nederlands grondgebied. Ondanks de dreigende internationale situatie draaide de gemeentelijke bureaucratie op volle toeren en werden lokale verordeningen streng gehandhaafd.
Dergelijke rapporten zijn waardevol voor sociaal-economisch historisch onderzoek naar de dagelijkse praktijk op de Amsterdamse markten. Het geeft inzicht in de strikte controle die de gemeente uitoefende op de kleine zelfstandigen. De naam J. Ferraas en het adres Binnenhofstraat 67 bieden aanknopingspunten voor genealogisch onderzoek of onderzoek naar de specifieke bewoningsgeschiedenis van Amsterdam-Oost of -Zuid in die tijd.