Ambtsbericht/Rapportage betreffende personeelsbezetting.
Origineel
Ambtsbericht/Rapportage betreffende personeelsbezetting. 4 oktober 1940. Hierbij rapporteer ik u het volgende.
De controleurs zullen 14 a 15 Zondagen
op de markt Uilenburg dienst moeten
doen. Deze diensten zijn niet anders
in te richten.
Verder was gerapporteerd, dat den controleurs
zou kunnen worden opgedragen om ten
hoogste 7 Zondagen dienst te doen voor
de contrôle op de naleving van de vent-
verordening.
Voor deze Zondagsdiensten zijn 10
controleurs beschikbaar.
Het is echter nimmer de bedoeling ge-
weest om de voor den Zondagsdienst
beschikbare controleurs ieder afzonder-
lijk 7 keer dienst op Zondag te laten doen.
Gerekend moet worden, dat normaal
ieder gedurende de ~~winter~~ zomer-
maanden, dus van Mei t/m September
4 a 5 keer Zondagsdienst moet verrichten.
Er moet echter op worden gerekend,
dat ook gedurende de wintermaanden,
in verband met bijzondere opdrach-
ten af en toe een of twee controleurs
op een Zondag dienst zullen moeten
doen. Dien ten gevolge is het ^maximum aantal
Zondagen dat een controleur dienst
kan worden opgedragen, vastgesteld
op 7. In de praktijk zal zeer waarschijn-
lijk dit aantal nimmer worden bereikt.
Wenscht de Wethouder dit aantal terug
te brengen b.v. op 5 Zondagen, dan zal
de enkele controleur die gedurende
de wintermaanden op Zondag dienst
moet doen, dit in overwerk moeten
verrichten.
4-10-'40
[Signatuur] de Hoer Het document is een interne ambtelijke rapportage over de inzet van personeel voor de marktcontrole op zondagen. De kern van het rapport is een rekenkundige onderbouwing van de werklast:
* Capaciteit: Er zijn 10 controleurs beschikbaar.
* Seizoensinvloeden: De nadruk van het werk ligt in de zomer (mei t/m september), waarbij elke controleur 4 tot 5 zondagen moet werken.
* Vaststelling Maximum: Hoewel het maximum op 7 zondagen per jaar wordt gesteld, verwacht de rapporteur dat dit in de praktijk niet gehaald zal worden. Het getal 7 dient als buffer voor onvoorziene "bijzondere opdrachten" in de winter.
* Beleidskeuze: De rapporteur waarschuwt de wethouder dat het verlagen van het maximum naar 5 zondagen financiële gevolgen heeft: winterse incidentele diensten zullen dan als overwerk moeten worden uitbetaald.
Het handschrift is een vlot, zakelijk cursief uit het midden van de 20e eeuw. Opvallend is de correctie in de tekst waarbij "wintermaanden" is doorgehaald en vervangen door "zomermaanden". Dit document dateert van oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De locatie, de markt op Uilenburg, is historisch zeer significant. Uilenburg was een centrum van de Joodse buurt in Amsterdam.
De "controle op de naleving van de ventverordening" kreeg in deze periode een beladen lading. De bezetter en het collaborerende stadsbestuur gebruikten marktreglementen en ventvergunningen steeds vaker als instrument om Joodse handelaren te beperken of uit te sluiten van het economisch verkeer. De "bijzondere opdrachten" waar de rapporteur naar verwijst, kunnen in dit licht geduid worden als extra toezicht of handhaving van nieuwe, discriminerende verordeningen die specifiek gericht waren op de Joodse bevolking en hun handel op markten zoals die op Uilenburg.