Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam.
Origineel
Extract uit het Boek der Besluiten van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. 7 oktober 1938. [Linksboven, gestempeld/geschreven:]
Nº PA/94/2 M. 1938 17/10
[Rechtsboven, handgeschreven:]
Markten
[Linkerzijde:]
No. 29/29 L.M. 1938.
[Rechterzijde:]
Uitstellen van de vaste aanstelling
als controleur Dienst Marktwezen van
een tweetal reservisten.
[Centraal:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam
Vrijdag, 7 October 1938.
[Rechtsboven de tekst, handgeschreven parafen en krabbels, o.a. "m.v."]
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen dd. 12 Juli 1938, No. 8A/94/1 M;
Gelet op het advies van den Wethouder voor de Arbeidszaken van 26 September jl. No. 12/41 Arb. 1938;
Mede gelet op art. 6, 3e lid van het Ambtenarenreglement;
B e s l u i t e n :
gerekend te zijn ingegaan respectievelijk 12 en 15 Augustus 1938, de vaste aanstelling als controleur bij den Dienst van het Marktwezen van de reservisten J.C.N. Helsloot (G.A.R. No. 8376) en A.H. Klaassens (G.A.R. No. 620), die op genoemde data sedert drie jaren als controleur bij dien Dienst werkzaam zijn, voorloopig ten hoogste voor den tijd van een jaar uit te stellen.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks), Arbeidszaken (2 stuks) en Financiën (2 stuks) alsmede aan het Pensioenbureau (2 stuks).
ET.
[Linksonder een handgeschreven letter 'H']
[Rechtsonder:]
Voor eensluidend extract,
de Secretaris,
(get.) VAN LIER.
[Helemaal rechtsonder, handgeschreven:]
8/ Dit document is een officieel uittreksel (extract) van een besluit van het Amsterdamse college van Burgemeester en Wethouders (B&W) uit oktober 1938. De kern van het besluit is de beslissing om de vaste aanstelling van twee werknemers, de heren J.C.N. Helsloot en A.H. Klaassens, met maximaal een jaar uit te stellen.
Beide mannen waren op dat moment werkzaam als 'controleur' bij de Dienst van het Marktwezen en hadden reeds drie jaar in die functie gewerkt als 'reservist' (een status voor tijdelijk personeel of personeel in een reservistenrol). Hoewel zij op basis van hun driejarige diensttijd in aanmerking zouden komen voor een vaste aanstelling, besluit het college – na advies van diverse wethouders en de directeur van de dienst – dit uit te stellen. De juridische basis hiervoor wordt gevonden in artikel 6, lid 3 van het toenmalige Ambtenarenreglement. De datum van het document, 7 oktober 1938, is historisch relevant. Nederland bevond zich in de late jaren van de Grote Depressie en de dreiging van een nieuwe wereldoorlog nam toe (kort na het Verdrag van München). De term "reservisten" in een ambtelijke context kan duiden op personeel dat bij extra drukte of vacatures werd ingezet, maar het kan in deze periode ook een relatie hebben met de militaire status van ambtenaren in een tijd van toenemende mobilisatie.
De complexe structuur van de Amsterdamse gemeentelijke diensten valt op: de wethouder die het voorstel doet beheert een opvallende combinatie van portefeuilles (Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen). Dit onderstreept hoe de gemeente destijds direct betrokken was bij de dagelijkse hygiëne en voedselvoorziening van de burger. Het uitstellen van vaste aanstellingen was in deze periode vaak een bezuinigingsmaatregel of een manier om flexibiliteit te behouden in onzekere economische tijden.