Administratieve kaart (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Marktverordening).
Origineel
Administratieve kaart (waarschijnlijk van de Gemeentelijke Marktverordening). Naam v. d. opgeroepene: B. Kloos. 9/i '96. Milenb. Dapperstr
Opgeroepen op Woensdag 27/3 tusschen 9 1/2 en 12
of op Woensdag 3/4 tusschen 9 1/2 en 12
Artikel 11 b/c datum van ingang 17-4-'39
Gesproken met
Opgekomen
Aanteekeningen
Opmerkingen betrokkene is op het oogenblik als haringschoonmaker
z'n brood niet verdienen. Vraagt uitstel tot tijdstip
aanvoer nieuwe haring, dus tot begin Mei.
Advies m. i. geen bezwaar. [Paraaf]
Uit voorloopig per 1-4-40
marktplaatsen weer in beheer
te nemen.
m. i. intrekken. Acc. VH 12-7-40
Accoord, De Directeur, [Handtekening] Dit document betreft de heer B. Kloos, een haringschoonmaker die woonachtig was aan de Dapperstraat in Amsterdam (een bekende marktbuurt). De kaart legt een proces vast rondom "Artikel 11 b/c", wat waarschijnlijk verwijst naar een specifieke bepaling in de marktverordening betreffende de verplichting om een marktplaats te bezetten of marktgeld te betalen.
Kloos vraagt in het voorjaar van 1939 om uitstel. De reden is seizoensgebonden: als haringschoonmaker kan hij "zijn brood niet verdienen" in de maanden voordat de 'nieuwe haring' (Hollandse Nieuwe) wordt aangevoerd. De inspecteur adviseert positief ("geen bezwaar").
In 1940 volgt een nieuwe notitie. Per 1 april 1940 lijkt de gemeente te besluiten de marktplaatsen weer "in beheer te nemen" (mogelijk omdat Kloos de standplaats niet meer actief gebruikte). Op 12 juli 1940 wordt geadviseerd de zaak definitief "in te trekken", wat door de directeur wordt geaccordeerd. De Dapperstraat is historisch een van de belangrijkste marktstraten van Amsterdam. De haringhandel was (en is) sterk afhankelijk van het vangstseizoen. Het document biedt een inkijkje in de sociale omstandigheden van kleine zelfstandigen en ambachtslieden aan de vooravond van en tijdens de vroege dagen van de Duitse bezetting. De bureaucratische afhandeling toont aan dat marktkooplieden nauwlettend werden gevolgd door het gemeentelijk Marktwezen, waarbij persoonlijke economische omstandigheden zoals seizoenswerk werden meegewogen in administratieve besluitvorming. B. Kloos Marktwezen
Samenvatting
Dit document betreft de heer B. Kloos, een haringschoonmaker die woonachtig was aan de Dapperstraat in Amsterdam (een bekende marktbuurt). De kaart legt een proces vast rondom "Artikel 11 b/c", wat waarschijnlijk verwijst naar een specifieke bepaling in de marktverordening betreffende de verplichting om een marktplaats te bezetten of marktgeld te betalen.
Kloos vraagt in het voorjaar van 1939 om uitstel. De reden is seizoensgebonden: als haringschoonmaker kan hij "zijn brood niet verdienen" in de maanden voordat de 'nieuwe haring' (Hollandse Nieuwe) wordt aangevoerd. De inspecteur adviseert positief ("geen bezwaar").
In 1940 volgt een nieuwe notitie. Per 1 april 1940 lijkt de gemeente te besluiten de marktplaatsen weer "in beheer te nemen" (mogelijk omdat Kloos de standplaats niet meer actief gebruikte). Op 12 juli 1940 wordt geadviseerd de zaak definitief "in te trekken", wat door de directeur wordt geaccordeerd.
Historische Context
De Dapperstraat is historisch een van de belangrijkste marktstraten van Amsterdam. De haringhandel was (en is) sterk afhankelijk van het vangstseizoen. Het document biedt een inkijkje in de sociale omstandigheden van kleine zelfstandigen en ambachtslieden aan de vooravond van en tijdens de vroege dagen van de Duitse bezetting. De bureaucratische afhandeling toont aan dat marktkooplieden nauwlettend werden gevolgd door het gemeentelijk Marktwezen, waarbij persoonlijke economische omstandigheden zoals seizoenswerk werden meegewogen in administratieve besluitvorming.