Archiefdocument
Origineel
Behoort bij brief No.8A/30/1 M d.d.18 Februari 1939 van den Directeur van het Marktwezen aan den heer Wethouder voor de Levensmiddelen, alhier.--
| No. | Naam | Functie | Groep | Bestaande toestand | Nieuwe toestand | Opmerkingen | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Salaris | Toelage uniform-kleeding | Toelage 5% afw.dag-, nacht- en Zond.dienst | Pensioens-grondslag | Salaris | Toelage uniform-kleeding | Toelage 5% afw.dag-, nacht- en Zond.dienst | Pensioens-grondslag | |||||
| 1 April 1939. | ||||||||||||
| 125 | Fleysman H. | Contrôleur | II | ƒ 1750,- | ƒ 85,- | ƒ 87,50 | ƒ 1923,- | ƒ 1800,- | ƒ 85,- | ƒ 90,- | ƒ 1975,- | Partieele verhooging tot maximum |
| 92 | Van Burg N. | Contrôleur Marktopzichter | III | ƒ 1800,- | ƒ 85,- | ƒ 1885,- | ƒ 1900,- | ƒ 85,- | ƒ 1985,- | |||
| 1 Mei 1939. | ||||||||||||
| - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - | - |
| 1 Juni 1939. | ||||||||||||
| 79 | Peyra B.F. | Assistent-halopzichter-afslager | III | ƒ 1905,- | ƒ 1905,- | ƒ 2000,- | ƒ 2000,- | Partieele verhooging tot maximum | ||||
| 136 | Felthuys B. | Contrôleur | II | ƒ 1675,- | ƒ 85,- | ƒ 83,75 | ƒ 1844,- | ƒ 1750,- | ƒ 85,- | ƒ 87,50 | ƒ 1923,- | |
| 134 | Plakké P. | Contrôleur | II | ƒ 1550,- | ƒ 2600,- | ƒ 1625,- | ƒ 2600,- | Heeft reeds eerder gebruik gemaakt van artil 150 Pensioenwet 1922 |
--- * Administratieve structuur: Het document is een typisch voorbeeld van een personeelsstaat uit de vroege 20e eeuw, waarbij strikte kolommen worden gebruikt om de overgang van een 'bestaande' naar een 'nieuwe' rechtspositie (salaris en pensioen) vast te leggen.
* Terminologie:
* Marktwezen: De gemeentelijke dienst verantwoordelijk voor het beheer van markten en hallen.
* Afslager: Een specifieke functie binnen een veiling- of markthalcontext, verantwoordelijk voor de verkoop bij opbod of afslag.
* Pensioensgrondslag: Het bedrag waarover de pensioenopbouw wordt berekend. Opvallend is dat toelagen voor uniformen en onregelmatige diensten hier soms in worden meegenomen.
* Financiële gegevens: De bedragen worden genoteerd in guldens (ƒ). De verhogingen lijken periodieke stappen of correcties naar een maximumbedrag voor de betreffende loonschaal te zijn.
* Bijzonderheden: Bij de heer Plakké (No. 134) valt op dat zijn pensioengrondslag (ƒ 2600,-) aanzienlijk hoger is dan zijn feitelijke salaris (ƒ 1550,- / ƒ 1625,-). De kanttekening verwijst naar artikel 150 van de Pensioenwet 1922, wat duidt op een behoud van oudere, gunstigere pensioenrechten.
--- Dit document stamt uit februari 1939, een periode vlak voor de Tweede Wereldoorlog waarin de Nederlandse bureaucreatie zeer gedetailleerd en geordend te werk ging. Het betreft hier personeelsbeheer van de gemeente (waarschijnlijk Amsterdam of Rotterdam, gezien de titels "Marktwezen" en "Wethouder voor de Levensmiddelen").
De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een cruciale post in die tijd, verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en distributie in de stad. De genoemde functies (contrôleur, marktopzichter, afslager) wijzen op de actieve rol van de overheid in de regulering van de handel in basisbehoeften. De genoemde Pensioenwet van 1922 was de eerste grote overheidswet die de pensioenen voor ambtenaren landelijk uniform regelde, en de verwijzing naar artikel 150 toont de overgangsregelingen die destijds van kracht waren voor personeel dat al langer in dienst was. Marktwezen