Getypte brief (doorslag/officieel kopie)
Origineel
Getypte brief (doorslag/officieel kopie) 21 december 1939 De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst) Den Heer Chef van de Afdeeling Militaire Zaken, Raadhuis, Alhier. Mr. Muller [handgeschreven]
VP/G.
SA/115/4 M.
21 December 1939
den Heer Chef van de Afdeeling
Militaire Zaken,
Raadhuis,
A l h i e r .
In Uw brief d.d. 23 October jl. (Afd.M.Z./Bo)
deelde U mij onder meer mede, dat, volgens van de Commandan-
ten ontvangen gegevens de jaarwedde van C.I.Buenting
f 1710,- + f 1,- per dag bedraagt. Volgens mededeeling van
den Administrateur der Depot Compagnie, waarbij Buenting is
ingedeeld, bedraagt zijn jaarwedde f 1731,-. Ik verzoek U
beleefd nog eens te willen doen nagaan, welke opgave juist
is.
Tevens gelieve U mij steeds in kennis te willen
stellen van eventueele wijzigingen in de militaire vergoe-
dingen.
De Directeur, * Inhoud: De brief betreft een administratieve onduidelijkheid over de hoogte van de jaarwedde (het jaarsalaris) van een zekere C.I. Buenting. Er worden twee verschillende bedragen genoemd door twee verschillende bronnen: de Commandanten geven f 1710,- plus een dagvergoeding van f 1,- op, terwijl de Administrateur van de Depot Compagnie een bedrag van f 1731,- noemt. De Directeur vraagt om opheldering over welk bedrag correct is.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in formeel, ambtelijk Nederlands met de destijds gangbare spelling (bijv. "Afdeeling", "mededeeling", "eventueele"). De term "Alhier" geeft aan dat de brief binnen dezelfde gemeente is verstuurd.
* Administratieve proces: De brief toont de nauwkeurigheid van de ambtelijke molen in die tijd, waarbij kleine verschillen in vergoedingen (een verschil van enkele guldens op jaarbasis) formeel moesten worden rechtgezet. * Tijdsbeeld: De brief is gedateerd op 21 december 1939. Dit is enkele maanden na de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog in Europa (september 1939) en tijdens de periode van de Nederlandse mobilisatie.
* Militair apparaat: De vermelding van de "Afdeeling Militaire Zaken" en een "Depot Compagnie" wijst op de intensieve bemoeienis van de overheid met het leger in deze periode. Veel mannen waren gemobiliseerd, wat leidde tot een enorme administratieve last voor zowel de militaire als de gemeentelijke instanties betreffende soldij, vergoedingen en gezinsondersteuning.
* Persoon: C.I. Buenting was waarschijnlijk een gemobiliseerde militair of een ambtenaar met een militaire status. Het uitzoeken van zijn exacte wedde was cruciaal voor de correcte uitbetaling van vergoedingen, mogelijk in het kader van de regeling voor militairen die hun civiele salaris (deels) doorbetaald kregen. C.I. Buenting