Dienstmededeling/Rapport van de marktinspectie.
Origineel
Dienstmededeling/Rapport van de marktinspectie. 16 november 1940. [Linksboven, diagonaal geschreven:]
Markt Mosplein
[Rechtsboven, gestempeld en geschreven:]
№ 90/88/M. 1940
Amsterdam 16 Nov: 1940
Den Heer Inspecteur.
Onderstaande kooplieden waren op 16 November 1940 na het beëindigen der markt nog niet ingepakt of waren nog aan het verkoopen.
90/88/2 | pl: № 7 | C. Koout. Kastanjelaan 11, Huizen, 1e melding x
90/88/3 | .. | 26 | G. Vos, Saffierstraat 44 II. 1e melding x
90/88/4 | .. | 24 | R Bisschop, St Jansstraat 15 II 1e melding x
90/88/7 | .. | 33 | A. Roelofs, Bloedstraat 18, [tussen de regels:] 4/11 '40 90/84/3 dd 4/11/40 gewaarschuwd.
90/88/6 | .. | 109 | Y. Terpstra, Waddendijk 48, [tussen de regels:] 90/28/14 dd 23/7 Waarsch. wegens assist. zonner verg. [zonder vergunning]
90/88/5 | .. | 60 | J. Vogel. Rapenburgerstraat 16 II 1e melding x
19/11/40 HG
[Onderaan handtekening, mogelijk:] M Muys
[Rechtsonder in rood potlood/krijt:]
Afgedaan
x waarschuwing. Dit document is een ambtelijke rapportage betreffende de handhaving van de marktverordening op het Mosplein in Amsterdam-Noord. De essentie van de overtreding is het overschrijden van de markttijden: handelaren die na het officiële einde van de markt nog niet hadden ingepakt of nog actief waren met de verkoop.
Het document is administratief zeer gestructureerd:
* Registratie: In de linkermarge zijn dossiernummers toegevoegd per individu (90/88/2 t/m 7), wat duidt op een centrale registratie van overtredingen.
* Status van de overtreder: Bij de meeste handelaren staat "1e melding", wat suggereert dat men bij een eerste overtreding doorgaans met een waarschuwing (aangeduid met de 'x') wegkwam.
* Recidive en eerdere feiten: Bij A. Roelofs en Y. Terpstra zijn aantekeningen gemaakt van eerdere waarschuwingen (juli en begin november 1940). Bij Terpstra wordt specifiek vermeld dat er eerder een waarschuwing was voor "assistent zonder vergunning".
* Afhandeling: De paraaf "HG" met datum 19/11/40 en de rode aantekening "Afgedaan" tonen de administratieve verwerking van het rapport aan. Het document dateert van 16 november 1940, exact zes maanden na de Nederlandse capitulatie. Hoewel de Duitse bezetting in volle gang was, bleef de dagelijkse civiele controle en marktinspectie in Amsterdam grotendeels een zaak van de Nederlandse gemeentelijke instanties en politie.
De markt op het Mosplein was (en is) een belangrijk handelscentrum voor Amsterdam-Noord. In 1940 begon de schaarste aan goederen door de oorlogssituatie en de invoering van de distributie (bonnen) merkbaar te worden. Een strikte handhaving van markttijden en vergunningen was voor de overheid essentieel om de zwarte handel te beperken en de openbare orde te handhaven. Opvallend is dat kooplieden niet alleen uit Amsterdam kwamen, maar ook uit omliggende plaatsen zoals Huizen (C. Koout). De nauwkeurigheid waarmee adressen en eerdere waarschuwingen worden genoteerd, getuigt van het rigide bureaucratische apparaat in oorlogstijd. A. Roelofs C. Koout G. Vos J. Vogel Y. Terpstra Politie