Getypte ambtelijke brief.
Origineel
Getypte ambtelijke brief. 5 maart 1941. De Directeur (van een gemeentelijke dienst). Rechtsboven staat de handgeschreven naam "M. Müller". M. Müller [handgeschreven]
D/HG. [blauw stempel/merk]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
BA/38/1 M. 2 5 Maart 1941.
In bijlage dezes heb ik de eer U een staat (in duplo) te doen
toekomen, houdende de namen van drie ambtenaren van mijn dienst, die
in het tweede kwartaal van 1941 voor een periodieke salarisverhooging
in aanmerking komen.
Ik moge U beleefd verzoeken wel te willen bevorderen, dat ten
aanzien van elk dezer ambtenaren wordt besloten, zooals op vorenbe-
doelden staat onder "Nieuwe toestand" wordt voorgesteld.
De Directeur, De brief is een formeel administratief verzoek betreffende personeelszaken. De directeur van een gemeentelijke dienst (gezien de geadresseerde zeer waarschijnlijk een bureau voor de voedselvoorziening) draagt drie ambtenaren voor die recht hebben op een periodieke salarisverhoging.
De taal is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd: uiterst hoffelijk en afstandelijk ("ik moge U beleefd verzoeken", "de eer U... te doen toekomen"). Het document verwijst naar een bijgevoegde "staat" (lijst) waarop de details van de loonsverhoging per ambtenaar onder de kolom "Nieuwe toestand" zijn gespecificeerd. Het document dateert van maart 1941, een klein jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het is opmerkelijk dat, ondanks de oorlogsomstandigheden en de recente onrust (zoals de Februaristaking van 1941), de reguliere gemeentelijke bureaucratie en de geldende arbeidsvoorwaarden voor ambtenaren gewoon gehandhaafd bleven.
De functie van "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode van cruciaal belang vanwege de invoering van de distributie en de toenemende schaarste aan voedsel. De afzender "M. Müller" duidt waarschijnlijk op een specifieke directeur binnen de Amsterdamse of een vergelijkbare grote gemeentelijke organisatie belast met de voedselvoorziening.
Samenvatting
De brief is een formeel administratief verzoek betreffende personeelszaken. De directeur van een gemeentelijke dienst (gezien de geadresseerde zeer waarschijnlijk een bureau voor de voedselvoorziening) draagt drie ambtenaren voor die recht hebben op een periodieke salarisverhoging.
De taal is kenmerkend voor de ambtelijke correspondentie uit die tijd: uiterst hoffelijk en afstandelijk ("ik moge U beleefd verzoeken", "de eer U... te doen toekomen"). Het document verwijst naar een bijgevoegde "staat" (lijst) waarop de details van de loonsverhoging per ambtenaar onder de kolom "Nieuwe toestand" zijn gespecificeerd.
Historische Context
Het document dateert van maart 1941, een klein jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Het is opmerkelijk dat, ondanks de oorlogsomstandigheden en de recente onrust (zoals de Februaristaking van 1941), de reguliere gemeentelijke bureaucratie en de geldende arbeidsvoorwaarden voor ambtenaren gewoon gehandhaafd bleven.
De functie van "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode van cruciaal belang vanwege de invoering van de distributie en de toenemende schaarste aan voedsel. De afzender "M. Müller" duidt waarschijnlijk op een specifieke directeur binnen de Amsterdamse of een vergelijkbare grote gemeentelijke organisatie belast met de voedselvoorziening.