Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 135
Dossier 75
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief (concept of kopie).

17 maart 1941 (ingekomen/verwerkt op 18 maart 1941).

Origineel

Handgeschreven brief (concept of kopie). 17 maart 1941 (ingekomen/verwerkt op 18 maart 1941). Persoons-
bewijzen

A'dam, 17/3 1941
BA/42/2M 18/3/41 118

Naar aanleiding van
Uw brief van 6 Maart jl.
no. 107/3 heb ik de eer U te
berichten, dat ik gaarne
gebruik zal maken van den
uitzonderingsmaatregel, bedoeld
in Uw ~~bovengenoemden~~ [vorigen] brief.

Bij mijn dienst zijn
momenteel 75 (75) ambtenaren
en werklieden
werkzaam; omtrent de onder-
havige aangelegenheid kan nader
overleg worden gepleegd met den
heer H. S. van Duinhoven op het Hoofdkantoor van
mijn dienst.

[Initials: DS] Deze brief is een formeel schrijven vanuit een Amsterdamse gemeentelijke dienst (waarschijnlijk de reinigingsdienst of een technisch bureau, gezien de vermelding van "werklieden"). De afzender reageert op een eerdere instructie betreffende de "uitzonderingsmaatregel" voor de aanvraag van persoonsbewijzen.

Opvallende kenmerken:
* Correcties: De schrijver heeft "bovengenoemden" doorgehaald en vervangen door "vorigen". Ook zijn de woorden "en werklieden" en "op het Hoofdkantoor" later tussen de regels ingevoegd om de tekst te preciseren.
* Aantallen: Er wordt melding gemaakt van 75 personeelsleden waarvoor de regeling getroffen moet worden.
* Contactpersoon: De heer H.S. van Duinhoven op het hoofdkantoor wordt aangewezen als contactpersoon voor de verdere afhandeling.
* Registratie: De grote oranje/rode cijfers "BA/42/2M" zijn kenmerkend voor een archiefclassificatie uit die periode. Het document dateert van maart 1941, een cruciaal moment in de Nederlandse geschiedenis tijdens de Duitse bezetting. In april 1941 werd de verplichte invoering van het Persoonsbewijs (PB) van kracht. Dit identiteitsbewijs, ontworpen door de Nederlandse ambtenaar Jacob Lentz, was technisch zeer geavanceerd voor zijn tijd en daardoor extreem moeilijk te vervalsen.

De "uitzonderingsmaatregel" waarnaar verwezen wordt, heeft waarschijnlijk te maken met de collectieve aanvraagprocedure voor overheidspersoneel. Ambtenaren en medewerkers van vitale diensten kregen vaak via hun eigen organisatie hun persoonsbewijs uitgereikt, in plaats van individueel bij de distributiekantoren. Voor de bezetter was de registratie van alle burgers essentieel voor de controle op de bevolking, de tewerkstelling (Arbeitseinsatz) en de uitvoering van de Holocaust (door de beruchte 'J' in de bewijzen van Joodse burgers). Dit document toont de ambtelijke raderen die hiervoor in gang werden gezet.

Samenvatting

Deze brief is een formeel schrijven vanuit een Amsterdamse gemeentelijke dienst (waarschijnlijk de reinigingsdienst of een technisch bureau, gezien de vermelding van "werklieden"). De afzender reageert op een eerdere instructie betreffende de "uitzonderingsmaatregel" voor de aanvraag van persoonsbewijzen.

Opvallende kenmerken:
* Correcties: De schrijver heeft "bovengenoemden" doorgehaald en vervangen door "vorigen". Ook zijn de woorden "en werklieden" en "op het Hoofdkantoor" later tussen de regels ingevoegd om de tekst te preciseren.
* Aantallen: Er wordt melding gemaakt van 75 personeelsleden waarvoor de regeling getroffen moet worden.
* Contactpersoon: De heer H.S. van Duinhoven op het hoofdkantoor wordt aangewezen als contactpersoon voor de verdere afhandeling.
* Registratie: De grote oranje/rode cijfers "BA/42/2M" zijn kenmerkend voor een archiefclassificatie uit die periode.

Historische Context

Het document dateert van maart 1941, een cruciaal moment in de Nederlandse geschiedenis tijdens de Duitse bezetting. In april 1941 werd de verplichte invoering van het Persoonsbewijs (PB) van kracht. Dit identiteitsbewijs, ontworpen door de Nederlandse ambtenaar Jacob Lentz, was technisch zeer geavanceerd voor zijn tijd en daardoor extreem moeilijk te vervalsen.

De "uitzonderingsmaatregel" waarnaar verwezen wordt, heeft waarschijnlijk te maken met de collectieve aanvraagprocedure voor overheidspersoneel. Ambtenaren en medewerkers van vitale diensten kregen vaak via hun eigen organisatie hun persoonsbewijs uitgereikt, in plaats van individueel bij de distributiekantoren. Voor de bezetter was de registratie van alle burgers essentieel voor de controle op de bevolking, de tewerkstelling (Arbeitseinsatz) en de uitvoering van de Holocaust (door de beruchte 'J' in de bewijzen van Joodse burgers). Dit document toont de ambtelijke raderen die hiervoor in gang werden gezet.

Locaties

Amsterdam ("A'dam").

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6