Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 285
Dossier 17
Jaar 1941
Stadsarchief

Uittreksel uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

26 september 1941.

Origineel

Uittreksel uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 26 september 1941. [Linksboven, handgeschreven:] 543 hm. 1941
[Linksboven, getypt:] No.1546d Arb.1941.

[Middenboven, getypt:]
Verstrekking bonloos voedsel aan gemeente-personeel.

[Rechtsboven, handgeschreven:] Gem. Adv.

[Gecentreerd, getypt:]
E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten van
den Burgemeester van Amsterdam.
Vrijdag, 26 September 1941.

Op voorstel van den Wethouder voor de Publieke Werken, voor den Wethouder voor de Arbeidszaken, wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam;

[Linkermarge, verticaal gestempeld/geschreven:]
29/9
M. 1341
SA / 101 / 1

[Hoofdtekst:]
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied, betreffende bijzondere maatregelen op administratief-rechtelijk gebied (Verordeningenblad 1941, Stuk 33, No.152; Gemeenteblad afd.4, volgn. 517) en van de Eerste Beschikking ter uitvoering van deze verordening (Nederlandsche Staatscourant van 19 Augustus 1941, No.160; Gemeenteblad afd. 4, volgn. 523);

Gelet op een nota van den Wethouder voornoemd van 24 September 1941, No.1546 c Arb., in zake het verstrekken van bonloos voedsel aan personeel in dienst van de gemeente Amsterdam;

Gezien de circulaire van 15 September 1941, afd.V.V., No.EF.646, van het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in zake het verstrekken van bonlooze maaltijden aan fabrieksarbeiders, welke als bijlage aan dit besluit wordt toegevoegd;

B e s l u i t :

I met inachtneming van de in bovengenoemde circulaire van 15 September 1941 gestelde regelen, in het bijzonder voor zooveel betreft de volgorde van personeelsgroepen, die voor bonloos voedsel in aanmerking komen, aan de werklieden en aan ambtenaren, die wat den aard van hun werk betreft met werklieden op één lijn dienen te worden gesteld, per dag 1/2 liter bonloos voedsel te verstrekken, tegen een vergoeding van 5 cent per dag;

II dat bij de verstrekking, onder I bedoeld, door den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening zal worden uitgegaan van het beginsel, dat in zake de hoeveelheid bonloos voedsel, welke door de Centrale Keuken, in verband met haar capaciteit en de verzorging van de volksvoeding, ter beschikking kan worden gesteld, een evenredige verdeeling zal plaats hebben tusschen de Dit document is een officieel besluit van de (door de bezetter aangestelde) burgemeester van Amsterdam, Edward Voûte, uit september 1941. De kern van het besluit is de logistieke en financiële regeling voor het verstrekken van "bonloos voedsel" (voedsel waarvoor geen distributiebonnen hoefden te worden ingeleverd) aan gemeente-arbeiders en gelijkgesteld personeel.

Belangrijke punten:
* Rantsoenering: Het feit dat er specifiek gesproken wordt over "bonloos" voedsel onderstreept de schaarste en de strikte distributie tijdens de bezetting.
* Doelgroep: De focus ligt op "werklieden", wat suggereert dat dit een maatregel was om de fysieke inzetbaarheid van arbeiders in vitale sectoren (Publieke Werken) te waarborgen.
* Kosten: De werknemer betaalde 5 cent per halve liter.
* Uitvoerende instantie: De Centrale Keuken en de "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" speelden een cruciale rol in de voedseldistributie. In september 1941 was de Duitse bezetting van Nederland ruim een jaar onderweg. De democratische structuren waren vervangen door het autoritaire 'Leidersbeginsel'. Burgemeesters stonden onder direct toezicht van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart), zoals ook blijkt uit de verwijzing naar de "Achtste Verordening" in de tekst.

De voedselvoorziening werd gedurende 1941 steeds nijpender. Om te voorkomen dat arbeiders door ondervoeding hun werk niet meer konden doen, werden er collectieve voorzieningen getroffen zoals de Centrale Keukens. Dit besluit illustreert hoe de lokale overheid binnen de kaders van de bezettingswetgeving probeerde de dagelijkse gang van zaken en de inzetbaarheid van het personeel te regelen. De verwijzing naar het "Rijksbureau voor Voedselvoorziening" toont de centralisatie van de voedseldistributie aan de top van het ambtelijk apparaat.

Samenvatting

Dit document is een officieel besluit van de (door de bezetter aangestelde) burgemeester van Amsterdam, Edward Voûte, uit september 1941. De kern van het besluit is de logistieke en financiële regeling voor het verstrekken van "bonloos voedsel" (voedsel waarvoor geen distributiebonnen hoefden te worden ingeleverd) aan gemeente-arbeiders en gelijkgesteld personeel.

Belangrijke punten:
* Rantsoenering: Het feit dat er specifiek gesproken wordt over "bonloos" voedsel onderstreept de schaarste en de strikte distributie tijdens de bezetting.
* Doelgroep: De focus ligt op "werklieden", wat suggereert dat dit een maatregel was om de fysieke inzetbaarheid van arbeiders in vitale sectoren (Publieke Werken) te waarborgen.
* Kosten: De werknemer betaalde 5 cent per halve liter.
* Uitvoerende instantie: De Centrale Keuken en de "Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening" speelden een cruciale rol in de voedseldistributie.

Historische Context

In september 1941 was de Duitse bezetting van Nederland ruim een jaar onderweg. De democratische structuren waren vervangen door het autoritaire 'Leidersbeginsel'. Burgemeesters stonden onder direct toezicht van de Rijkscommissaris (Seyss-Inquart), zoals ook blijkt uit de verwijzing naar de "Achtste Verordening" in de tekst.

De voedselvoorziening werd gedurende 1941 steeds nijpender. Om te voorkomen dat arbeiders door ondervoeding hun werk niet meer konden doen, werden er collectieve voorzieningen getroffen zoals de Centrale Keukens. Dit besluit illustreert hoe de lokale overheid binnen de kaders van de bezettingswetgeving probeerde de dagelijkse gang van zaken en de inzetbaarheid van het personeel te regelen. De verwijzing naar het "Rijksbureau voor Voedselvoorziening" toont de centralisatie van de voedseldistributie aan de top van het ambtelijk apparaat.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6