Getypt afschrift (extract) van een officieel besluit.
Origineel
Getypt afschrift (extract) van een officieel besluit. September 1941 (genoteerd als 9-'41). gemeentediensten onderling;
III dat de kosten van de verstrekking, onder I bedoeld, na aftrek van de door de
werklieden te betalen vergoeding, komen ten laste van den dienst, bij welken het
personeel werkzaam is;
IV de hoofden van diensten uit te noodigen, na nauwkeurige kennisneming van de bij-
gevoegde circulaire, aan den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levens-
middelenvoorziening onverwijld, met inachtneming van de volgorde der verstrek-
king, een opgave te doen toekomen van het aantal porties bonloos voedsel, dat
voor hun dienst dagelijks noodig is;
V den Directeur van den Centralen Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening uit te
noodigen, in overleg met den Gemeentelijken Adviseur voor de Levensmiddelenvoor-
ziening, maatregelen te nemen, dat, zoo spoedig als eenigszins mogelijk is, met
de verstrekking van bonloos voedsel aan gemeentepersoneel kan worden aangevangen;
VI te bepalen, dat het personeel zelf moet zorgen in het bezit te zijn van een bord
en lepel of vork voor het nuttigen van het voedsel.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan alle afdeelingen der Gemeente-
secretarie, alsmede aan den Gemeenteontvanger, het Pensioenbureau en het Bureau
Gemeentesecretaris en Algemeene Dienst (5 stuks).
EL Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
C.S.Stadhuis (get) H. van Buuren ls
A'dam 9-'41. l.s. Dit document bevat de bepalingen (punten III t/m VI) van een gemeentelijk besluit betreffende de voedselvoorziening voor personeel in dienst van de gemeente Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog.
De kernpunten zijn:
1. Financiering (III): De kosten voor de maaltijden worden gedragen door de betreffende gemeentedienst, na aftrek van een eigen bijdrage van de werknemers.
2. Logistiek en Inventarisatie (IV & V): Diensthoofden moeten direct opgeven hoeveel porties "bonloos voedsel" (voedsel waarvoor geen distributiebonnen nodig waren) dagelijks nodig zijn. De Centrale Dienst voor de Levensmiddelenvoorziening moet de distributie zo snel mogelijk opstarten.
3. Persoonlijke uitrusting (VI): Medewerkers dienen hun eigen servies en bestek (bord, lepel of vork) mee te nemen.
Het taalgebruik is formeel en administratief, kenmerkend voor de Nederlandse bureaucratie uit die periode (bijv. de genitiefvormen "den" en "der"). Het document dateert uit september 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de schaarste aan voedsel en goederen toe en was het distributiesysteem volledig in werking getreden.
De term "bonloos voedsel" is hier cruciaal. Het verwijst naar extra voedselvoorzieningen, vaak in de vorm van centrale keukens of gaarkeukens, die buiten de reguliere bonkaarten om werden verstrekt om vitale diensten (zoals het gemeentepersoneel) draaiende te houden. Het feit dat werknemers hun eigen bord en bestek moesten meebrengen, illustreert de materiële tekorten van die tijd; de gemeente kon wel centraal voedsel bereiden, maar had niet de middelen om tienduizenden personeelsleden van servies te voorzien.
H. van Buuren, die het document ondertekende, was destijds een prominente figuur binnen de Amsterdamse ambtenarij. De afkorting "l.s." staat voor loco sigilli, de plek van het zegel. H. van Buuren Gemeente Amsterdam Stadhuis