Dienstbrief / Circulaire van de Gemeente Amsterdam.
Origineel
Dienstbrief / Circulaire van de Gemeente Amsterdam. 24 november 1941. De Wethouder voor de Arbeidszaken van de Gemeente Amsterdam. [Bovenaan de pagina, gestempeld en geschreven kenmerken]
P/B. $N^o$ $U^A/125/1$ M.1941 $\frac{25}{11}$
mi. Dri [handgeschreven]
GEMEENTE AMSTERDAM.
a
No. 2140 Arb. 1941.
AMSTERDAM, 24 November 1941.
Onderwerp: Arbeidsdienstplicht
In verband met het mogelijk invoeren van den arbeidsdienstplicht voor het ongehuwde mannelijke overheidspersoneel, dat den leeftijd van 17 jaar volbracht, doch dien van 24 jaar nog niet bereikt heeft, verzoek ik U mij vóór 27 November a.s. een opgave te doen toekomen van het aantal bij Uw diensttak in dienst zijnde personen, dat op grond van het bovenstaande arbeidsdienstplichtig zal zijn, zulks naar den toestand op 15 November 1941.
Ik verzoek U, verdeeld naar de volle leeftijdsjaren, de opgaven voorts te splitsen in 4 groepen, nml. in ambtenaren, werklieden, ambtenaren op arbeidsovereenkomst en werklieden op arbeidsovereenkomst.
[Onderaan links, handgeschreven notitie]
Groeneveld in Januari j.l. 24 jaar geworden.
De Wethouder voor de Arbeidszaken,
[Handtekening, onleesbaar]
Aan Heeren Hoofden van Diensten, Bedrijven en Administratiën.
Arb.Z. Stadhuis,
Nov. '41, A'dam.
[Rechtsonder, handgeschreven initialen]
pA * Administratieve spoed: De brief is gedateerd op 24 november en de informatie wordt al vóór 27 november (slechts drie dagen later) verwacht. Dit wijst op een hoge mate van urgentie vanuit de bezettende macht of de collaborerende gemeenteraad.
* Doelgroep: De inventarisatie richt zich specifiek op jonge, ongehuwde mannen tussen de 17 en 23 jaar die werkzaam zijn bij de overheid.
* Classificatie: Er wordt een strikt onderscheid gemaakt tussen 'ambtenaren' en 'werklieden', en tussen vaste aanstellingen en contracten. Dit was typerend voor de hiërarchische structuur van het toenmalige ambtenarenapparaat.
* Individuele gevallen: De handgeschreven kanttekening linksonder over een zekere "Groeneveld" die al 24 jaar is geworden, suggereert dat men direct begon met het controleren van de lijst op basis van de gestelde leeftijdscriteria om te zien wie er (net) buiten de verplichting viel. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse Arbeidsdienst (NAD) werd door de bezetter in het leven geroepen, aanvankelijk op vrijwillige basis, maar gaandeweg werd de dienstplicht ingevoerd.
De brief illustreert de actieve medewerking van het Amsterdamse gemeentebestuur (onder leiding van de door de Duitsers benoemde burgemeester E.J. Voûte) bij het uitvoeren van maatregelen van de bezetter. Het in kaart brengen van overheidspersoneel was een noodzakelijke voorstap voor de latere feitelijke oproeping voor de arbeidsdienst. Voor veel jonge mannen betekende dit dat ze gedwongen werden om arbeid te verrichten, wat later vaak uitmondde in de Arbeitseinsatz in Duitsland, hoewel de NAD officieel een andere status had. Dit type bureaucratische documentatie vormde de ruggengraat van de controle die de bezetter op de Nederlandse bevolking uitoefende.