Archief 745
Inventaris 745-345
Pagina 429
Dossier 95
Jaar 1941
Stadsarchief

Doorslag of afschrift van een officieel besluit (waarschijnlijk een uittreksel uit de notulen van B&W of een besluit van de regeringscommissaris).

Origineel

Doorslag of afschrift van een officieel besluit (waarschijnlijk een uittreksel uit de notulen van B&W of een besluit van de regeringscommissaris). - 3 -

VI. dat de loonen van de bij den dienst der Publieke Werken en de Stadsreiniging werkzaam zijnde niet-volwaardige arbeidskrachten worden verhoogd tot de bedragen, geldende op 29 Februari 1936;
VII. dat de inhouding op het salaris voor inwoning met vollen kost, bewassching en vrije geneeskundige hulp voor in dienst der Gemeente zijnde echtparen zal bedragen f. 1100,- per jaar voor het echtpaar en f. 150,- per jaar voor elk inwonend kind;
VIII. dat de uitkeering aan tijdelijke ambtenaren, die wegens vermindering van werkzaamheden zijn ontslagen, in overeenstemming zal worden gebracht met de nieuwe salarisregeling;
IX. dat in het geval een ambtenaar een persoonlijke toelage is toegekend, ten einde dien ambtenaar het salaris eener hoogere salarisgroep te doen genieten, die toelage zal worden verhoogd tot een zoodanig bedrag, dat zij gelijk wordt aan het verschil tusschen het salaris, hetwelk de ambtenaar in dien hoogeren rang zou hebben genoten en dat, hetwelk hij ontvangt volgens de salarisgroep, waarin zijn functie is ingedeeld;
X. dat bij de Brandweer de vergoeding:
voor den onderwijzer in "indoortraining" zal bedragen f. 1,- per gegeven les van een half uur;
voor den onderwijzer in de Nederlandsche taal enz. f. 2,50 per gegeven les van een uur;
voor den instructeur bij de oefeningen in eerste hulp bij ongelukken en gasmaskerdiscipline f. 4,- per gegeven les van een uur;
voor de brandmeesters en hooistekers, aangenomen op arbeidsovereenkomst voor werkzaamheden van bijzonderen aard resp. f. 90,- en f. 23,- per jaar;
voor de hooistekers, aangenomen op arbeidsovereenkomst voor werkzaamheden van bijzonderen aard:
"een salaris, te bepalen door den Commandant der Brandweer naar de grootte van het hooidistrict, waarvoor zij worden aangenomen, varieerende van f. 23,- tot f. 135,- per jaar";
XI. dat bij het Gem. Theaterbedrijf (Stadsschouwburg) het loon zal bedragen:
voor den suppoost f. 1,50 per voorstelling;
" de vestiairejuffrouwen f. 1,25 per voorstelling;
" de programmavoorkoopsters f. 0,75 per voorstelling.
B. te bepalen, dat, indien aan na 31 Juli 1941 ontslagen ambtenaren of werklieden de toelage bij pensionneering, bedoeld in art. 59 van het Ambtenaren- en art. 70 van het Werkliedenreglement is uitgekeerd, terwijl zij hierop krachtens de nieuwe salaris- en loonregeling geen aanspraak zouden hebben gehad, terugvordering van het te veel betaalde niet zal plaats hebben;
C. dat de toelage van naaisters en strijksters, bedoeld onder III van zijn besluit van 24 October 1941 No. 387, gesteld zal worden op het verschil tusschen het loon, hetwelk zij bij handhaving van de indeeling in de eerste loonklasse (zooals deze thans luidt) zouden hebben ontvangen en het loon, hetwelk zij thans door de indeeling in de nul a klasse genieten;

Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan alle afdeelingen der Gemeentesecretarie (waarvan Arbeidszaken 20 stuks), alsmede aan het Bureau Gemeentesecretaris en Algemeene Dienst (5 stuks), het Pensioenbureau en den Gemeente-ontvanger.

Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN * Taal en Spelling: Het document is opgesteld in de toenmalige officiële spelling (vóór de hervorming van 1947), gekenmerkt door de naamvallen ("den dienst", "der Gemeente") en dubbele klinkers in woorden als "loonen" en "zoodanig".
* Functies en Diensten: Het document biedt een interessant overzicht van gemeentelijke functies uit die tijd:
* Hooistekers: Personeel dat broei in hooibergen moest controleren om brand te voorkomen, een specifieke taak binnen de brandweer in die tijd.
* Gasmaskerdiscipline: Verwijst naar trainingen in het kader van de Luchtbeschermingsdienst (LBD) tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Theaterpersoneel: Vermelding van suppoosten en vestiairejuffrouwen bij de Stadsschouwburg.
* Administratieve context: Het betreft punt VI tot en met XI van een groter besluit. De focus ligt op het gelijktrekken van loonverschillen die zijn ontstaan door nieuwe regelgeving. Opvallend is de bescherming van ontslagen werknemers (artikel B); zij hoeven te veel ontvangen pensioentoelages niet terug te betalen.
* Salarisindicatie: Bedragen worden uitgedrukt in guldens (f.). Een lesje van een half uur levert 1 gulden op; een suppoost verdient 1,50 gulden per voorstelling. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1941). Hoewel de bezetter de hoogste macht had, bleef het ambtelijk apparaat in de gemeenten grotendeels functioneren volgens de bestaande hiërarchie, zij het onder toezicht van een (vaak NSB-)burgemeester of regeringscommissaris.

De genoemde ondertekenaar, J.F. Franken, was gedurende deze jaren gemeentesecretaris van Utrecht. Het document illustreert hoe de gemeente, ondanks de oorlogsomstandigheden, doorging met de gedetailleerde reglementering van arbeidsvoorwaarden. De specifieke aandacht voor "gasmaskerdiscipline" onderstreept de dreiging van luchtaanvallen en de voorbereiding daarop voor de burgerbevolking. De verwijzing naar de "niet-volwaardige arbeidskrachten" in punt VI duidt op een sociaal beleid voor werknemers met een beperking of verminderde arbeidscapaciteit, wier loon werd teruggezet naar het niveau van 1936.

Samenvatting

  • Taal en Spelling: Het document is opgesteld in de toenmalige officiële spelling (vóór de hervorming van 1947), gekenmerkt door de naamvallen ("den dienst", "der Gemeente") en dubbele klinkers in woorden als "loonen" en "zoodanig".
  • Functies en Diensten: Het document biedt een interessant overzicht van gemeentelijke functies uit die tijd:
    • Hooistekers: Personeel dat broei in hooibergen moest controleren om brand te voorkomen, een specifieke taak binnen de brandweer in die tijd.
    • Gasmaskerdiscipline: Verwijst naar trainingen in het kader van de Luchtbeschermingsdienst (LBD) tijdens de Tweede Wereldoorlog.
    • Theaterpersoneel: Vermelding van suppoosten en vestiairejuffrouwen bij de Stadsschouwburg.
  • Administratieve context: Het betreft punt VI tot en met XI van een groter besluit. De focus ligt op het gelijktrekken van loonverschillen die zijn ontstaan door nieuwe regelgeving. Opvallend is de bescherming van ontslagen werknemers (artikel B); zij hoeven te veel ontvangen pensioentoelages niet terug te betalen.
  • Salarisindicatie: Bedragen worden uitgedrukt in guldens (f.). Een lesje van een half uur levert 1 gulden op; een suppoost verdient 1,50 gulden per voorstelling.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1941). Hoewel de bezetter de hoogste macht had, bleef het ambtelijk apparaat in de gemeenten grotendeels functioneren volgens de bestaande hiërarchie, zij het onder toezicht van een (vaak NSB-)burgemeester of regeringscommissaris.

De genoemde ondertekenaar, J.F. Franken, was gedurende deze jaren gemeentesecretaris van Utrecht. Het document illustreert hoe de gemeente, ondanks de oorlogsomstandigheden, doorging met de gedetailleerde reglementering van arbeidsvoorwaarden. De specifieke aandacht voor "gasmaskerdiscipline" onderstreept de dreiging van luchtaanvallen en de voorbereiding daarop voor de burgerbevolking. De verwijzing naar de "niet-volwaardige arbeidskrachten" in punt VI duidt op een sociaal beleid voor werknemers met een beperking of verminderde arbeidscapaciteit, wier loon werd teruggezet naar het niveau van 1936.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Donkers Uilenburg V
A. Kaas Uilenburg V
A. Kerkhoff Uilenburg V
A. Klaassen Uilenburg
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
Ass.bedrijfschef P.Lastmankade 37 II
B. Velthuis Uilenburg
C. Blom Uilenburg
C.W. Egberts Uilenburg Augustus 1941
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6