Dienstbrief / Rapportage van een strafmaatregel.
Origineel
Dienstbrief / Rapportage van een strafmaatregel. 29 maart 1941. De Directeur van de Centrale Markt te Amsterdam. (Inclusief handgeschreven notities en uiterlijke kenmerken)
[Linksboven handgeschreven:] 2 Treub [?]
[Midden boven handgeschreven:] Verzonden [?] 31/3
[Rechtsboven handgeschreven:] [onleesbare paraaf/naam, mogelijk ‘van Praag’]
[Rechtsboven getypt:] D/HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
77/8/3 M. 1 29 Maart 1941.
Straf personeel van kooper
Centrale Markt.
In bijlage dezes heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen van een op 24 Maart jl. door den contrôleur J.P.N. Boon van mijn dienst opgemaakt rapport, waaruit blijkt, dat E. van Gelderen, Van Spilbergenstraat 35, wien als personeel van den kooper H. P. Schouten, toegang tot de Centrale Markt is verleend zich op de Centrale Markt heeft schuldig gemaakt aan diefstal van negen ledige kisten ten nadeele van den grossier J. Bekker.
Ter zake van dit feit wordt proces-verbaal opgemaakt, terwijl ik E. van Gelderen voornoemd, overeenkomstig het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, heb gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 24 Maart tot en met 6 April a.s. In verband met de orde en den goeden gang van zaken op de Centrale Markt acht ik het gewenscht, dat ten deze strenge maatregelen worden genomen en ik geef U mitsdien beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat Van Gelderen voornoemd, overeenkomstig het bepaalde in het tweede lid van bovenaangehaald artikel, door den Regeeringscommissaris voor Amsterdam wordt gestraft met ontneming van het recht van toegang tot de Centrale Markt, voorgoed, zulks met ingang van 7 April a.s. Voor de goede orde voeg ik hieraan nog toe, dat E. van Gelderen zich tevoren niet aan een strafbaar feit op de Centrale Markt heeft schuldig gemaakt.
De Directeur, De brief is een formeel verzoek van de directeur van de Amsterdamse Centrale Markt aan de wethouder voor Levensmiddelen om een werknemer van een marktkoopman permanent de toegang tot de markt te ontzeggen. De aanleiding is de diefstal van negen lege kisten van een grossier op 24 maart 1941.
De directeur heeft zelf reeds de maximaal toegestane voorlopige straf opgelegd (14 dagen ontzegging conform art. 35 lid 1 van het Marktreglement). Hij acht dit echter onvoldoende voor de handhaving van de orde en verzoekt om de zwaardere maatregel van een levenslang toegangsverbod (conform art. 35 lid 2). Opvallend is dat de directeur vermeldt dat de dader niet eerder met de regels in aanraking is gekomen, maar desondanks aandringt op de zwaarst mogelijke sanctie. Het document dateert van maart 1941, een klein jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van de oorlog en schaarste is essentieel:
1. Voedselvoorziening: De Centrale Markt was het zenuwcentrum voor de voedseldistributie in Amsterdam. Tijdens de bezetting was strikte controle op goederenstromen essentieel voor de bezetter en het lokale bestuur om zwarte handel en diefstal tegen te gaan.
2. Bestuurlijke structuur: Er wordt verwezen naar de "Regeeringscommissaris voor Amsterdam". Dit duidt op de herstructurering van het stadsbestuur door de nazi-bezetter. In maart 1941 was Edward Voûte aangesteld als regeringscommissaris (en later burgemeester), nadat de democratische gemeenteraad buitenspel was gezet na de Februaristaking van 1941.
3. Strenge handhaving: De nadruk op "strenge maatregelen" en de wens om iemand voor een relatief klein vergrijp (9 lege kisten) direct levenslang zijn werkplek te ontzeggen, past in het klimaat van toenemende repressie en tucht onder het nieuwe bewind. E. van Gelderen H.P. Schouten J. Bekker J.P.N. Boon P. Schouten