Handgeschreven administratieve lijst op roze papier.
Origineel
Handgeschreven administratieve lijst op roze papier. 4 januari 1941. Nº 85/1/2 M. 1941 7/- [stempel]
Schuld kramersdienst [mogelijk kramersfonds]
per 4 Januari 1941.
S. Abram — 2.76 — Schuld vrije afrekening 2.16
G. Wagens — 10.72 — 9.64 — Zal betalen
J. Brand [doorgestreept] — 32.50 [doorgestreept] — 30.50 [doorgestreept]
M. Cohen — 3.90 — Tegoed 0.03
J. Glijzeman — 15.77 [rood onderstreept] — 10.73
Meijer. Inman — 1.05 — Tegoed 3.72
A. Schelvis — 1.74 — 1.60
A. Jansen — 10.22 [rood onderstreept] — 9.00 Kinderen Westerb.
J. Jongbloed — 1.28 — 1.25
W. Roger — 1.62 — 1.14
B. Drebbeling — 0.84 — 0.72
M. Vos — 0.96 — Tegoed 0.21
[Linksonder, schuin geschreven:]
Opbergen dekens
[Midden onder:]
Reeds voorgesteld
[Onderaan, handtekening:]
Gulp. * Inhoud: Het document betreft een overzicht van openstaande posten ("Schuld") per begin 1941. De kolomstructuur toont een oorspronkelijk bedrag, een herzien bedrag of verrekening, en opmerkingen over de status (zoals "Zal betalen" of "Tegoed").
* Sociaal-economisch: De term "kramersdienst" wijst mogelijk op een organisatie voor ambulante handelaren (kramers), een beroepsgroep waarin veel Joodse Nederlanders werkzaam waren.
* Administratieve tekens: De rode onderstrepingen en het doorhalen van namen (zoals J. Brand) duiden op actieve boekhoudkundige verwerking. De aantekening "Opbergen dekens" suggereert een link met materiële hulpverlening.
* Handschrift: Het betreft een vlot, zakelijk handschrift uit de vroege 20e eeuw (met de karakteristieke 'S' en 'J'). * Tijdsbeeld: Januari 1941 is een kritieke periode in de bezetting. De eerste anti-Joodse maatregelen waren van kracht, maar de grootschalige deportaties moesten nog beginnen.
* Westerbork: De vermelding "Kinderen Westerb." bij de naam A. Jansen is historisch zeer relevant. Op dat moment was Westerbork nog het Centraal Vluchtelingenkamp Westerbork, beheerd door de Nederlandse overheid voor Joodse vluchtelingen (voornamelijk uit Duitsland). De aantekening suggereert dat er financiële verrekeningen plaatsvonden voor gezinnen waarvan de kinderen in het kamp verbleven.
* Personen: Veel namen op deze lijst (Abram, Cohen, Glijzeman, Schelvis, Vos) zijn veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschappen in Amsterdam en andere steden. De lijst fungeert daarmee als een tragisch administratief spoor van individuen die kort daarna het slachtoffer zouden worden van de Holocaust. A. Jansen A. Schelvis B. Drebbeling G. Wagens J. Brand J. Glijzeman J. Jongbloed M. Cohen M. Vos S. Abram W. Roger
Samenvatting
- Inhoud: Het document betreft een overzicht van openstaande posten ("Schuld") per begin 1941. De kolomstructuur toont een oorspronkelijk bedrag, een herzien bedrag of verrekening, en opmerkingen over de status (zoals "Zal betalen" of "Tegoed").
- Sociaal-economisch: De term "kramersdienst" wijst mogelijk op een organisatie voor ambulante handelaren (kramers), een beroepsgroep waarin veel Joodse Nederlanders werkzaam waren.
- Administratieve tekens: De rode onderstrepingen en het doorhalen van namen (zoals J. Brand) duiden op actieve boekhoudkundige verwerking. De aantekening "Opbergen dekens" suggereert een link met materiële hulpverlening.
- Handschrift: Het betreft een vlot, zakelijk handschrift uit de vroege 20e eeuw (met de karakteristieke 'S' en 'J').
Historische Context
- Tijdsbeeld: Januari 1941 is een kritieke periode in de bezetting. De eerste anti-Joodse maatregelen waren van kracht, maar de grootschalige deportaties moesten nog beginnen.
- Westerbork: De vermelding "Kinderen Westerb." bij de naam A. Jansen is historisch zeer relevant. Op dat moment was Westerbork nog het Centraal Vluchtelingenkamp Westerbork, beheerd door de Nederlandse overheid voor Joodse vluchtelingen (voornamelijk uit Duitsland). De aantekening suggereert dat er financiële verrekeningen plaatsvonden voor gezinnen waarvan de kinderen in het kamp verbleven.
- Personen: Veel namen op deze lijst (Abram, Cohen, Glijzeman, Schelvis, Vos) zijn veelvoorkomend binnen de Joodse gemeenschappen in Amsterdam en andere steden. De lijst fungeert daarmee als een tragisch administratief spoor van individuen die kort daarna het slachtoffer zouden worden van de Holocaust.