Archiefdocument
Origineel
23 september 1942. [Linksboven, gestempeld/getypt:]
BV/GVZ n.
[Bovenaan midden, handgeschreven in paars/blauw potlood:]
Verzonden
2 3/9
[Rechtsboven:]
ms.
23 September 1942.
[Adresblok:]
den Heer J. Muller,
Govert Flinckstraat 246,
Amsterdam-Zuid.
[Inhoud:]
~~Hierbij~~
Naar aanleiding van Uw brief d.d.
verleen ik U hierby tot wederopzegging toestemming zich op Uw
plaats op de markt(en)
te laten bijstaan - niet vervangen - door Uw dochter R. Muller,
~~22 September 1942.~~ [doorgehaald met x-en]
[Ondertekening:]
De Directeur, * Inhoud: Het betreft een officiële vergunning aan de heer J. Muller om hulp te krijgen bij zijn werkzaamheden op de markt.
* Voorwaarden: De tekst stelt twee belangrijke voorwaarden: de toestemming is "tot wederopzegging" (kan op elk moment worden ingetrokken) en de dochter mag hem slechts "bijstaan - niet vervangen". Dit betekent dat de heer Muller verplicht was zelf bij de marktkraam aanwezig te zijn; zijn dochter mocht de kraam niet alleen bemannen.
* Locatie: Het adres Govert Flinckstraat 246 ligt in de Amsterdamse Pijp, direct evenwijdig aan de Albert Cuypstraat. Het is vrijwel zeker dat de heer Muller een staanplaats had op de Albert Cuypmarkt.
* Correcties: Het document is een werkkopie of doorslag waarbij de tekst ter plekke is aangepast. De onderste regel tekst onder "markt(en)" lijkt een eerdere getypte regel te hebben overschreven of weggehaald met x-en om de naam van de dochter in te passen. Dit document is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). In deze periode was de handel op markten streng gereguleerd door de gemeente en de bezettende macht.
De datum, september 1942, is historisch beladen. In deze periode werden de anti-Joodse maatregelen in Amsterdam in hoog tempo opgevoerd. Joodse marktkooplieden waren in 1941 al geweerd van de reguliere markten en mochten alleen nog op speciaal aangewezen "Joodse markten" staan. Hoewel de naam Muller zowel Joods als niet-Joods kan zijn, was de Govert Flinckstraat een straat waar veel Joodse Amsterdammers woonden. Indien de familie Muller Joods was, is dit document een administratief overblijfsel van de pogingen om onder extreem moeilijke omstandigheden de nering voort te zetten. Indien de familie niet-Joods was, toont het de strikte bureaucratische controle op de dagelijkse economie in oorlogstijd. J. Muller R. Muller Marktwezen