Officiële brief/correspondentie van de gemeente Amsterdam.
Origineel
Officiële brief/correspondentie van de gemeente Amsterdam. 17 april 1942 (met handgeschreven aantekening "Verzonden 17/4-42"). Directie van het Marktwezen, Amsterdam. Gezonden aan: fa. N. Nikkelsberg en S. Casseres E 15
M. van Loggem E 8
J.M. Biesheuvel C 10
Verzonden 17/4-42. [handgeschreven]
DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN.
No. 37/25/7 M. Amsterdam, 17 April 1942.
Jan van Galenstraat 14.
**Aan**
**Centrale Markt No.**
**Amsterdam-West.**
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huurcontract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op de Centrale Markt te doen toekomen.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat, ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek reparatiën, zooals van rolluiken, ruiten, sloten, enz. voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoo ver noodig, in herinnering, dat artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aankondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht over te gaan, vóóraf met mij te verstaan.
**De Directeur,**
[handtekening]
--- * Vorm en Stijl: De brief is opgesteld in de formele, ambtelijke stijl die gebruikelijk was voor de gemeentelijke overheid in de jaren 40. Het taalgebruik is hoffelijk ("heb ik de eer U", "verzoek U beleefd"), maar de inhoud is strikt zakelijk en dwingend wat betreft de regels.
* Inhoud: De kern van de brief is de officiële overdracht van een huurcontract voor pakhuisruimte. De directeur benadrukt specifiek twee punten:
1. Onderhoudsplicht: Onder verwijzing naar het Burgerlijk Wetboek (Art. 1619) wordt herinnerd dat klein onderhoud (glas, sloten, rolluiken) voor rekening van de huurder is.
2. Reclameverbod: Onder verwijzing naar het contract (Art. 8) wordt herinnerd dat er geen borden of reclame uitingen mogen worden geplaatst zonder uitdrukkelijke schriftelijke toestemming.
* Administratieve details: Bovenaan zijn de specifieke pakhuisnummers (E 15, E 8, C 10) gekoppeld aan de namen van de huurders. De handgeschreven datum suggereert dat de brief op de dag van datering is verzonden.
--- * Historische periode: De brief dateert van april 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Locatie: De Centrale Markthallen in Amsterdam-West waren (en zijn) het kloppende hart van de voedseldistributie in de stad. Tijdens de bezetting stond dit onder streng toezicht van de Directie van het Marktwezen.
* Namen van de huurders: De namen "Nikkelsberg", "Casseres" en "Van Loggem" zijn typisch Sefardisch-Joodse en Joodse namen. In april 1942 waren de anti-Joodse maatregelen van de nazi's al vergevorderd. Joodse ondernemers werden in deze periode systematisch uit het economische leven geweerd door middel van "arisering" (het onteigenen van Joodse bedrijven).
* Betekenis: Hoewel de brief op het eerste gezicht een routineus administratief karakter heeft, krijgt hij een beladen betekenis door de datum en de namen van de geadresseerden. Het herinneren aan strikte regels en onderhoudskosten was onderdeel van de bureaucratische druk op Joodse ondernemers, die kort na deze datum vaak hun bezit en vrijheid volledig zouden verliezen. De Centrale Markt was een plek waar veel Joodse handelaren werkten, die vanaf 1941 al steeds meer beperkingen kregen opgelegd.