Politierapport / Proces-verbaal.
Origineel
Politierapport / Proces-verbaal. Politie te Amsterdam
5de Sectie 1ste Afdeeling
Nº 37/27/1 M. 1942 30/3
Rapport.
Rapporteeren de ondergeteekenden, B. G. G. Hamne en T. van der Meulen, beiden agent van politie tevens onbezoldigd veldwachter dezer gemeente het volgende: Op Zaterdag 28 Maart 1942, des voormiddags ongeveer 7 uur, zijn wij op last van den brigadier-wachtcommandant Menning, binnengetreden in perceel Govert Flinckstraat Nº 324 huis, alhier, in welk perceel gevestigd was een winkel in aardappelen, groenten en fruit. Aldaar troffen wij staande in genoemden winkel aan, tien kisten zandpeen en twee kisten lof. Het hoofd en bestuurder van den winkel, genaamd Gerrit Bosse, geboren te Amsterdam 21 April 1899, van beroep Groentenhandelaar verklaarde ons deze groenten op bovenvermelden datum ongeveer 7 uur te hebben ontvangen vanwege zijn grossier, genaamd Schoonhagen. De groenten waren hem bezorgd per auto (vracht). Bosse voornoemd verklaarde de groenten op de markt in Amsterdam te hebben gekocht.
De agenten van politie
[Handtekening Hamne]
[Handtekening Van der Meulen]
(Handgeschreven notitie onderaan in potlood/andere pen:)
Gehoord waarschuwing.
Laatste waarschuwing.
Hem aangezegd, dat bij een volgende klacht, wij zijn artikelen zullen vorderen.
[Paraaf] 30/3 - 42 Dit document betreft een controlebezoek van de Amsterdamse politie aan een groentewinkel in de Govert Flinckstraat tijdens de Duitse bezetting. De aanleiding was een direct bevel van de wachtcommandant, wat suggereert dat er mogelijk een tip was binnengekomen of dat er sprake was van verscherpt toezicht op de voedselvoorziening.
De agenten troffen een partij van tien kisten zandpeen en twee kisten lof (witlof) aan die vroeg in de ochtend waren geleverd. De winkelier, Gerrit Bosse, gaf een verklaring over de herkomst (grossier Schoonhagen en de Amsterdamse markt).
De essentie van het rapport ligt in de handgeschreven kanttekening onderaan. De winkelier krijgt een "laatste waarschuwing". In de context van 1942 duidt dit op een overtreding van de distributiewetten of prijsvoorschriften. De dreiging dat de politie de artikelen zal "vorderen" (in beslag nemen) bij een volgende klacht, was een zware sanctie in een tijd van toenemende voedselschaarste. In 1942 was de distributie van levensmiddelen in het bezette Nederland volledig aan banden gelegd. Winkeliers stonden onder streng toezicht van zowel de reguliere politie als de Crisis Controle Dienst (CCD). De handel buiten de officiële kanalen om ("zwarte handel") of het niet correct administreren van de voorraad werd streng bestraft.
De Govert Flinckstraat in de Amsterdamse Pijp was indertijd een levendige straat met veel kleine neringdoenden. Dit rapport geeft een inkijkje in de dagelijkse druk waaronder kleine ondernemers stonden om hun winkel voorraad te geven, terwijl ze voortdurend het risico liepen op invallen en inbeslagnames door de autoriteiten. B.G.G. Hamne G. Hamne Politie