Archief 745
Inventaris 745-378
Pagina 91
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Officiële circulaire / aanschrijving.

Mei 1942 (stempels geven specifiek 8 mei en 12 mei 1942 aan). Van: Parket van de Procureur-Generaal bij het Gerechtshof te Amsterdam.

Origineel

Officiële circulaire / aanschrijving. Mei 1942 (stempels geven specifiek 8 mei en 12 mei 1942 aan). Parket van de Procureur-Generaal bij het Gerechtshof te Amsterdam. (Linkerbovenhoek, handgeschreven/gestempeld):
Fotokopie 1225 41

(Hoofding):
No 1225 A.Z. 1941
PARKET VAN DEN PROCUREUR-GENERAAL BIJ HET GERECHTSHOF
-II-
No. P 68-'41.

No 822 L.M. 1941 11/5 42
No 37/43/1 M. 1942 1/5

AMSTERDAM, Mei 1942.

(Tekst):
Ten vervolge op de dezerzijdsche aanschrijving d.d. 19 Augustus 1941 No. 3472/41 R.P./2728 A heb ik de eer U.Ed.A./U.Ed.G. te berichten, dat het gewenscht is gebleken om nadere richtlijnen te geven inzake de verzorging van inbeslaggenomen voedselvoorzieningsgoederen en andere goederen welke onder de distributiewetten en -voorschriften of de prijsvoorschriften vallen, teneinde te voorkomen dat deze bederven of door gebrek aan controle in het ongereede raken.

Het is noodzakelijk, dat slechts één verantwoordelijke instantie de geheele aandacht wijdt aan de afhandeling van de inbeslaggenomen goederen en aan het voeren van correspondentie met de vele Rijksbureaux welke de betreffende goederen ter overname en voor de verkoop toegewezen krijgen.

Ter ontlasting van de parketten van den Officier van Justitie en van de Inspectie voor de Prijsbeheersching heb ik mij gewend tot den Provincialen Voedselcommissaris voor de provincie Noordholland, die reeds in den afgeloopen tijd voor een uitstekende behandeling van de inbeslaggenomen voedselvoorzieningsgoederen heeft zorg gedragen en die in verband met de opgedane ervaringen in staat is, deze taak op zich te nemen.

Opdat de Voedselcommissaris zijn taak naar behooren kan uitvoeren, is in overleg met hem het aantal opslagplaatsen beperkt tot 7 in de provincie Noordholland, tenminste 2 dus per arrondissement, terwijl 1 opslagplaats steeds is gelegen in de gemeente waar de arrondissementsrechtbank is.

In verband met het bovenstaande wordt het bepaalde onder 2a, 2b, 2c en 2d van bovengenoemde circulaire vervangen door het volgende:

2 Het opslaan e. deponeeren der inbeslaggenomen goederen:

a. De opsporingsambtenaren dienen bij inbeslagneming de goederen uitsluitend te deponeeren in de op bijlage I vermelde opslagplaatsen. Van de deponeering in de opslagplaatsen wordt aan den Voedselcommissaris onmiddellijk kennis gegeven door inzending van de vereischte kennisgevingen en van de beknopte processen verbaal van inbeslagneming. Daardoor kan de Voedselcommissaris eventueel direct maatregelen nemen tot verkoop van die goederen welke gezien de aard als sterk aan bederf onderhevig kunnen worden aangemerkt.

De verantwoording voor den opslag der goederen berust in die opslagplaatsen, alwaar geen pakhuisouder van den Provincialen Voedselcommissaris aanwezig is, bij den chef van de Economische afdeeling der gemeentepolitie, welke tevens belast is met het bijhouden van uniforme registers volgens bijlage II, waarin het verloop, de soort, aantal, gewicht enz. zal behooren te worden aangeteekend. Tevens is deze verplicht direct bij deponeering van de inbeslaggenomen goederen op daarop aan hem verstrekte formulieren (bijlage III) den provincialen Voedselcommissaris mededeeling van deze deponeering te doen, welke formulieren voorzien van een nummer van den provincialen Voedselcommissaris aan hem zullen worden teruggezonden. Daarna dient dan dit nummer in het register te worden ingevuld. Voorts dient hij op den eersten van iedere

(Onderaan):
Aan de Heeren Burgemeesters, Hoofdcommissarissen en Commissarissen van Politie in de provincie Noordholland.
Aan de Heeren Officieren van Justitie te Amsterdam, Haarlem en Alkmaar.
Aan den Heer Directeur der Centrale Crisis Controle Dienst te 's Gravenhage
(Ter kennisneming aan den Heer Secretaris-Generaal van het Departement van Justitie, de Heeren Commissarissen der provinciën Noordholland en Utrecht en de Heeren ambtgenooten).

(Kantlijnen en stempels):
Links:
OK / G 6/5
Afschrift voor Politie L.M. (2) Distrib. 1/5 42
OK vr. lezing 9/5-'42
(Verticale stempel Amsterdam): De Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en Schoonmaak-, Bad- en Zweminrichtingen stelt deze in handen van den Heer Directeur van het Marktwezen ter kennisneming. A'dam, 12 Mei 1942.

Rechtsonder:
Stempel: 8 MEI 1942 * Kernboodschap: De circulaire centraliseert het beheer van inbeslaggenomen goederen (voornamelijk voedsel) bij de Provincialen Voedselcommissaris van Noord-Holland. Dit moet de werkdruk bij de parketten en de Prijsbeheersing verlagen en verspilling (bederf) van goederen tegengaan.
* Logistieke aanpak: Er worden precies zeven centrale opslagpunten in de provincie aangewezen. Er wordt een strikte administratieve procedure voorgeschreven met uniforme registers en formulieren die door de lokale politie (Economische afdeling) moeten worden bijgehouden.
* Prioriteit: Er is specifieke aandacht voor "sterk aan bederf onderhevige" goederen, die door de Voedselcommissaris direct verkocht mogen worden om verlies van voedselvoorraden te voorkomen.
* Administratieve loop: De kantlijnnotities tonen hoe het document door de Amsterdamse gemeentebureaucratie bewoog, van de wethouder voor levensmiddelen naar de directeur van het Marktwezen. Dit document stamt uit mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en een streng distributiesysteem voor voedsel en andere essentiële goederen.

De "distributiewetten" en "prijsvoorschriften" waar het document naar verwijst, waren bedoeld om de schaarse voorraden eerlijk te verdelen en woekerprijzen op de zwarte markt tegen te gaan. In de praktijk leidde dit tot een enorme toename van economische delicten. De politie en de Centrale Crisis Controle Dienst (CCCD) namen op grote schaal goederen in beslag die buiten het officiële circuit werden verhandeld.

De noodzaak voor deze circulaire onderstreept twee zaken: enerzijds de enorme omvang van de inbeslagnames (waardoor de parketten overbelast raakten) en anderzijds de chronische voedseltekorten (waardoor het moreel onacceptabel was dat inbeslaggenomen partijen voedsel zouden bederven door bureaucratische traagheid). De Provinciale Voedselcommissaris was een cruciale functionaris in het nationaalsocialistische bestuurssysteem om de voedselvoorziening onder controle te houden.

Samenvatting

  • Kernboodschap: De circulaire centraliseert het beheer van inbeslaggenomen goederen (voornamelijk voedsel) bij de Provincialen Voedselcommissaris van Noord-Holland. Dit moet de werkdruk bij de parketten en de Prijsbeheersing verlagen en verspilling (bederf) van goederen tegengaan.
  • Logistieke aanpak: Er worden precies zeven centrale opslagpunten in de provincie aangewezen. Er wordt een strikte administratieve procedure voorgeschreven met uniforme registers en formulieren die door de lokale politie (Economische afdeling) moeten worden bijgehouden.
  • Prioriteit: Er is specifieke aandacht voor "sterk aan bederf onderhevige" goederen, die door de Voedselcommissaris direct verkocht mogen worden om verlies van voedselvoorraden te voorkomen.
  • Administratieve loop: De kantlijnnotities tonen hoe het document door de Amsterdamse gemeentebureaucratie bewoog, van de wethouder voor levensmiddelen naar de directeur van het Marktwezen.

Historische Context

Dit document stamt uit mei 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en een streng distributiesysteem voor voedsel en andere essentiële goederen.

De "distributiewetten" en "prijsvoorschriften" waar het document naar verwijst, waren bedoeld om de schaarse voorraden eerlijk te verdelen en woekerprijzen op de zwarte markt tegen te gaan. In de praktijk leidde dit tot een enorme toename van economische delicten. De politie en de Centrale Crisis Controle Dienst (CCCD) namen op grote schaal goederen in beslag die buiten het officiële circuit werden verhandeld.

De noodzaak voor deze circulaire onderstreept twee zaken: enerzijds de enorme omvang van de inbeslagnames (waardoor de parketten overbelast raakten) en anderzijds de chronische voedseltekorten (waardoor het moreel onacceptabel was dat inbeslaggenomen partijen voedsel zouden bederven door bureaucratische traagheid). De Provinciale Voedselcommissaris was een cruciale functionaris in het nationaalsocialistische bestuurssysteem om de voedselvoorziening onder controle te houden.

Kooplieden in dit dossier 78

Abraham Cosman plaatsgeld Mei.
A. van Velzen F.J. Beugel & Zn.
A. van Velzen Uilenburg N.Uilenburgerstr.
A. van Velzen huur Mei.
A. Wijnschenk Waterlooplein
B. Moffie 7 md = 583.33 —
B. Moffie J.H. ter Punt
B. Moffie Waterlooplein
B. Polak. Uilenburg Diezestr.10 / Tilanusstr.78
B. Thijn Uilenburg Wielingenstr.18 / Cillierstr.6
D. Appelboom huur Mei.
D. Appelboom Rapenburgerstr.185
E. Brasem Waterlooplein Waterlooplein 25 / Waterlooplein 25
E. Pach-Schellevis Uilenburg
Expediteurs(waaronder begrepen de overkruiers)
Gebr.Cosman Waterlooplein
G. Hagenaar Waterlooplein Vrolikstraat 56 / Retiefstraat 21
Gebr.Meents Uilenburg Amstellaan 57
C. Meentz 7 md 291.66 -
C. Meentz J.J. Griffioen
Gebr.Rodenburg Waterlooplein
H. Krant Waterlooplein Eemstr.60 / Eemstraat 9
H. Krant id.
H. Meents Waterlooplein Retiefstr.12 / Retiefstr.12
H. Meentz id.
H. Meentz 7 md 291.66
H. Meentz plaatsgeld:
H. de Rooy 7 md = 437.50 —
Alle 78 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6